Thaksin vervolgd voor hulp aan junta

Het Thaise Hooggerechtshof heeft vandaag besloten een nieuwe corruptiezaak te openen tegen oud-premier Thaksin Shinawatra. Volgens de aanklacht heeft hij in 2004, tijdens zijn premierschap, een staatsbank opdracht gegeven om zachte leningen te verstrekken aan de Birmese junta, zodat die satellietapparatuur kon aanschaffen bij Thaksins familiebedrijf. De Export-Import Bank of Thailand zou zo omgerekend dertien miljoen euro zijn verloren.

Thaksin werd twee jaar geleden met een militaire staatsgreep verdreven, na beschuldigingen van machtsmisbruik. Hij had het telecombedrijf Shin Corp verkocht aan een Singaporese investeringsmaatschappij, via een belastingvrije constructie die legaal was maar slecht viel bij een deel van de Thaise bevolking. De interim-regering die daarna aan de macht kwam besloot af te rekenen met corruptie op het hoogste niveau. Tegen Thaksin lopen nu vier corruptieprocessen. In de eerste zaak staan hij en zijn vrouw terecht voor machtsmisbruik bij de aanschaf van een stuk grond, de tweede betreft overtreding van de beursregels.

Maandag besloot het Hooggerechtshof om het hele kabinet-Thaksin, inclusief drie ministers die zitting hebben in de huidige regering, te vervolgen voor overtreding van de kansspelwet bij het opzetten van een nieuwe loterij.

Sinds enkele maanden zijn er in Bangkok straatprotesten tegen de huidige regering van de People’s Power Party, volgens velen het vervolg van de verboden partij Tai Rak Tai van Thaksin. Volgens tegenstanders probeert premier Samak om Thaksin weer aan de macht te krijgen en besteedt hij onvoldoende aandacht aan de economie. Door de protesten is de aandelenmarkt in twee maanden met 22 procent gedaald. Samak heeft aangekondigd binnen enkele dagen een aantal ministers te vervangen. (Reuters, AP)