Naar Afrika, vooral voor jezelf

Vrijwilligerswerk in het buitenland stijgt sterk in populariteit bij jongeren. Dat werk draait niet zozeer om hulp aan arme mensen. Het voornaamste doel is zelfontplooiing.

Als jonge Nederlandse vrijwilligers in Kenia worden verkracht, heeft niemand er belang bij dat naar buiten te brengen. Het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken had het stil willen houden. Een woordvoerder zegt dat het „niet aan ons is te vertellen wat er is gebeurd”. De tweede Keniase krant, The Standard, besteedde er niet meer dan drie zinnen aan. Incidenten als deze schrikken toeristen af.

De tientallen organisaties die jonge vrijwilligers werven en begeleiden hebben er zeker geen belang bij dit soort risico’s onder de aandacht te brengen. Ze zeggen vanochtend allemaal dat zij dit nooit eerder meemaakten.

Jongeren gaan na de middelbare school vaker vrijwilligerswerk doen in een ver, arm land. Daar betalen ze veel geld voor. Het aantal organisaties dat vrijwilligers werft en begeleidt is niet te overzien. Gingen jongeren een aantal jaren geleden vooral backpacken in Australië of Nieuw-Zeeland, of – nog langer geleden – werken in een kibboets, nu gaan ze weeskinderen helpen in Guatemala, Engelse les geven in Burkina Faso of assisteren in een ziekenhuis in Nepal. Ze doen dat niet alleen voor een betere wereld, maar ook voor zichzelf.

In 2004 meldden dertig vrijwilligers zich bij een van de bemiddelende organisaties, Vrijwillig Wereldwijd. Het afgelopen jaar tweehonderd. Ghana zit tot aan het eind van het jaar vol. Daarom stuurt de 27-jarige directeur van de stichting, Patricia van Aalten, de vrijwilligers zo veel mogelijk door naar landen als Oeganda of Burkina Faso.

Ze zegt dat het vooral jongeren zijn die zich melden, veel twintigers. Soms zijn ze naïef, depressief of veeleisend. Die jongeren – één op de vijf – laat ze niet gaan. Juist degenen die de wereld willen verbeteren raken teleurgesteld, krijgen heimwee en willen eerder terug, zegt ze. „Er zijn veel commerciële organisaties met grote kantoren en veel personeel die helemaal geen gesprek voeren met de vrijwilligers. Je vult op internet een formulier in en je mag gaan.”

Aan vrijwilligerswerk zoals in Kenia „kleven altijd gevaren”, zegt Buitenlandse Zaken. „Maar dat wil niet zeggen dat je het daarom maar niet moet doen. Het gaat ook heel vaak wél goed.” Wat in Kenia gebeurde, had overal kunnen gebeuren, zegt hij. Voor vrijwilligers geldt hetzelfde reisadvies als voor toeristen.

Vervolg Kenia: pagina 3

Fors betalen om hulp te leveren

Kenia

Vervolg Kenia van pagina 1

Activity International is een reisorganisatie die tegen betaling jaarlijks 1.600 vrijwilligers naar hulpprojecten stuurt. Een woordvoerder zegt dat de organisatie vrijwilligersprojecten over de hele wereld begeleidt, ook in Kenia. Een maand vrijwilligerswerk kost er 1.550 euro, exclusief vliegticket. Twee maanden 2.295 euro. Maar sinds de onlusten maakt niemand van deze reis gebruik, zegt ze.

Bij Vrijwillig Wereldwijd moeten vrijwilligers in Afrikaanse landen ouder zijn dan in andere landen. In 2006 verhoogde directeur Van Aalten de minimumleeftijd van 18 naar 20 jaar. „Vooral de meisjes zorgden niet zo goed voor zichzelf. Ze dronken niet goed en droogden dan uit. Als ze het eten niet lekker vonden aten ze niets. Dat kan gewoon niet in Afrika.”

Marcel Langenbach, hoofd van de afdeling noodhulp van Artsen zonder Grenzen, zegt niet te weten hoe vaak jonge vrijwilligers in verre landen in de problemen komen. Wel weet hij dat je niet naar dat soort landen moet gaan als je niet goed bent voorbereid. „Bij ons gaat niemand op veldmissie zonder een cursus van minstens twee weken, die is toegespitst op de veiligheidssituatie in dat land.”

Waarom willen jongeren eigenlijk na school vrijwilligerswerk doen in verre landen?

Mensen reizen meer en zien op internet hoe groot de problemen zijn in de wereld, zegt Marie-Trees Meereboer van Partos, de branchevereniging voor particuliere internationale samenwerking. Honger, armoede. „Ze gaan op vakantie, raken geraakt door wat ze zien en willen wat doen.”

De grote hulporganisaties werden de afgelopen jaren steeds groter, zegt ze en veel mensen voelen zich daar niet bij thuis. Ze willen zelf iets doen. „Steeds meer mensen gaan dan vrijwilligerswerk doen, beginnen een project of een stichting.”

Maar wat hebben weeskinderen in Afrika aan achttienjarige scholieren zonder ervaring? „In Ghana zitten tachtig kinderen in een klas. Je kan ze een beetje aandacht geven, meer niet”, zegt Patricia van Aalten van Vrijwillig Wereldwijd. De woordvoerder van Activity International: „Het gaat vaak om een extra helpende hand. Jongeren kunnen heel goed meehelpen tandenpoetsen in een kindertehuis. Er is natuurlijk wel lokaal personeel, maar die mensen hebben ook niet altijd tijd voor de begeleiding.”

Daarom moeten vrijwilligers zoveel betalen, zegt ze. Lokale hulporganisaties moeten geld en tijd vrijmaken om de Nederlandse jongeren op weg te helpen en te ondersteunen. „Het is geen ontwikkelingswerk zoals bij Artsen zonder Grenzen.” De hoofddoelstelling van Activity International is dan ook niet de wereld te verbeteren, maar jongeren het land te leren kennen. „Dat is ons voornaamste uitgangspunt.”