Sastre rijdt stiekem naar top van klassement

Carlos Sastre houdt niet van de spotlights. Maar gisteren wist hij na zijn zege op de Alpe d’Huez alle ogen op zich gericht. De Spaanse klimmer reed zijn concurrenten op ruim 2 minuten achterstand.

Zijn droom was na al die jaren eindelijk werkelijkheid geworden, vertelde Carlos Sastre na de finish van de zeventiende etappe in de Tour. De 33-jarige Spanjaard won alles: hij reed zijn concurrenten op de 13,8 kilometer lange klim naar Alpe d’Huez op meer dan twee minuten achterstand, kwam solo als eerste over de streep in de laatste zware bergrit van de Tour en nam de gele leiderstrui over van zijn ploeggenoot Frank Schleck.

En toch stond Marc Sergeant, ploegleider van Sastres grote rivaal Cadel Evans, glunderend in een hoekje van de perstent. „Dit is speelbaar”, lachte hij opgelucht. „Op het eind van de rit heeft Cadel zich goed hersteld. Als hij dat niet had gedaan was het verschil tussen hem en Sastre te groot geworden. Nu is het nog te doen.” Sergeant doelde op de tijdrit, waarin komende zaterdag waarschijnlijk de 95ste Tour de France wordt beslist. Evans verloor gisteren 2,15 minuut, zakte een plaats in het algemeen klassement, maar geldt als een veel betere tijdrijder dan Sastre. „Ik weet niet of ik genoeg voorsprong heb”, zei de winnaar na afloop. „Eerst ga ik dit succes vieren, met mijn ploeg.”

Op de eerste rustdag van de Tour sloop de 1.72 meter lange en 61 kilo lichte Sastre tussen de bomen in de tuin van het hotel naar binnen. Graag laat hij de spotlights aan de broers Schleck, of anders aan ploegleider Bjarne Riis. Zoals zo vaak in grote rondes reed hij zelf bijna stiekem naar de top van het klassement. Om afgelopen zondag op Prato Nevoso zijn concurrenten aan een eerste test te onderwerpen en binnen twee kilometer klimmen 20 seconden te winnen op Denis Mentsjov en 47 op Cadel Evans. Opnieuw een bewijs dat Sastre weet op welke plek een aanval het meeste rendement oplevert, nadat hij twee jaar geleden Floyd Landis kapot reed op de steilste delen van La Toussuire.

Al weken hadden de klassementstoppers verkondigd dat deze Tour een lange afvalrace zou worden, waarin de 210,5 kilometer lange rit naar Alpe d’Huez de beslissing zou brengen. Toen Sastre op het steile eerste deel van de klim aanviel, was Mentsjov de enige die in eerste instantie kon volgen. Maar de Russische kopman van Rabo greep boven zijn macht. Bij de tweede poging van Sastre moest hij direct lossen uit de groep van favorieten. „Denis wist dat Sastre de te kloppen man was”, zei ploegleider Erik Breukink. „Als je aspiraties hebt om de Tour te winnen, moet je proberen om mee te gaan. ‘In het begin van de klim kan het ontploffen als ik met Sastre kan doorgaan’, had hij vooraf letterlijk gezegd. Helaas blies Denis niet de anderen op maar zichzelf.”

Sastre sloeg intussen gestaag een groot gat met de achtervolgers, waar de broers Schleck het tempo drukten. Van geletruidrager werd Frank Schleck in een split-second knecht. „Ik vertelde aan Frank bij het begin van de klim dat ik me goed voelde en dat ik wilde aanvallen”, zei Sastre. „Hij zei: oké. De broers hebben mijn vlucht goed beschermd, zodat ik zoveel mogelijk tijd kon winnen.”

Dat neemt niet weg dat Sastre, net als Hennie Kuiper in 1977, ruim de tijd nam om in de laatste meters zijn shirt te kussen en te juichen (een gebaar dat Kuiper destijds het geel kostte). Sastres tijd op de beklimming (39.29 minuut) was aanzienlijk langzamer dan de recordtijden van de afgelopen jaren (zie inzet).

Achter de winnaar had Mentsjov zich bewonderenswaardig teruggeknokt in de groep van favorieten, die in de laatste kilometer werd geleid door Evans. „Hij heeft karakter getoond”, zei Breukink. „Het zal moeilijk worden om Evans nog in te halen en Sastre pakt vandaag veel tijdwinst. Maar het podium is in zicht.”

Evans ontsnapte intussen weer eens aan al te grote drukte bij de finish. In de eerste tijdrit, over 29,5 kilometer, won hij 1,16 minuut op Sastre. De tijdrit van zaterdag is 53 kilometer lang. Sastre won gisteren alles, maar of hij de opvolger wordt van landgenoot Alberto Contador? De achterstand van Evans is 1,34 minuut. „En dat is minder dan vorig jaar op Contador”, lachte ploegleider Sergeant.