Tovenaar op melodica

cd reggae

Augustus Pablo:The Mystic World Of Augustus Pablo, The Rockers Story *****

Augustus Pablo (1953-1999) leeft in de herinnering vooral voort als de man die de melodica geloofwaardig maakte. Het ding ziet er immers niet veelbelovend uit. Een instrument ter grootte van een forse sigarendoos, met toetsen en een mondstuk: vrij simpel te bespelen en dus heel geschikt voor muziekonderwijs. Pablo toverde er schitterende, ijle, haast oosters klinkende melodieën uit, die samensmelten met loodzware, slepende reggaeritmes.

Dat is niet de enige verdienste van de Jamaicaanse muzikant en producer die er, geteisterd door een zwakke gezondheid die hem op bijna 46-jarige leeftijd velde, even ijl, mysterieus en haast oosters uitzag als zijn favoriete instrument klonk. Hij bespeelde allerlei toetseninstrumenten en was een gerenommeerd producer en beschermheer van jong vocaal talent. Enigszins tot zijn ergernis werd hij vaak gezien als pionier van de dub, mengtafelmagie waarbij bestaande nummers met gebruik van echo en andere effecten worden verbouwd tot Jamaicaanse psychedelica. Pablo maakte vele juweeltjes in deze stijl, maar doorgaans deed dub-uitvinder King Tubby het knoppenwerk.

Augustus Pablo (eigenlijk: Horace Swaby) drukte in zijn korte leven zwaar zijn stempel op de Jamaicaanse muziek, en deze box getuigt daarvan. Op vier cd’s krijgen we een uitgebreid overzicht van zijn carrière, inclusief een fors aantal lastig te krijgen en moeilijk te vinden nummers. Zo horen we prachtige instrumentale stukken waarin de Far East-sound van Pablo’s melodica, orgel, clavinet en Japanse xylofoon zich een weg baant door een uitdagend muzikaal landschap. Pablo’s producties voor schitterend zingende protegés als Hugh Mundell, Jacob Miller, Junior Delgado en anderen kennen eenzelfde ruimtelijke, sterk gearrangeerde ijlheid. Daar wordt in de bijbehorende dubversies prachtig op voortgebouwd.

Pablo’s toptijd viel in de jaren 70, zoals te horen valt op de eerste twee cd’s die werkelijk geen zwakke plek kennen. De trage, mystieke en bezwerende ritmes van die tijd waren de juiste dragers voor zijn religieuze, sociaal bewuste rastasentimenten, die met de digitale ritmes van de hedonistische dancehall enigszins in onbruik zouden raken. In dat tijdperk voelde hij zich minder thuis, blijkt uit de derde cd, hoewel de fusie van traditionele akete-percussie en elektronische ritmes in Drums To The King voor zeven minuten meeslepende geluidsalchemie zorgen. De zeldzaamheden op de vierde cd leveren ook veel ontroering op. Een omvangrijk monument voor een belangrijk muzikant.