Tuchtcommissie daagt AZ en Heerenveen

AZ en SC Heerenveen moeten zich op 11 september verantwoorden voor de tuchtcommissie van de KNVB. Beide voetbalclubs zijn in staat van beschuldiging gesteld omdat zij met niet-gelicentieerde makelaars zouden hebben onderhandeld over de Braziliaanse voetballer Afonso Alves. Dit is in strijd met de reglementen van de FIFA. Clubs mogen alleen zaken doen met spelersagenten die in het bezit van een licentie van de wereldvoetbalbond, een advocaat of een familielid van de betrokken voetballer.

De aanklager van de KNVB ontdekte de overtreding door de stukken die werden gebruikt in de arbitragezaak van Alves tegen AZ. De oud-spits van Heerenveen bestreed voor het college in Zeist dat hij een rechtsgeldig contract had getekend bij de Alkmaarse club. De overeenkomst was weliswaar voorzien van een handtekening van de speler, maar niet van zijn advocaat Wagner Ribeiro. En daardoor onvolledig, zo bepaalde de tuchtcommissie van de voetbalbond deze week en wees een eis voor schadevergoeding van AZ af. Alves kon in januari onder de overeenkomst uit en een contract tekenen bij Middlesbrough.

Uit de pleitnota’s van de advocaten van AZ en Heerenveen is op te maken dat beide clubs vooral zaken deden met de illegale zaakwaarnemers Caio Ziller en Roberto Tiburcio. Ribeiro zorgde vanuit zijn kantoor in Brazilië voor de rechtsgeldige ‘dekking’. AZ en Heerenveen moeten aan de tuchtcommissie uitleggen waarom zij niet direct onderhandelden met een gelicentieerde makelaar. Volgens een woordvoerster van de KNVB zijn „alle mogelijke straffen” van toepassing.

„We hebben niets te verbergen”, beweert technisch directeur Marcel Brands van AZ. „Maar dit blijft sowieso een heel rare zaak.” Heerenveen zegt op 31 december 2007 in zijn stadion te hebben gesproken met Ribeiro. De club is verbaasd over de beschuldiging. Heerenveen nam Alves in 2006 over van Malmö FF met tussenkomst van het bureau Nummer 10 dat over een FIFA-licentie beschikt.