Eerlijke, oprechte excuses

Wie staat er voor de rechter en waarom? Twee mannen die in een café ruzie kregen, zijn nu weer goede vrienden.

Ze zijn weer vriendjes, fluistert de officier van justitie tegen de rechter. De vriendjes komen binnen in de rechtszaal in Amsterdam. Ridgie (52) in spijkerpak, met krullend kroeshaar in een paardenstaart. Robert (56), fors en groot in een beige zomerpak. Achter hen een magere, blonde vrouw. Een wederzijdse vriendin.

Ridgie, de tengere van de twee, mag plaatsnemen in het verdachtenbankje. Hij zou Robert, nu alweer anderhalf jaar geleden, in een café van zijn barkruk af hebben geslagen. Klopt, zegt Ridgie. „Ik heb hem een douw gegeven. Maar we hebben het uitgepraat, ik heb mijn excuses aangeboden. Toen dronken we een biertje samen en nu is alles weer goed.”

De rechter pakt er de aangifte van Robert nog eens bij, plus de getuigenverklaringen van de barvrouw en een bezoekster van het Amsterdamse café. Ze leest voor: vuistslagen, stompen in het gezicht, op de slaap. Dat klinkt, zegt ze, wel wat anders dan een douw. De barvrouw, die het zag gebeuren, vond het in elk geval nodig de politie te waarschuwen. Ze voerden Ridgie met boeien af naar het politiebureau. Daar wil Ridgie nog iets over zeggen. Hij werd, zegt hij, uitgebreid gefouilleerd voor hij de cel inging. „Toen zeg ik tegen die agent: u doet uw werk niet goed.” Bij de fouillering was het mes in Ridgies broekriem niet opgevallen. „En toen ik na vier uur werd vrijgelaten, kreeg ik mijn mes gewoon weer mee.”

En wat u betreft, vraagt de rechter aan Robert, is voor u de zaak ook afgedaan? Nou en of, haast Robert zich te zeggen. Ridgie was gewoon even kwaad. „Maar hij heeft zijn eerlijke en oprechte excuses aan geboden. We gaan weer als volwassenen met elkaar om.”

De blonde vrouw die naast Robert zit, fluistert hem wat in het oor. Ja, ja, inderdaad, roept Robert. Hij wendt zich tot de rechter. Nu we het er zo over hebben, zegt hij, gaat er ineens weer een lichtje bij me branden. Hij doet voor hoe Ridgie hem duwde. Met de vlakke hand geeft hij zichzelf een duw op zijn linkerwang, en klapt in slow motion zijn hoofd achterover. „En toen viel ik van de kruk af.” Hij kijkt erbij alsof dat zijn eigen stomme schuld was.

Zou u dit verhaal ook nog eens als getuige willen vertellen, vraagt de rechter aan Robert. Met het verhaal van Robert kan ze niks. Ze kan er wel wat mee als hij getuige is, omdat een getuige moet beloven de waarheid en niks dan de waarheid te vertellen. Robert legt de belofte af en vertelt het verhaal opnieuw. Maar als het allemaal niet zo erg was, vraagt de rechter, waarom deed u dan aangifte en sprak u bij de politie over vuistslagen? Ineens is het lichtje van Robert wat minder helder. Het is al anderhalf jaar geleden gebeurd, eigenlijk weet hij het niet meer zo precies. Maar wat meespeelde, is dat hij net een hoornvliestransplantatie achter de rug had. En dat iemand maar naar zijn gezicht hoefde te kijken, en dan werd hij al bang. Dus misschien heeft hij een klein beetje overdreven toen.

Ridgie heeft een transactie aangeboden gekregen van 330 euro. Die heeft hij niet betaald. We zijn, zegt Ridgie, samen aan tafel gaan zitten en hebben besloten dat ik niet zou betalen. We waren het eens dat er niks aan de hand was en dat we dat aan de rechter moesten vertellen.

Ridgie is twee keer eerder met justitie in aanraking geweest. Een keer voor rijden onder invloed, en hij heeft vijftien maanden gezeten voor vrijheidsberoving. Af en toe neemt hij wel eens een snuifje. De officier van justitie vindt, ondanks de verklaring van Robert nu dat het wel meeviel, dat mishandeling bewezen kan worden. Ze eist, alsnog, 330 euro. Ridgie begint al boos te worden. Hij zegt dat de hele kwestie tijdverlies is. En al die dure uurlonen die eraan besteed worden, zijn ook zonde. Dan komt de rechter met haar oordeel. Zij vindt het ook mishandeling. Mishandeling in een openbare setting, waardoor het onaangenaam was voor de mensen eromheen. En had Ridgie er weleens aan gedacht dat de val van de barkruk heel vervelend had kunnen aflopen? Een kleine korting wil ze hem wel geven. Omdat de ruzie is opgelost, wordt de boete 150 euro.