Een touw kan dodelijk zijn

Klimmers binden zichzelf vaak met een touw aan elkaar vast. Hun levens zijn dan letterlijk aan elkaar verbonden. Dat kan dodelijk zijn. „Een touw lijkt zekerheid te geven.”

Robert Steenmeijer is een van de vier officiële Nederlandse berggidsen die zelfstandig met groepen de bergen in mogen. Hij kent de Mont Dolent, waar gisteren vier Nederlanders omkwamen. „Het is een vrij steile berg van sneeuw en ijs.”

Steenmeijer beklom de berg nooit ’s zomers, maar stond ’s winters een aantal malen op de top. Zelf zou hij op deze berg maximaal drie personen als ‘touwgroep’ aan elkaar binden. Op het ongeluk zelf wil hij niet ingaan. „Als je niet de precieze details kent, is het onmogelijk daar iets zinnigs over te zeggen”, zegt hij vanaf een berg in Zwitserland.

Ieder ongeluk is anders, weet ook oud-bergbeklimmer Gerard Ridderhof, die ooit zelf een ernstige val maakte van de noordwand van de Eiger, Zwitserlands beruchtste berg. „Een touw lijkt zekerheid te geven”, zegt hij over het gegeven dat de gezinsleden door een touw met elkaar verbonden waren. „Maar als een persoon uit de groep uitglijdt, kan een touw dodelijk zijn. Door het touw zijn levens letterlijk aan elkaar verbonden. Ik heb zelf meegemaakt dat degene met wie ik aan een touw vastzat uitgleed, en ik alleen met heel veel moeite kon voorkomen dat we allebei weggleden.”

Ook een van ’s werelds beroemdste bergbeklimmers, Joe Simpson, maakte ooit het risico van ‘aangetouwd’ zijn mee. Tijdens een beklimming in Zuid-Amerika viel hij en gleed de afgrond in. Zijn klimmaat Simon Yates kon zich een tijd lang schrap zetten, zodat Simpson boven de afgrond bleef bungelen. Maar om zijn eigen leven te redden, sneed Yates uiteindelijk het touw door. Simpson maakte een enorme val, maar overleefde het ongeluk. Terwijl iedereen hem dood waande, wist hij zich terug naar het basiskamp te slepen. Later schreef hij er een boek over: Touching the void (‘Over de rand’).

Toch is het zeer gebruikelijk dat bergbeklimmers samen aan een touw vastzitten. In veel gevallen biedt dat wel degelijk veiligheid. Het verkleint bijvoorbeeld het risico in een gletsjerspleet te vallen. Zodra een klimmer in een spleet zakt, kan de rest tegenwicht bieden om een echte val te voorkomen. Ook als iemand uitglijdt, kunnen de anderen proberen tegenwicht te bieden. Door bijvoorbeeld tegen de berg op te vallen en razendsnel hun pikhouweel als anker in de sneeuw te drukken.

Maar bij lastige hellingen moeten uitgebreidere veiligheidsmaatregelen worden genomen, benadrukt Steenmeijer. „Op gevaarlijke plekken kijk ik of ik een vast zekeringspunt in de berg kan maken. Kan dat niet, dan keer ik om en ga ik terug.” Zo’n zekeringspunt kan bijvoorbeeld bestaan uit ingegraven pikhouwelen of grote schroeven in het ijs.

De Mont Dolent is niet een zeer moeilijke berg. „Maar ook een relatief makkelijke berg kan gevaarlijk zijn”, zegt Johan Cavé, directeur van Mountain Network, dat beklimmingen organiseert in de Alpen. Met zijn klanten is hij geregeld in het gebied rond de Mont Blanc. Hij werkt altijd met lokale gidsen. De afdaling is altijd het riskantst, zegt hij. „Zeker als het warm is, wordt de sneeuw snel papperig. Dan is het gevaar om uit te glijden groot. Ook kan de sneeuw zelf gaan schuiven.”

Berggidsen zijn zich constant van dat risico bewust. „Als zij het risico van uitglijden te groot vinden, maken ze een fixed point in de sneeuw.” Gezekerd aan zo’n statisch punt gaan zijn deelnemers dan een voor een, of in kleine groepjes, naar beneden, in plaats van zich (dynamisch) als een touwgroep voort te bewegen. Maar een fixed point aanleggen houdt ook in dat het dalen trager gaat, en dat kan weer andere risico’s met zich meebrengen. Bijvoorbeeld dat de sneeuw verderop dan nog meer is opgewarmd door de zon.

Het ongeval gebeurde gisteren tijdens de afdaling. Cavé: „Als het zo warm is, ga je heel vroeg op pad. Je wilt om zeven uur ’s morgens op de top staan, en om elf uur ’s morgens weer terug in de hut zijn. Daarna wordt de afdaling veel te gevaarlijk.”

Volgens berggids Steenmeijer zijn er in deze tijd van het jaar gemiddeld twintig tot dertig klimmers per dag op de Mont Dolent. Er gebeuren niet meer ongelukken, zegt hij. „Het niveau van de mensen die bergen beklimmen, neemt toe. Ze zijn steeds beter opgeleid. Daardoor gebeuren er juist minder ongelukken.”