Biertje? Doe mij maar gammahydroxyboterzuur

Het strand van Bloemendaal staat morgen en overmorgen weer vol met feestvierders.

Het drugs- en drankgebruik is zodanig dat in de duinen een veldhospitaal is ingericht.

Met zijn zwarte bomberjack, legerbroek en kisten tekent de beveiligingsmedewerker scherp af tegen de roze avondlucht als hij door de duinen bij Bloemendaal marcheert. De extatische menigte in club Bloomingdale heeft geen oog voor hem, of voor de ondergaande zon. Alle aandacht gaat uit naar Moby, de bekende Amerikaanse deejay, die vorige week zondagavond tweeduizend bezoekers naar de strandtent lokte.

En dat was bij slecht weer. Morgen en overmorgen verwacht de evenementenorganisatie in totaal ruim 25.000 feestvierders op het strand. Om deze massa op te vangen staan vijftien politieagenten en bijna honderd particuliere beveiligers paraat.

De reddingsbrigade van Bloemendaal treft ook voorbereidingen. Op de hoogste duin staat een veldhospitaal klaar, met twintig bedden en minstens zoveel hulpverleners. Zij hebben de handen vol aan overmatig drank- en drugsgebruik.

Vooral de partydrug ghb – gammahydroxyboterzuur, een verdovingsmiddel dat uit de geneeskunde komt – hoort bij de feestcultuur op Bloemendaal. De ambulance moest deze zomer regelmatig uitrijden om comateuze feestgangers af te voeren.

Wie de drugs distribueert? Niemand weet het.

De politie niet, want die is niet verantwoordelijk voor wat er in de paviljoenen en op de stranden gebeurt. Daar controleren particuliere beveiligers. En wie dat precies zijn, weet de politie niet.

De exploitanten weten ook niet waar de drugs vandaan komt, zeggen ze, waarbij ze wijzen op hun strenge deurbeleid.

En het publiek zwijgt in alle talen.

Op een gure zondag staan de jongeren ’s middags al in rotten van tien voor Bloomingdale te trappelen voor de tassencontrole. De rij keurt zand noch zee een blik waardig. Aandacht voor uiterlijk is er des te meer. Het pad langs de zeven paviljoens is net een catwalk. Hoogblonde meisjes zwikken op stilettohakjes over de vlonders. Jongens draven langs op witte gympies, borst vooruit, het haar vol gel. Housebeats zwepen de menigte op.

„De sfeer is gewoon relaxed”, zegt de Haarlemse Susanne van Lieshout (23) in een leren fauteuil bij de haard van paviljoen Vroeger. Een biertje kost hier 3,75, een steak bijna dertig euro. Na het eten gaat ze naar het feest. „Een feeling happy party”, aldus een barvrouw van Vroeger. Toegang: 25 euro. Wat Susanne daarvoor krijgt? „Een lekker sfeertje, een zomers gevoel.”

Gratis dansen kan verderop, in Woodstock 69. Daar stookt een man in suède indianenvest op blote voeten een fikkie, in een decor van bont geschilderd drijfhout. „Alles kan hier”, zegt Wijnand van Leeuwen (34). „Jointje, pilletje, coke.” Hij zit op een oude sofa ‘te chillen’. Tuurlijk wordt hier veel gebruikt, zegt hij. „Maar het strand blijft gewoon heel relaxed.”

Relaxed? Ruud Cloeck, voorzitter van de reddingsbrigade, vindt van niet. „Ghb is onze hoofdstoorzender. De slachtoffers kunnen hier hun narcose uitslapen. Maar na een uur bellen we de ambulance.”

Het is geen leuk gezicht, zegt Cloeck. „Sommige ‘ghb’ers’ krijgen epileptische aanvallen of laten alles lopen. Eerst schrokken we, maar nu lachen we erom. Je kunt er niks aan doen, de elektronische muziekstijl trekt het aan. Maar we hebben liever xtc-gevallen. Die zijn heel lief.”

Gemeentebestuur, paviljoenhouders en de politie bagatelliseren de drugscultuur. „Nog geen handjevol incidenten dit seizoen”, zegt Jeroen Poppe, wijkagent van Bloemendaal en Zandvoort. „Een enkel incident”, zegt burgemeester Wim de Gelder (GroenLinks). „Het drugsgebruik wordt opgeblazen”, zegt Bloomingdale-eigenaar Maarten de Wit.

De rittenstaten van de reddingsbrigade spreken andere taal. De laatste drie maanden moest de ambulance 35 keer uitrukken, meer dan vorig jaar tijdens het hele seizoen, dat loopt van april tot eind oktober. De helft van de ritten betrof ghb-gebruik, zegt Cloeck van de reddingsbrigade. En dan heeft hij het nog niet over de ghb’ers die ter plaatse door een verpleegkundige zijn behandeld.

Waarom dat wordt stilgehouden? „We krijgen genoeg negatieve aandacht”, verklaart Cloeck. Bloemendaal heeft inmiddels een landelijke reputatie als het om ghb gaat. Volgens Pim Jansen, agent ter plaatse, is harddrugs op het Bloemendaalse strand „even normaal als een biertje of een sigaretje”.

Ghb wordt op Bloemendaal meer gebruikt dan elders, zegt Eline Rezel van de Brijderstichting, die „specifiek” drugsvoorlichting geeft op het strand. „Ghb is makkelijk binnen te smokkelen. Makkelijk te mixen met een drankje en je kunt altijd zeggen dat het lenzenvloeistof is.”

Het vloeibare narcoticum, ook wel rapedrug genoemd, maakt warm en geil. „Daar moet je voor in een roes komen, maar de benodigde dosering ligt dicht bij die voor een coma. Met alcohol erbij ga je vrijwel direct knock-out”, zegt Rezel. „Daarom vallen op het strand veel slachtoffers. Ze hebben voor het feest al de hele dag gedronken.”

Anders dan bij ‘dance-evenementen’ als Mysteryland en Awakenings geldt in Bloemendaal geen zerotolerancebeleid. „Daar hebben we de politiecapaciteit nu niet voor”, zegt de burgemeester. „Terwijl het om een uitgaansgebied gaat dat zich laat vergelijken met het Amsterdamse Rembrandtplein. De aanwezigheid van harddrugs is verontrustend. Maar hoe handhaaf je op een strand en in openbare uitgaansgelegenheden?” De Gelder werkt met het Openbaar Ministerie en de ondernemers aan een horecaconvenant. „Als de feesten besloten worden, kunnen wíj toegangseisen stellen en een zerotolerancebeleid doorvoeren.”

Wijkagent Poppe heeft de ‘saaie tijden’ nog meegemaakt. Toen sloot de politiepost om zes uur. „Dan gingen de kindjes met emmertjes en schepjes naar huis.” De reddingsbrigade behandelde voornamelijk kwallebeten. Ruim tien jaar geleden begon Bloemendaal feestvierders te trekken. Wat begon als een feestje bij Woodstock, voor mensen uit Amsterdam en omstreken, groeide uit tot evenement Beachpop, dat bij mooi weer 40.000 bezoekers trok. Met drugs in het kielzog.

Beachpop ging in 2005 ten onder. Wat overbleef is een goed geoliede commerciële industrie. Vragen over omzetten, winstmarges of de kosten voor bewaking worden door de paviljoenhouders afgehouden. Maar het is een miljoenenbusiness, blijkt uit de overnamebedragen voor de huurcontracten. Zoals voormalig strandpaviljoen De Kust (nu La dolce vita). Dat draaide een witte jaaromzet van bijna 800.000 euro, blijkens een nog lopende faillissementsprocedure. Had in de boekhouding voor tonnen aan verlies en belastingschulden staan. En werd toch voor vijf ton euro gekocht.

„Het was ooit een alternatief circuit”, zegt locoburgemeester Victor Bruins Slot (CDA), die als strandwethouder sinds 2002 verantwoordelijk was voor de huurcontracten. De prijzen zijn sindsdien vervijfvoudigd en variëren van 20.000 euro tot meer dan 28.000 euro per seizoen voor de grootste tenten. „Voor een kaal stukje strand, zonder nutsvoorzieningen. Die huurprijs moet worden terugverdiend en dat brengt risico’s met zich mee. Het is een bedrijfstak met aantrekkingskracht voor criminelen”, aldus de locoburgemeester.

Ook de burgemeester kent de verhalen over exorbitante overnamebedragen en de oprukkende commercialisering. In 2003 werd al besloten om met de Bibob-wet in de hand ondernemers te screenen op criminele antecedenten. De ondernemers weten dat. Er zijn al potentiële exploitanten afgehaakt, zegt De Gelder. „Maar je kunt niet alles weten. Ik wil ook niet alles weten. Als de wet maar wordt nageleefd.”

„We weten wel dat er van alles op het strand en in die tenten gebeurt” zegt locoburgemeester Bruins Slot. „Maar ernstige incidenten zijn er nog niet geweest. En op maandagochtend is de hele scene, inclusief drugsuitwassen, weer verdwenen. Dan is het strand weer van de Bloemendaler.”