De rekentoets komt terug. De kritiek erop ook

Rekenonderwijs

De rekentoets komt terug, bepaalden de ministers van Onderwijs. Maar eerst moet het onderwijs beter, zeggen wiskundeleraren.

De verplichte rekentoets is voor de ministers een tijdelijke oplossing. Foto iStock

Rekenen komt terug op de eindexamenlijst van het voortgezet onderwijs, schreven de ministers van Onderwijs Ingrid van Engelshoven (D66) en Arie Slob (ChristenUnie) afgelopen vrijdag in een brief aan de Tweede Kamer. Het vak wordt voorlopig niet centraal geëxamineerd maar door de scholen zelf. De leerlingen hoeven niet meer dan een 4 te halen.

  1. Waarom een rekentoets?

    De rekenvaardigheid gaat in Nederland al jaren achteruit. Het vervolgonderwijs en de werkgevers klagen erover. De Inspectie van het Onderwijs ziet in haar rapportages een neergaande trend. Bij internationaal vergelijkende toetsen dalen de Nederlandse prestaties al sinds 2003. Om de problemen te verhelpen voerde toenmalig minister Marja van Bijsterveld (CDA) in 2013 een verplichte rekentoets in, voor alle typen middelbaar onderwijs. Uiteindelijk zou deze toets moeten meetellen voor het eindexamen.

  2. Wat ging er mis?

    Leerlingen van havo, mbo en vmbo bleken vaak te zakken voor de centraal geëxamineerde rekentoets. Leerlingen moesten ook wennen om zonder rekenmachine te werken. Alleen leerlingen van het vwo haalden goede resultaten. Daarom liet toenmalig staatssecretaris Dekker (VVD) later de rekentoets alleen meetellen voor het eindexamen vwo. Vorig jaar besloot minister Slob om de rekentoets ook voor het vwo niet meer mee te laten tellen.

  3. Wat is de oorzaak van die slechte prestaties?

    Het rekenniveau van de afgestudeerden van de lerarenopleiding pabo ging achteruit. Sommige leraren konden slechter rekenen dan de goede leerlingen uit hun groep 8. Er was ook veel kritiek op de toets zelf. De opgaven zouden te ingewikkeld en te talig zijn. Vanaf de jaren negentig is het realistisch rekenen ingevoerd waarbij sommen in de context van realistische situaties worden geplaatst. Leerlingen die goed in rekenen maar slecht in taal zijn, doen het dan minder goed. Ook moeten leerlingen sommen op hun eigen manier oplossen en niet met bijvoorbeeld een staartdeling.

  4. Wat wordt aan de slechte prestaties gedaan?

    De ministers van Onderwijs zien de herinvoering van de verplichte rekentoets in de vorm van een schoolexamen als een tijdelijke oplossing. De definitieve oplossing moet van een grote onderwijsvernieuwing, genaamd curriculum.nu, komen. Daar is grootscheeps overleg over aan de gang. Nu kunnen scholen de examinering laten aansluiten op hun eigen lessen. Ondertussen werken de ministers met de vertegenwoordigers van scholen en leraren aan een definitieve oplossing. Om het niveau van de pabo-studenten te verhogen, moeten zij nu aan het begin en het einde van hun opleiding rekentoetsen afleggen.

  5. Gaan deze oplossingen werken?

    Volgens Ebrina Smallegange, voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Wiskundeleraren niet. Beginnen met een rekentoets is de verkeerde volgorde, vindt ze: „We moeten het eerst over onderwijs hebben. Daarna komt de toets.”

    Lees ook: Rekenen wordt minder, taal gaat niet vooruit

    Volgens Smallegange moet in de onderbouw van havo en vwo het in de basisschool geleerde rekenen systematisch worden bijgehouden, terwijl in het vmbo een rekenvak voor iedereen verplicht moet worden. In alle schoolvakken moet meer aandacht komen voor het rekenonderdeel.

    De instelling van de toets had wel tot gevolg dat scholen meer aandacht kregen voor rekenen. Maar zodra de uitslag van de rekentoets niet meer meetelde voor het eindexamen, staakten sommige scholen hun inspanningen op dat terrein, hoort Smallegange van de leden van de vakvereniging.

    Smallegange wil de onderwijsvernieuwingsoperatie niet afwachten. Die gaat volgens haar ook niet over rekenen. Nú kan het rekenonderwijs al worden verbeterd, vindt ze.

    • Maarten Huygen