Ahold houdt invloed op zijn ex-dochter

De kleine aandeelhouders van Schuitema zijn ontevreden. Op het oog krijgen zij hetzelfde bod als Ahold, maar dat blijkt voor dat geld nog wat extra’s te krijgen: inspraak.

Zo op het eerste gezicht hebben de kleine aandeelhouders van Schuitema half juni een volstrekt ongunstige beslissing genomen. Toen lag een bod voor op het supermarktconcern door de Britse investeringsmaatschappij CVC. Waarde: 26 euro per aandeel, bijna 30 procent hoger dan zij aan grootaandeelhouder Ahold had betaald voor zijn 73,2-procentsbelang.

De aandeelhoudersvergadering wees het aanbod van de hand. Hierdoor werd CVC gedwongen om een officieel bod uit te brengen voor die kleine groep beleggers die samen slechts 1,7 procent in het moederconcern van C1000 bezitten. Dat kwam eergisteren: het bod is geslonken tot ruim 20 euro per aandeel, bleek uit het biedingsbericht van CVC. Evenveel als CVC aan Ahold betaalde.

De overige 25,1 procent van de aandelen in Schuitema is door de stichting CKK – van gelieerde franchisenemers – voor een vriendenprijs aan CVC overgedragen.

Zoals te verwachten was, zijn de kleine beleggers niet tevreden met het nieuwe bod. De Vereniging van Effectenbezitters (VEB) kondigde direct aan naar de ondernemingskamer te stappen om te laten bepalen of die 20,11 een redelijk prijs is. „We kunnen de waarde van het bod niet goed beoordelen”, zegt Gerben Hettinga van de VEB.

Voor de VEB gaat het om meer dan om die 6 euro verschil – wat voor het gehele bod neerkomt op 3,5 miljoen euro. Een schijntje op de totale waardering van 950 miljoen die CVC volgens een betrokkene voor Schuitema heeft berekend. Er is, vermoedt de VEB, aan de kleine aandeelhouders niet dezelfde informatie verstrekt als aan de grote aandeelhouder (Ahold). Hettinga: „Wij kunnen er niet zonder meer van uitgaan dat wij een redelijke prijs krijgen, want we kennen niet precies alle details van de koopovereenkomst tussen CVC en Ahold.” Dat klopt, blijkt uit het in het Engels opgestelde biedingsbericht.

Ahold krijgt niet alleen geld van CVC voor zijn belang van ruim 73 procent – 185 miljoen euro – maar ook een deel van de winkelportefeuille. „Ongeveer 57”, vermeldt het biedingsbericht, de helft van de 117 eigen winkels. Daarnaast exploiteert Schuitema nog 326 winkels in franchise. Van die 57 winkels worden alleen de 3 grote Maxis-winkels in Ede, Muiden en Venlo met naam genoemd. De rest betreft C1000-filialen. Welke dat zijn, wordt niet genoemd. Een caissière van een vestiging in Amstelveen wist gisteren al wel te vertellen dat haar winkel een Albert Heijn gaat worden.

Details over omvang en omzet van die af te stoten winkels worden evenmin verstrekt. Dat is voor Schuitema, en Ahold, „concurrentiegevoelige informatie” kreeg de VEB al in juni te horen. Op deze basis meent de VEB niet te kunnen opmaken of de waarde van 262 miljoen euro die Ahold voor deze winkelportefeuille (inclusief een deel van het vastgoed) betaalt, reëel is.

Daarnaast bestaat er onduidelijkheid over de rechten die Ahold voorlopig bij Schuitema behoudt. Voor 50 miljoen euro verkrijgt Ahold een indirect belang van 20 procent, via preferente aandelen. Die geven volgens het biedingsbericht „certain arrangements”. Onder meer krijgt Ahold de komende drie jaar een vetorecht op eventuele fusies met of overnames van andere grote supermarktketens. Bij zo’n eventuele uitbreiding van Schuitema heeft Ahold eveneens bedongen dat het „een aantal” winkels van die aan te sluiten keten mag overnemen.

In het overnameakkoord tussen Ahold en CVC van eind juni, waarvan een deel in bezit is van deze krant, staan meer details hierover. Ahold heeft het recht op de overname van maximaal 36 winkels in het geval Schuitema de komende drie jaar een branchegenoot inlijft. Deze afspraak geldt voor alle ketens die groter zijn dan 40 winkels, maar met name wordt één bedrijf genoemd: ‘SdB’. Super de Boer.

Ook opmerkelijk van het akkoord tussen CVC en de grootaandeelhouders van Schuitema, is de rol van CKK. Dat is een aloude stichting van Schuitema die franchisenemers kredieten verstrekt. De stichting, waarin bestuurders van Schuitema en franchisenemers zitting hebben, houdt ruim een kwart van de aandelen in het moederconcern. Dat belang is door CVC op 177 miljoen gewaardeerd. Schuitema had de optie om voor de verkoop de stichting te liquideren en tegen de nominale waarde van 94.000 euro kunnen overnemen. Dan zou het, ten behoeve van de oude aandeelhouders, een boekwinst van 176 miljoen kunnen maken. Dat is niet gebeurd. En dus, zo stelt de VEB, is die premie ook aan de kleine aandeelhouders, door de neus geboord. Als CVC alsnog besluit de stichting op te heffen, kan het zelf die winst in de boeken schrijven.

Per saldo lijkt het erop de verkoop van Schuitema voor twee partijen een zeer gunstige is geweest. CVC krijgt de op één na grootste supermarktketen van Nederland in handen, en hoeft dat niet louter in contanten te betalen. Het waardeert het bedrijf op 950 miljoen euro, maar betaalt iets meer dan 270 miljoen.

Ahold krijgt niet alleen een zak geld mee, maar ook een flink aantal winkels, een optie op nog meer winkels in de nabije toekomst, en behoudt zo de controle over zijn leidende marktpositie in Nederland.