Altijd lastig, zo’n prestigieus gymnasium

Onlangs vertrok de rector van het Erasmiaans Gymnasium in Rotterdam. Interne conflicten komen vaker voor op gymnasia dan op andere schooltypen, zeggen kenners.

Een menselijk drama, zeggen de docenten. Een conflict dat zeer complex is, en dat diep in de school zit, zegt het bestuur. De interne verhoudingen zijn ernstig verstoord, zegt een extern onderzoeker.

Ze hebben het over de problemen op het prestigieuze Erasmiaans Gymnasium in Rotterdam. De financiën zijn op orde, de schoolresultaten goed en er zijn zoveel aanmeldingen dat er een eerste klas bijkomt, komend jaar. Toch ging deze maand rector Margriet Berkhout weg. Ze is „toe aan een nieuwe uitdaging”.

Er was ruzie op de school. Tussen opstandige docenten en de schoolleiding. De leiding op haar beurt was intern verdeeld omdat één van de conrectoren de opstandige docenten steunde. Maar bovenal waren er veel persoonlijke irritaties. Tijdens een ceremonie met leerlingen en ouders in de Laurenskerk in Rotterdam deze maand, lazen docenten een brief voor waarin ze vertelden over de problemen.

Altijd lastig, een gymnasium leiden, zeggen (oud-)rectoren van gymnasia. Interne conflicten komen op gymnasia vaker voor dan op andere schooltypen, en ze zijn lastiger te beteugelen, is hun indruk. Het Barlaeus-gymnasium in Amsterdam had twee keer een crisis, in 1991 en in 1997, waarna twee rectoren opstapten. ‘Het Vossius’ in Amsterdam had problemen in 1991. En ook de vorige rector van het Erasmiaans, Lex Werdekker, die de school leidde van 1983 tot 2000, vertrok nadat hij ziek was geworden van conflicten op school.

Om de drie jaar vertrekt er wel een rector van een gymnasium, al dan niet uit eigen beweging, zegt Janita Rutgers, secretaris van het landelijk steunpunt zelfstandige gymnasia en voormalig rector van een gymnasium. Docenten op een gymnasium zijn vaak hoogopgeleid, en laten zich niet snel de wet voorschrijven. „De meesten vinden dat ze professionals zijn die geen aansturing behoeven.”

Docenten van een gymnasium zijn eigenwijzer, zegt Marten Elkerbout, rector van het Barlaeus gymnasium. „Ze kunnen zelf nadenken. Daar kies je ze ook op uit. En omdat er relatief weinig problemen met leerlingen zijn op gymnasia, denken ze soms dat er weinig hoeft te veranderen. Maar dat moet natuurlijk wel af en toe.”

De enige manier „om het er levend vanaf te brengen als rector, is om zelf les te blijven geven, en het liefst in een moeilijke klas”, zegt Ko Traas, voorzitter van de vereniging Vrienden van het Gymnasium. „Dan ben je een primus inter pares, dat is de enige manier om het gezag te verdienen.”

De rector van het Rotterdamse gymnasium is „weggepest door een harde kern van lastige docenten”, meent haar voorganger op het Erasmiaans, Lex Werdekker. Sterker, Werdekker is zélf zeven jaar geleden weggepest van het Erasmiaans, zegt hij. „Ik heb de strijd tegen dat kliekje docenten zeventien jaar volgehouden.”

Een aantal docenten op het Erasmiaans wil „graag een stempel op de school drukken”, zegt Els Kuijper, die dit jaar in opdracht van scholenbestuur BOOR onderzoek deed naar de verstoorde verhoudingen op het Erasmiaans. Ze was wethouder Onderwijs in Rotterdam voor de PvdA. Haar bevindingen verschenen half mei. Het groepje docenten is op school sfeerbepalend, en leverde veel kritiek op Berkhout.

Werdekker vindt achteraf dat hij in zijn tijd „veel te soft” is geweest tegen de harde kern. Hij denkt dat Berkhout juist weer veel te hard tegen hen optrad. Jankees Ouwerkerk, conrector van het Erasmiaans en de harde kern toegenegen, zegt in een reactie: „Ik denk dat die lezing klopt.”

Het clubje docenten klaagde niet zonder reden, zegt Miriam Piters, docente Nederlands, die hoorde bij de groep die zich tegen de rector verzette. Zij verhuisde deze maand met haar man, die daar al een baan had, naar Wenen. Als de sfeer beter was geweest, was ze misschien gebleven, zegt ze. Maar Berkhout trad intimiderend op, vond Piters. Dat vinden overigens ook docenten buiten de ‘harde kern’.

Volgens Piters mocht het mailsysteem van de school niet meer door de medezeggenschapsraad worden gebruikt voor agendapunten en stond het schoolplan ,,vol stijlfouten en schrijffouten”.

Onderzoekster Els Kuijper zegt dat de directieve manier van leidinggeven van de vertrokken rector misschien wel de enige manier was waarop de docenten nog konden worden aangestuurd. „Je kan niet eeuwig blijven discussiëren.”

Docenten verwijten het bestuur dat het te laat heeft ingegrepen. Eerst meldde het bestuur dat conrector Ouwerkerk elders een baan zou krijgen. Vlak daarna bleek hij toch weer op het Erasmiaans te blijven. Jan Rath, lid van het college van bestuur, erkent dat de communicatie op dat punt „wel wat beter gemanaged had mogen worden”. De vertrokken rector Margriet Berkhout wil pas na de zomer commentaar geven.

Er komt nu een nieuwe interim-rector. Zo gaat het vaak, zegt Janita Rutgers van het steunpunt zelfstandige gymnasia. „De rector moet weg. Dat is de eenvoudigste oplossing, wie er ook gelijk heeft. De rector is de kop van jut. Dat klink misschien zuur, maar zo redeneert een bestuur vaak.”

Daarmee zijn de problemen vaak nog niet opgelost, zegt Ko Traas van de vereniging Vrienden van het Gymnasium. „Als er eenmaal narigheid is, blijft het smeulen. Docenten zien elkaar elke dag. Een kwestie kan na twintig jaar ineens weer opspelen.” Voormalig rector Werdekker zegt dat hij al in 1983 werd gewaarschuwd voor een groep eigenzinnige docenten.

Jan Rath, van het bestuur van het Erasmiaans, wil nu schoon schip maken. „Het lijkt nu of de harde kern gewonnen heeft, omdat Ouwerkerk mag blijven en Berkhout weg moet. Maar na de zomer zal het wel degelijk anders gaan op het gymnasium.”

Het Erasmiaans moet professioneler worden, zegt Rath. Professioneler financieel gaan rapporteren. Met een professioneler personeelsbeleid. De verhouding met de medezeggenschapsraad moet „genormaliseerd” worden. „Het Erasmiaans is veel te lang een gesloten bolwerk geweest”, zegt Rath.

Ko Traas wil geen oordeel vellen over de recente gebeurtenissen op het Erasmiaans. „Maar in zijn algemeenheid kan je zeggen dat er pas een einde aan dit soort conflicten komt als twee of drie of vijf dwarsliggers met pensioen gaan. Pas dan kan je écht weer verder.”