Via de windtunnel naar Parijs

De 95ste Tour de France wordt vandaag in de tijdrit beslist. De teams laten niets aan het toeval over en investeren veel geld in een speciale tijdritfiets, met tests zoals in de Formule 1.

Met de haren wapperend in de wind en op een gewone racefiets ging Laurent Fignon op 23 juli 1989 de strijd aan in de afsluitende tijdrit van de Tour de France. Hij had 50 seconden voorsprong op de Amerikaan Greg LeMond, voor 24,5 kilometer van Versailles naar Parijs. Met het geel om de schouders en de steun van het Franse publiek, wat kon Laurent Fignon nou gebeuren?

Zijn tegenstander liet helemaal niets aan het toeval over. Een dicht achterwiel, een aerodynamische helm, een speciaal ontworpen fiets met lage zithouding. LeMond raasde met een gemiddelde snelheid van 54,545 kilometer per uur richting Place de la Concorde, 58 seconden sneller dan Fignon. Voor de Amerikaanse ambassade mocht LeMond het belangrijkste, want laatste geel van de Tour aantrekken. Fignon lag op de kasseien van Parijs, uitgeteld.

Dat zal Carlos Sastre, Cadel Evans, Frank Schleck of Denis Menstjov vandaag niet gebeuren, in de 53 kilometer tussen Cérilly en Saint-Amand-Montrond. Want na twee ritten door de Pyreneeën en drie tochten over zware Alpencols, na 3.362,5 van de 3.559,5 kilometers in 19 etappes, wordt de drie weken durende Tour toch weer in het laatste weekeinde beslist. En dan laten de renners en hun mecaniciens niets aan het toeval over, sinds de les van 1989.

De belangrijkste dag uit zijn wielercarrière, zo bestempelde Sastre gisteravond de tijdrit van vandaag. Vanochtend vroeg verkende hij samen met ploegleider Bjarne Riis het parcours. Dat er enkele lichte hellingen in zitten, kan in Sastres voordeel zijn. „Het geel om mijn schouders geeft alleszins vertrouwen”, aldus Sastre. En ook altijd handig: hij vertrekt als laatste en weet welke tijd hij moet neerzetten om morgen het geel naar de Champs Elysées in Parijs te brengen.

Sastre verdedigt het geel op een tijdritfiets van Cervélo. Dat bedrijf werd dertien jaar geleden opgericht door twee ingenieurs, de Australiër Phil White en de Nederlander Gerard Vroomen, om speciale fietsen voor triatleten te bouwen. Sinds 2003 is Cervélo ook de fietsleverancier van CSC en werken de twee partijen nauw samen. Alejandro Torralbo, een van de mecaniciens, vloog net voor de Tour naar San Diego om daar twee extra dagen te testen in windtunnels. „Van zeven uur ’s ochtends tot elf uur ’s avonds, met Carlos, zonder zeuren, want hij weet hoe belangrijk dit is”, zegt Torralbo.

In vergelijking met de fiets uit de Dauphiné Libéré is de voorvork nog iets veranderd, en zal Sastre iets horizontaler op de fiets liggen. Ook Frank Schleck rijdt met de aangepaste Cervélo. Er werd zelfs een ingenieur van het Formule 1-team van Ferrari overgevlogen naar de Verenigde Staten om de aerodynamica van de fiets te beoordelen. „Hij heeft nog wat details aangegeven maar was wel onder de indruk”, glundert Torralbo.

Ook Bart Leysen, de voormalige knecht van Johan Museeuw en nu hoofdmecanicien van Silence-Lotto, heeft een paar dagen testen in de windtunnel achter de rug. Silence rijdt met het Belgische merk Ridley, de eerste fabrikant die een fiets volledig uit carbon maakte. Evans rijdt de tijdritten in de Tour met de nieuwe Dean, ook een fiets uit één stuk, wat zorgt voor minder krachtverlies. De fiets heeft een eigen website: thefastestbikeintheworld.com. De voorvork van de Dean blaast de wind terug, zodat er geen tegenwind wordt gemaakt, en het achterwiel is helemaal ingekapseld. Het kostte ongeveer 1 miljoen euro om de fiets te ontwikkelen, schat Leysen.

Volgens de mecanicien is de Dean met 6,8 kilo de lichtste fiets in de Tour, en zeker de snelste. Met een wat zwaarder stuur en snufjes zoals de snelheidsmeter weegt de fiets de verplichte minimum 7,3 kilo. Om de tweewieler te monteren en af te stellen heeft Leysen ruim tweeënhalf uur nodig, dubbel zo lang als bij een normale racefiets. „Het is dan ook een technologisch hoogstandje, iedereen is onder de indruk.” Maar of Evans er ook de Tour mee wint? „Je wint er op deze afstand toch al snel dertig seconden mee”, meent Leysen. „Genoeg om de Tour te winnen.”

Denis Mentsjov probeert voor de zege te gaan op een fiets van Colnago, ongeveer hetzelfde model waarmee hij in 2007 de tijdrit in de Vuelta won. „Nieuw aan deze fiets zijn de smalle achterwielen, de as is 11 centimeter in plaats van 13. Ook de trapas is twee centimeter smaller. Verder zit er elektronische schakeling op, zowel in liggende positie als bij het remmen. Hij weegt ongeveer 8,5 kilo, bij een vlakke tijdrit hoeft hij qua gewicht niet op de limiet te zijn. Als hij maar voldoende strak is, zodat de renner het gevoel heeft dat hij zijn energie kan overbrengen”, zegt Ruud Beurskens, de mecanicien van Rabobank.

Ook de fiets van Mentsjov werd getest op aerodynamica in windtunnels, wat honderdduizenden euro’s kost. Tijdens een test op de wielerbaan van het Duitse Büttgen bleek Mentsjov ook sneller te gaan dan vroeger. Daarom is Beurskens niet bang van de ‘fiets van 1 miljoen’ van Evans. „Ze roepen ook dat het 30 seconden tijdwinst oplevert. Maar hoe meet je dat? Alles hangt er van af of de renner zich goed voelt of niet. Ik denk dat de fiets van Denis minstens zo goed, zo niet beter is dan die van Evans.”

De vorm van de dag, een lekke band, een valpartij kunnen vandaag beslissen over winst en verlies in de Tour. Twee jaar geleden verloor Sastre slechts een minuut op Evans over een vergelijkbare afstand. Als hij daar vandaag opnieuw in slaagt, wint hij de Tour. Aan de fietsen zal het niet liggen.