Financiële sector te laks bij aanpak fraude

Financiële dienstverleners doen te weinig om de fraude met vastgoed in Nederland te bestrijden. Het toezicht op integriteit schiet tekort en de waarborgen om misstanden te voorkomen of traceren zijn in onvoldoende mate aanwezig.

Dat blijkt uit een analyse van zes strafrechtelijke onderzoeken in de vastgoedsector door het Financieel Expertise Centrum (FEC). Dit is een samenwerkingsverband van De Nederlandsche Bank, Autoriteit Financiële Markten, Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst en Openbaar Ministerie. Het onderzoek betreft strafbare feiten van verschillende omvang: enkele miljoenen tot tientallen miljoenen euro’s.

De hoofdconclusie van de onderzoekers is dat de strijd tegen fraude met vastgoed in Nederland tekortschiet. Zo hebben verzekeraars en pensioenfondsen geen goede controles om fraude aan het licht te brengen en zijn er zwakke plekken bij financiële instellingen en taxateurs, advocaten en notarissen. Deze dienstverleners zijn soms betrokken bij de fraude of bieden onvoldoende weerstand tegen de malafide handel van de sector. Er wordt teveel vertrouwd op de vastgoedhandelaren zelf.

Het onderzoek – en de publicatie ervan – is opmerkelijk, omdat de meeste van de zes onderzochte strafrechtelijke zaken naar eigen zeggen van het FEC nog voor de rechter moeten verschijnen. Het is niet duidelijk welke zaken het FEC heeft onderzocht. Een van de zaken betreft waarschijnlijk die rond het Philips Pensioenfonds.