Nieuwe aanval op Google

Groter, goedkoper en veiliger dan Google. De nieuwe zoekmachine Cuil is de zoveelste concurrent voor Google, maar wel één van ex-werknemers van het bedrijf.

De meeste internetgebruikers die gisteravond de nieuwe, gehypte zoekmachine Cuil wilden proberen, vingen bot. „Door overweldigende interesse staan onze servers op dit moment roodgloeiend”, meldde de site. „De zoekmachine is momenteel niet beschikbaar. Wij breiden onze capaciteit uit.” Wie wel doordrong tot Cuil (spreek uit: cool) zag een aparte vormgeving, drie kolommen in plaats van het bekende lijstje met resultaten, maar vond wel veel minder dan met Google. Zoeken met Cuil naar ‘Cuil’ geeft van alles, behalve informatie over de zoekmachine zelf.

Waarom dan toch die grote belangstelling? Na Powerset, Hakia, Quaero en alle andere zelfbenoemde ‘Google killers’ is Cuil (volgens de makers Gaelic voor ‘kennis’) wéér een nieuwe start-up die het ’s werelds grootste zoekmachine moeilijk wil maken. Cuil moet bovendien nog maar bewijzen dat het net zo veel geld kan verdienen met zoeken. Toch schreven The New York Times, Associated Press, The Guardian en veel andere media al over de nieuwe zoekmachine.

Die grote belangstelling komt mede door de oprichters. Cuil is een product van drie ex-medewerkers van Google en een voormalige zoekexpert van IBM. Bedenkers Anna Patterson en Tomàs Costello zijn man en vrouw. Terwijl Patterson nog voor Google werkte, bouwde haar man, inmiddels weg bij IBM, thuis aan een concurrent voor het bedrijf van zijn vrouw. Zonder dat zij er iets van wist.

Nog een reden waarom iedereen over Cuil schrijft, is hun belangrijkste claim: de zoekmachine noemt zich de grootste van de wereld. Cuil indexeert 120 miljard webpagina’s. Dat is volgens Cuil drie keer zo veel als Google (dat de links naar webpagina’s telt, en niet de pagina’s zelf weegt) en tien keer zo veel als Microsoft.

Vervolg Cuil: pagina 14

Cuil noemt zich ’s werelds grootste

Cuil

Vervolg Cuil van pagina 1

Google meldt al enkele jaren niet meer het aantal pagina’s dat het indexeert, maar onlangs maakte het bedrijf bekend dat de zoekmachine één biljoen (duizend miljard) pagina’s ‘kent’. Kennen is overigens iets anders dan indexeren. Google indexeert veel pagina’s niet, omdat daarop slechts oude, dubbele of versnipperde gegevens staan, aldus het bedrijf.

De claim van Cuil doet denken aan de zoekmachineoorlog van rond 2000. Lycos, Excite, AltaVista en andere, bijna vergeten zoekbedrijven zeiden om de beurt de grootste van het web te zijn. De teller met miljoenen geïndexeerde pagina’s onderin het beeldscherm leek voor sommige zoekrobots belangrijker dan de getoonde zoekresultaten.

Belangrijker dan de grootte is echter de relevantie van de zoekresultaten. Iemand die zoekt op ‘Tour de France’ wil niet heel veel wielerpagina’s, maar slechts de allerbeste zien. Veel internetgebruikers komen niet verder dan het eerste of tweede scherm met zoekresultaten, blijkt uit onderzoek. Hoe zoekmachines precies de relevantie bepalen van webpagina’s is zo geheim als het recept van Coca Cola. Van Google is in ieder geval de naam van het algoritme (de rekenformule) bekend, PageRank. Dat werkt volgens het principe dat een webpagina beter is naarmate er meer sites naar verwijzen. Hoe meer links hoe populairder. Daarnaast weegt het algoritme factoren mee als actualiteit en geografie.

De makers van Cuil zetten zich af tegen Google. Hun zoekmachine doet niet mee aan de populariteitspoll, zeggen ze, maar richt zich op de inhoud van pagina’s. Hyperlinks zijn minder van belang. Verder probeert men resultaten te clusteren. Wie zoekt naar ‘jaguar’ zou groepjes resultaten moeten krijgen: over het roofdier, de auto en de spelcomputer van Atari. Dat werkte vanochtend nog niet vlekkeloos: het roofdier ontbrak op de eerste pagina. Cuil presenteert de gevonden webpagina’s anders dan de bekendste concurrenten: in twee of drie kolommen, met plaatjes en meer tekst per resultaat. De vormgeving wordt vergeleken met een tijdschriftpagina.

Prijs en privacy noemt Cuil twee andere ‘unique selling points’. De zoekmachine is goedkoper, zeggen de makers. De hele dienst draaide op 1.400 (geschakelde) computers. Mogelijk heeft Cuil de afgelopen uren enkele servers bijgeplaatst. Het aantal gebruikte computers is in ieder geval laag in vergelijking met de concurrentie. Een slimme truc maakt dit mogelijk: Cuil bundelt gelijksoortige informatie op dezelfde servers. Een zoekvraag wordt zo dikwijls op één machine afgehandeld. Google verspreidt één vraag over een heel machinepark. Resultaten komen van tientallen servers.

Cuil maakt een groot punt van privacy. Wij slaan geen gebruiksgegevens op, aldus de oprichters. Wij houden niet bij wat u zoekt, vanaf welk internetadres en hoe lang u op de site bent. Google ligt juist onder vuur van privacybeschermers, omdat het bedrijf veel gegevens van zijn gebruikers bewaart. Naar eigen zeggen om alleen hun producten te evalueren. Onlangs dreigde Google-dochter YouTube gebruiksgegevens te moeten afstaan in een rechtszaak tegen Viacom. Het Amerikaanse mediaconcern zegt dat YouTube-gebruikers massaal het auteursrecht schenden van Viacom-dochters als MTV en Paramount.

Met name wegens de slechte naam die Google heeft op het gebied van privacy kan elke zoekmachine die zegt veiliger, beter en slimmer te werken dan de zoekgigant op bijval rekenen van de internetgemeenschap. Maar wordt Cuil echt een succes? Zoekexperts zoals de Amerikaan Danny Sullivan van Search Engine Land betwijfelen dat. De manier waarop Cuil indexeert is uniek noch revolutionair. Zoekmachines als Teoma en Hakia zijn beter in wat Cuil zegt te doen, schrijft Sullivan in een analyse op zijn site. De enige Google-killer die vooralsnog (financieel) geslaagd is, is Powerset. Microsoft kocht de site recentelijk voor miljoenen dollars. Powerset begrijpt zoekvragen in gewone-mensentaal. Van dure initiatieven als het Frans-Duitse Quaero is al lange tijd niks meer vernomen.

Het blijkt moeilijk om Google van de troon te stoten. De zoekmachine is ongekend populair. In Nederland zoekt meer dan 90 procent van de surfers met Google. In de VS is dat meer dan 60 procent. De capaciteit van het bedrijf is bovendien ongekend, in hardware en technici. Verder is Google al lang niet meer alleen de zoekmachine. Het bedrijf levert webmail, online kantoorapplicaties, agenda’s, boeken, et cetera. Klanten houden van zo’n geïntegreerde aanpak.

Maar misschien nog wel de belangrijkste reden voor Google’s succes is de timing. Het bedrijf kwam in 1998 op de markt toen andere zoekmachines snel achteruitgingen. De grote internetbedrijven investeerden niet of nauwelijks meer in hun zoekrobots. Er was met zoeken niks te verdienen. Google bedacht niet alleen een bijzondere manier om relevantie (of populariteit) te tellen, maar kwam ook met een economisch model voor zoekmachines. Met kleine tekstadvertenties gerelateerd aan zoekresultaten (later ook aan e-mails, bij Gmail) verdient men veel geld.

In het tweede kwartaal van dit jaar boekte het zoekmachinebedrijf een winst van 1,25 miljard dollar (788 miljoen euro), 35 procent meer dan in dezelfde periode vorig jaar. Cuil moet nog maar zien te bereiken wat zelfs grote concerns als Microsoft en Yahoo met miljoeneninvesteringen tot op heden niet is gelukt.

Links naar sites en de analyse van zoekexpert Danny Sullivan op nrc.nl/media. Praat mee over Cuil op nrc.nl/discussie.