Ruzie verlenging VN-missie Darfur

De mogelijke vervolging van de Soedanese president Omar al-Bashir door het Internationale Strafhof dreigt uit te lopen op een diplomatieke confrontatie tussen westerse landen enerzijds en Afrikaanse en Arabische landen, alsmede China en Rusland, anderzijds. De medestanders van Bashir zeggen dat zij niet instemmen met verlenging van de VN-vredesmissie in Darfur, de West-Soedanese crisisregio, indien de Verenigde Naties de vervolging van Bashir niet stoppen.

De VN-Veiligheidsraad moet uiterlijk donderdag beslissen over een Britse ontwerp-resolutie over verlenging, met een jaar, van het mandaat van UNAMID, de VN-missie in Darfur.

Zuid-Afrika en Libië, leden van de V-raad, eisten gisteren echter dat in de resolutie een paragraaf wordt opgenomen die verdere stappen van het Strafhof tegen Bashir met maximaal een jaar opschort. Zuid-Afrika en Libie zijn lid van de Afrikaanse Unie, de landenorganisatie die net als de Arabische Liga en China en Rusland – landen met een vetorecht in de V-raad – waarschuwen dat vervolging van Bashir schade berokkent aan het vredesoverleg in Soedan. Zij pleiten voor vervolging in Soedan zelf van de verantwoordelijken voor de misdaden in Darfur.

Westerse landen, waaronder de Verenigde Staten, Groot-Brittannië en Frankrijk, zeggen de kwestie-Bashir gescheiden te willen houden van de VN-missie in Darfur. De Amerikaanse ambassadeur bij de VN, Zalmay Khalilzad, zei gisteren dat de werkzaamheden van het Strafhof „niet gegijzeld mogen worden” door diplomatieke onenigheden.

Een eerder deze week uitgebracht rapport van een vijftigtal ngo’s omschrijft de VN-missie in Darfur als onmachtig en ontoereikend. UNAMID dreigt „de zoveelste gebroken belofte van de wereld te worden”, aldus het rapport van de Darfur Coalition. UNAMID, dat 26.000 blauwhelmen zou moeten tellen, bestaat uit slechts 9.000 manschappen. Het hoofd van UNAMID, Rodolphe Adada zei in een reactie het „eens” te zijn met de voornaamste conclusies van het rapport. (Reuters, AP, AFP)