‘Wij zijn voor elkaar geschapen!’ riep hij

‘Soep”, zei de Duitse, en klapte de menukaart dicht. „Voor mij alleen soep, en een kleine salade. Geen zwaar eten voor mij. Wat ben ík moe. Uitgeput ben ik. Mijn hele lichaam doet pijn.”

We aten met z’n drieën in een Thais restaurant in Amsterdam: de Duitse, mijn Amerikaanse vriendin Claire en ik. Claires tijd in Europa was dit keer zo kort dat ze de reünies met dierbaren uit haar expat-jaren zoveel mogelijk in elkaar schoof. Voor dit etentje was de Duitse uit Brussel overgekomen, en ik uit Den Haag. Claire moest de volgende ochtend weer vliegen.

„Het is de Tim-situatie”, zei de Duitse. „Tim is slecht voor me. Ik moet met hem breken. Elk weekeinde dat ik bij hem in Londen ben vraag ik: Tim, wanneer ga je bij haar weg? Wanneer bén je er eindelijk voor me? Dan zegt hij weer dat die dingen tijd kosten, en dat hij niet zonder me kan. De schat. Ik moet met hem breken. Ah! De soep.”

Haar soep kwam, en onze curry. „Is dat kip?” vroeg de Duitse. „Even meeprikken. Oh! Mijn armen. Het komt door de verhuizing. Ik woon nu twee maanden in Brussel, en het is alsof ik het me eindelijk realiseer. Geen Zuid-Afrika meer. Geen Louis meer. Vlak voor mijn vertrek deed hij weer een aanzoek. De schat. Ik zei dat ik erover zou denken. Maar Louis benauwt me. Ik moet met hem breken.”

„Ik heb ook een aanzoek gehad”, zei Claire. „Van de Indiër. Hij belde me in Los Angeles, ik lag net te slapen in mijn hotelkamer. ‘Wij zijn voor elkaar geschapen!’ riep hij. Ik zei: ‘Weet jij wel hoe láát het hier is?’”

„Jetlag! Hou op”, zei de Duitse. „Ik ben van top tot teen jetlagged. Gisteren viel ik zomaar midden op de dag in slaap, op de bank. Ik werd wakker omdat de buurman aanklopte, Simon. Er bloeit iets tussen ons. Hij heeft mijn televisie voor me aangesloten. De schat. Maar hij komt op het verkeerde moment. Ik moet alles nog regelen voor mijn verjaardag. Ik vier het in Zuid-Afrika. De grote vier-nul! Als ik daaraan denk, raak ik in paniek. Waarom ben ik nog alleen? Waarom?”

Claire en ik zwegen. Wij wisten het ook niet.

„Ik denk dat ik zo moet gaan liggen”, zei de Duitse. „Ober! Heeft u ook wijn?”

Aaf heeft tot 11 augustus vakantie.

Lees de columns van Sandra op nrcnext.nl/sandra