Langs de Wolga (3): In het dorp

poetin_tv_ap.jpgIn de industriestad Rybinsk staat op het centrale plein een standbeeld van Lenin met een bontmuts op. Die variant heb ik in Rusland nog niet eerder gezien. Op de lokale televisie was nog iets interessants te zien: als het over Poetin ging, zei de nieuwslezer niet meer ‘premier Poetin’, maar slechts ‘Vladimir Vladimirovitsj Poetin’. Alsof er geen moeite meer hoefde te worden gedaan om te verhullen wie de enige echte baas in het land is.

Rybinsk was het armoedigste plaatsje dat we tot dusver tijdens onze Wolga-reis hebben aangedaan. Vervallen straten met kapotte huizen, en natuurlijk, zoals overal in het Rusland van Poetin, een opgeknapte hoofdstraat met een paar winkels waar je flatscreen televisies en stereoapparatuur kunt kopen.

12ED4047.JPGNadat we er een reportage voor de krant hadden gemaakt over het ondergelopen land van Mologa, reden we terug naar Oetsjma, het dorp van onze vriendin Masja. Oetsjma is een pittoresk dorp, zoals er zoveel zijn langs de Wolga. Het is alsof er nooit iets verandert, zo mooi is het er.

Twee dagen lang waande ik me er in een verhaal van Tsjechov. Vooral ‘s avonds, als de zon in de verte onderging en de rivier van een rozerode lucht werd voorzien, was de wereld er bijna onwerkelijk. En als buurman Grisja dan ook nog eens op zijn trekharmonica begon te spelen en de weemoed over het veld trok, was het gevoel van het melancholieke Russische platteland compleet.

12ED4080.JPGIn Oetsjma is het leven primitief. Je wast je in de banja in de tuin, waar ook het poephuisje staat. En in het huis zelf liggen de kamers rondom de grote gemetselde kachel, waarop je, zoals in de verhalen van Gogol, kunt slapen.

,,Weet je dat Grisja zeven jaar in de gevangenis heeft gezeten?” zei Masja toen ze lamsvlees van het vuur haalde. ,,In een vlaag van dronkenschap heeft hij zijn zoontje van acht maanden gedood. Op een avond kwam hij in een delirium mijn huis binnenstormen en zei hij: ‘Ik ga hem vermoorden’. Wat hij de volgende dag ook deed. Maar hij heeft daarna boete gedaan en is een uitstekende kerel.”

In Oetsjma is Grisja een van de weinige mannen van onder de vijftig. De meeste van zijn leeftijdgenoten liggen namelijk al op de begraafplaats. Ze hebben zich doodgezopen, zoals zoveel mannelijke dorpelingen die zich vervelen omdat ze zonder werk zitten sinds de kolchozen failliet zijn.

Hun vrouwen overleven hen vaak met een halve eeuw, wat in Oetsjma overal te merken is. En als die vrouwen op hun beurt eenmaal overlijden en ze geen kinderen hebben, worden hun huizen door Moskovieten opgekocht, die er hun datsja van maken.

Tegenover Masja woont zo’n Moskovitisch echtpaar. Iedere zomer brengen ze in hun nieuwe huis door. Het zijn beschaafde, hartelijke mensen, die in korte tijd in de dorpsgemeenschap zijn opgenomen.

Naast Grisja woont een doorgedraaide Afghanistan-veteraan, die nogal eens zijn geweer in de tuin wil leegschieten. Ook aan hem is het dorp inmiddels gewend. Sowieso zijn de onderlinge saamhorigheid en tolerantie groot in het Russische dorp. Iedereen helpt elkaar en heeft begrip voor elkaars verleden en moeilijkheden.

Ook is het er makkelijk overleven als je slechts een mager pensioen hebt, zoals de meeste oudere Russen. ,,Want alles haal je uit je eigen tuin”, zei Masja. ,,Je hoeft alleen af en toe wat vlees te kopen.”

Op weg naar Vasja, de boer die ons met zijn tractor uit de modder heeft getrokken, passeerden we het huis van de lokale pope, een ex-monnik die in het dorp een kerkje heeft opgericht om de gelovigen te bedienen. ,,De bouwvakkers waren zich de hele dag aan het bezatten”, vertelde Masja toen we er langs liepen. ,,Als ze de fles eenmaal ophadden, klommen ze gewoon het dak weer op om verder te gaan met hun werk. In het grasveld lag een van hen voor pampus. Toen ik hem vroeg naar zijn rol in het bouwproces , zei hij: ‘Ik ben hun chauffeur, ik hoef hen straks alleen maar terug te brengen naar de stad.’ “

De pope bleek ook een geval apart. Soms komt hij op zondagen helemaal niet opdagen als zijn kerk vol zit. ,,Dan heeft hij zich verslapen of is hij dronken”, zei Masja.

Lachend haalde ze er haar schouders over op. Ze maakt zich namelijk veel meer zorgen over de projectontwikkelaars, die aan de rand van het dorp een soort Sporthuis Centrum vakantiepark aan het neerzetten zijn. ,,Het is illegaal wat ze daar doen”, vertelde ze. ,,Maar toen de ambtenaren de boel kwamen inspecteren, zijn die afgekocht. En sindsdien gaat de bouw gewoon door.”

Op een veld prijken zo’n tien lelijke, onaffe Finse prefabhuizen. Het hele zichtsveld vanaf de Wolga wordt erdoor verpest. ,,We zijn nu bang dat het dorp over een paar jaar teloor gaat”, zei Masja. ,,Met lawaaiige Nieuwe Russen die de prijzen opjagen, die de afgelopen jaren toch al zijn vertienvoudigd tot 15.000 euro per hectare.”

Vasja doet intussen zijn best de erfenis van het dorp te behoeden. Uit eigen zak heeft hij een museum over het dorpsleven ingericht. Ook zijn huis is het toonbeeld van een traditionele boerenwoning. Hij heeft het eigenhandig gebouwd. Net als de kapel op de andere oever van de rivier, ter nagedachtenis van het klooster dat er tot in de Sovjettijd stond en in de jaren dertig als concentratiekamp diende.

Maar het allermooist is nog dat hij zich met zijn vriendin ontfermt over de tienjarige Sasja, het dochtertje van twee Moskouse alcoholisten die uit de ouderlijke macht zijn gezet. Sasja woont nu tijdelijk bij haar grootmoeder in het dorp, maar Vasja en zijn vriendin overwegen haar te adopteren. Sasja zelf hangt de hele dag bij hen rond, al is ze onlangs met haar grootmoeder naar Moskou geweest en voelt ze zich sindsdien een hele dame. (Foto’s Oleg Klimov)