De Aardappeleters, maar dan modern

Aan de kunstacademies studeren ook dit jaar weer honderden studenten af. Vandaag in deel 7 van een serie: Mattijs Bredewold van de kunstacademie CABK in Zwolle.

De mode om op examenexposities je werk te presenteren in hutjes en hokjes lijkt voorbij, maar Mattijs Bredewold doet er nog een schepje bovenop met zijn zelfgetimmerde schuur in de Zwolse kunstacademie. Dat het extreem zou worden, was te verwachten na het zien van zijn ontbijttafel in de gang erheen: een puinzooi van bierflesjes, een asbak vol peuken, spiegeltje met lijntjes coke en gympen op de vloer – alles van aardewerk! Net als het teiltje vol vieze vaat, een zakje friet-met en een vette worst, haastig geboetseerd van klei en kleurig geëmailleerd.

Uit het van vlonders, laminaat en ander sloophout gemaakte hok klinkt jaren-zestigblues van The Animals. Aan de openstaande deur hangt een doodshoofd boven twee hakbijlen. Binnen sta je in de werkplaats van een maffe pottenbakker. Een kast vol verfpotten, steeksleutels aan de muur, een boormachine en een zaag. Het wordt eentonig, maar alles is aardewerk, net als de kettingzaag, de wastafel, de handdoeken en zelfs de uit de Playboy gescheurde pin-ups aan de muur.

„Ik vond dat ik recht had op een werkplek waar ik mezelf mag zijn”, zegt Mattijs Bredewold (26). „In een schuurtje kun je het klimaat naar je zelf zetten en ontsnappen aan de sleur. De baas of de vrouw komt daar niet. Het is een boomhut voor volwassenen waar je aan je kont mag krabben en dat soort dingen.” Maar hij zegt ook dat hij zo het dagelijkse tot kunst heeft verheven.

Bredewold heeft op de academie vier jaar geschilderd. Het laatste half jaar ging hij plotseling met keramiek aan de slag. „Ik moest een stap maken, anders blijf je maar schilderen en dingetjes doen. Sinds december ben ik continu aan het kleien geweest. Ik schilder er nog bij, want ik wil me niet vastleggen. Ik wil alles doen, maar er is zo weinig tijd.”

Bij de ingang van de school hing als eyecatcher een groot schilderij van Bredewold: een blije zwerver op een bankje, geschilderd in de stijl van een Dick Bruna aan lager wal. „Hij let niet op wat andere mensen van hem vinden. Soms is het lekker om zelf zo te zitten.” Het past volgens hem bij het schuurtje, want het is ook alledaags. Net als de ontbijttafel (na de lange nacht ervoor). „Dat is De aardappeleters, maar dan modern.”

Bredewold heeft vaak kleine werkjes in de openbare ruimte achtergelaten, maar heeft daar nu genoeg van. „Streetart is veel te gehyped.” Het dagelijkse leven is zijn voorbeeld. „De junky bij de telefooncel, mijn vader en moeder en mijn vriendin, dat zijn mijn inspiraties. Het dagelijkse leven is een onuitputtelijke bron. In welke stijl ik verder ga weet ik nog niet. Het kan alle kanten op.”

Bredewold doet deze zomer toelating voor het Sandberg, de tweede fase van de Rietveld in Amsterdam. „En anders neem ik een jaartje rust of een nietszeggend baantje met een atelier ernaast.”

Inl: meneerbredewold.nl, www.artez-cabk.nl. Eerdere afleveringen op nrc.nl/kunst