Volksheld met stalen zenuwen

Liu Xiang (25), olympisch en wereldkampioen horden, draagt bij de Spelen de last van een natie. China verwacht niet minder dan de gouden medaille van de voorbeeldigste aller atleten.

Icoon van het communisme, uithangbord van het kapitalisme. Zo dualistisch is de wereld van hordenloper Liu Xiang, de eerste Chinese atleet die zich kroonde met de triple crown – de wereld- en olympische titel in combinatie met het wereldrecord.

Liu Xiang is samen met basketballer Yao Ming, ster bij Houston Rockets in de Amerikaanse profcompetitie NBA, de exponent van het ‘nieuwe sporten’ in China: de eer van het vaderland verbinden met de geneugten van lucratieve contracten. Leden van het Chinese politbureau verkneukelen zich al bij de gedachte dat Liu Xiang straks goud wint bij de Olympische Spelen in ‘hun’ Peking, evenals zijn Amerikaanse sponsors Nike, Nutrilite, Cadillac en Coca-Cola, die op de Chinese groeimarkt dan gouden bergen zien oprijzen.

Voorbij zijn de tijden dat de Chinese sportautoriteiten bepaalden wie naar internationale kampioenschappen werden afgevaardigd en wie naar de strafkampen werd gestuurd. De structuur van de sportopleiding is niet veranderd, maar de repressie heeft plaatsgemaakt voor humaniteit. Toppers hebben op de sportinternaten een eigen kamer met computer en internet, krijgen steeds vaker toestemming naar het buitenland te gaan, treden op in commercials en mogen sponsorcontracten tekenen.

De Chinese leiders zien in dat sporters van de buitencategorie het land erkenning geven en economische voordelen bieden. Minister van Sport Liu Peng heeft het grote belang van succes op de Olympische Spelen onderstreept door enige jaren geleden te verklaren dat de Chinese sporters zich erop moesten voorbereiden als op een oorlog. In de zucht naar gouden medailles zijn vooral de verwachtingen rond Liu Xiang huizenhoog gespannen. En voor de autoriteiten kan hij fungeren als bliksemafleider voor gevoelige items als Tibet en de mensenrechten.

De status van de hordenloper laat zich in China het best vergelijken met de idolatrie rond The Beatles in de jaren zestig. Zijn populariteit maakt voor Liu Xiang een rustige verschijning in het openbaar onmogelijk; naast bewonderende blikken wordt hij dan vrijwel letterlijk bedolven onder hysterisch gillende meisjes. De atleet is volksheld en sekssymbool tegelijk. Zijn trainingen, afwisselend in Shanghai en Peking, kan Liu Xiang alleen nog maar achter gesloten deuren afwerken. De populaire atleet leeft als een goudvis in een kom.

Zou Liu Xiang een tafeltennisser of schoonspringer zijn geweest, dan had China niet opgekeken van zijn prestaties. In die sporten is de Chinese dominantie vanzelfsprekend. Maar de enige zoon van een vrachtwagenchauffeur en serveerster uit Shanghai blinkt uit in atletiek, de mondiale sport waarin China een marginale rol speelt. Liu Xiang is zelfs de eerste Chinese atleet die olympisch kampioen werd. Zijn winnende race bij de Spelen van vier jaar geleden in Athene transformeerde hem tot idool en nationale knuffelbeer. De meest recente populariteitspoll onder Chinese jongeren tussen de 8 en 24 jaar bevestigde dat beeld. Liu Xiang stond daarin met stip op één, gevolgd door de basketballer Yao Ming en de in China razend populaire Engelse voetballer David Beckham.

Als het aan moeder Ji Fenhua had gelegen, zou China in 2004 zijn eerste olympisch hordenkampioen zijn onthouden. Zij zag dertien jaar geleden niets in de gang van haar zoon naar de atletiekbaan. Ji Fenhua vreesde inflatie van zijn goede schoolprestaties. En atletiek? Welke Chinees blonk daarin uit? Niemand, toch? Aangemoedigd door vader Liu Baogen – ‘hij heeft toch lichamelijke oefening nodig’ – ging hij toch. Maar als hoogspringer bleek Liu Xiang geen hoogvlieger. Pas nadat de lokale hordentrainer Sun Haiping hem over hindernissen zag rennen werd zijn talent herkend. Tot verbazing van Liu Xiang, die zijn eerste keus had laten varen en het hordenlopen uitprobeerde als alternatief voor hoogspringen. The rest is history.

Hoewel Sun Haiping zijn techniek in het begin als rampzalig kwalificeerde, zag hij wel Liu Xiangs aanleg voor een stijl die de Amerikaanse oud-hordenloper Renaldo Nehemiah later als uitzonderlijk zou omschrijven. „Zijn kracht schuilt in de hordentechniek. Liu Xiang is niet bijzonder snel, maar loopt zonder angst om te struikelen; hij blijft de gehele race ontspannen.” Nehemiah was van 1979 tot en met 1989 wereldrecordhouder op de 110 meter horden.

Als sporter in bonus – zijn jaarlijkse inkomsten uit sponsorcontracten worden, zelfs na aftrek van 50 procent bijdrage aan de staat, op minstens vijf miljoen Amerikaanse dollar geschat – blikt Liu Xiang zijn landgenoten in grote steden vanaf billboards toe. Hem op de atletiekbaan bewonderen is aan een bevoorrechte groep Chinezen voorbehouden, omdat een stadion met Liu Xiang op de startlijst in een mum van tijd is uitverkocht. Dat gebeurde ook bij de kaartverkoop voor de Olympische Spelen; iedereen wil erbij zij als Liu Xiang op donderdagavond 21 augustus om 21.45 uur (15.45 uur in Nederland) wordt weggeschoten voor zijn gouden race. Althans, heel China rekent op niet minder dan de olympische titel, ook al is de concurrentie moordend en heeft de Cubaan Dayron Robles recentelijk het wereldrecord van Liu Xiang met eenhonderdste seconde aangescherpt tot een tijd van 12,87 seconden.

Denkend aan Liu Xiang vervalt Jos Hermens in lyriek. Hij kreeg diens volledige medewerking toen de Nederlandse atletenmanager drie jaar geleden de opdracht had aangenomen in Shanghai een internationaal aansprekende atletiekwedstrijd op te zetten. „Een fantastische jongen die altijd hartelijk is, ook al is door zijn belabberde Engels nauwelijks een gesprek te voeren. Een goeie gast met een positieve uitstraling. En als sportman niet bang voor concurrentie, hè. Hij wil in Shanghai altijd tegen de besten lopen. Hij heeft ook stalen zenuwen. Vorig jaar werd hij in Osaka wereldkampioen na een slechte start in de ongunstige baan acht. Indrukkwekkend vond ik dat. Jaaah, ik ben een fan van Liu Xiang.”

Hermens raakt niet uitgesproken over de menselijkheid van de enige atleet van wie in zijn geboorteplaats Shanghai een bronzen standbeeld staat. „Al hebben we hem in aanloop naar de Shanghai Meeting in vijf persconferenties nodig, Liu Xiang komt opdraven. En na het WK onderbrak hij vorig jaar een rustperiode om in Shanghai te lopen. Geloof me, iedere andere atleet zou alleen aan zichzelf denken. Het toont de warmte die hij ook altijd uitstraalt. Onmiddellijk na zijn wereldtitel in Osaka werd hij bedolven onder verslaggevers, maar toen Liu Xiang mij zag staan nam hij even de tijd voor een omhelzing. Normaal vind ik dat de beste moge winnen, maar in Peking heeft hij bij mij een streepje voor.”

Wat je ook leest, wie je ook spreekt, geen kwaad woord over Liu Xiang. Hij wordt afgeschilderd als een voorbeeldig mens. De meest negatieve eigenschap die naar buiten komt, lijkt zijn hang naar een mondain leven te zijn, bij voorkeur in gezelschap van filmsterren. In China leidt dat tot discussies over zijn privéleven, zonder dat overigens sprake is van smeuïge affaires. De vrijgezelle sportman schijnt zich, ook in gezelschap van verleidelijke vrouwen, voorbeeldig te gedragen.

Liu Xiang heeft het bestaan van een Chinese sporter naar een nieuwe standaard getild. Indachtig de betekenis van zijn naam – spreid je vleugels om te vliegen – is hij losgekomen van een verstikkend sportsysteem. Maar zijn loyaliteit aan China is voor Liu Xiang vanzelfsprekend, ook al heeft het saldo van zijn bankrekening hem vervreemd van het gelijkheidsbeginsel. Volgens ingewijden is de hordenloper er niet door veranderd. Hij blijft de persoon, wordt gezegd, voor wie materiële tevredenheid ondergeschikt blijft aan spirituele genoegdoening. Waarmee Liu Xiang tijdens de Olympische Spelen ook de weerspiegeling van de Chinese ziel is.