Tempelconflict helpt de premier van Cambodja

De Cambodjaanse premier Hun Sen heeft een grotere verkiezingsoverwinning behaald dan verwacht dankzij nationalisme dat is aangewakkerd door het conflict over een hindoetempel met Thailand.

Zijn Cambodjaanse Volkspartij (CPP) heeft zondag volgens de eerste prognoses 91 van de 123 zetels in het Lagerhuis gewonnen, tegenover 73 in de afgelopen vijfjarige termijn. Hun Sen, sinds 1985 aan de macht en daarmee de langstzittende Aziatische regeringsleider, mag nu een nieuwe regering gaan samenstellen.

Oppositieleider Sam Rainsy heeft nieuwe verkiezingen geëist, omdat de CPP volgens hem stembusfraude heeft gepleegd. Hoewel er minder geweld was dan bij vorige stembusrondes, waren vrije en eerlijke verkiezingen ook ditmaal onmogelijk in Cambodja, zei Human Rights Watch.

De CPP heeft zo goed als volledige controle over de media, en oppositieleden worden voortdurend bedreigd en geïntimideerd. Op 11 juli werd de kritische journalist Khim Sambo vermoord.

Gisteren hebben Cambodja en Thailand gesprekken over het betwiste grondgebied van de elfde-eeuwse hindoetempel Preah Vihaer hervat. Unesco plaatste de tempel begin deze maand op de Werelderfgoedlijst, wat leidde tot woedende reacties van Thaise nationalisten. In 1962 oordeelde het Internationale Gerechtshof dat de tempel op Cambodjaans grondgebied ligt, maar over het 4,6 vierkante kilometer grote terrein eromheen deed het geen uitspraak. Thailand claimt dat gebied.

Cambodjaanse analisten denken dat de kiezers met een stem op Hun Sen mede hun steun wilden uitspreken voor de regering in het tempelconflict. Vorige week begon de lokale bevolking zich te bewapenen.

Beide landen stuurden troepen naar de tempel, waar het tot confrontaties tussen demonstranten en veiligheidstroepen kwam. Een eerste ronde van gesprekken tussen hoge militairen van beide landen strandde vorige week door onenigheid over de vraag welke landkaart moet worden gebruikt. (AP, Reuters, AFP)