Koekoek leert roep van stiefouders

Koekoeksjongen passen hun smeekbedes voor eten aan aan de roep van de vogelsoort waarbij ze in het nest terecht zijn gekomen. Dit schrijft een groep Australische wetenschappers in het juninummer van Evolution, een vakblad voor evolutiebiologen.

Volgens de wetenschappers is de roep van de koekoeksjongen sociaal aangepast gedrag. Koekoeken leggen hun ei meestal in het nest van een specifieke gastheersoort. De koekoekseieren lijken dan ook veel op de gastheereieren. Dat het koekoeksjong ook roept in de stijl van de gastheerjongen zou daarom aangeboren kunnen zijn, een genetische aanpassing.

De Australiërs onderzochten de roep van het jong van de Horsfield bronskoekoek (Chalcites basalis) die bij voorkeur zijn ei legt in het nest van het ornaatelfje (Malurus cyaneus). Maar soms leggen koekoeken hun ei in een nest van een andere soort. De tweede keuze was in dit geval de vaalstuitdoornsnavel (Acanthiza reguloides).

Wat bleek: in het uitgekozen nest roepen de jongen in de stijl van de betreffende gastheer. Die roep wordt dus in ieder geval deels bepaald door de gastouders, niet slechts door genen. De Australische onderzoekers ontdekten dat het koekoeksjong bij de geboorte in een vaalstuitdoornsnavelnest eerst nog klinkt als een jong van het ornaatelfje. Na drie dagen heeft hij zich aangepast.

Opmerkelijk is dat het vocale repertoire van het koekoeksjong zich eerst uitbreidt en dan pas verfijnt. Het koekoeksjong lijkt zijn repertoire af te stemmen op de hoeveelheid voeding waarmee zijn stiefouders op zijn roep reageren. Het is alsof hij zijn gastheer verschillende mogelijkheden biedt en dan kijkt wat het effect is.

Het koekoeksjong kan zijn pleegbroertjes en -zusjes niet nabootsen. Het koekoeksjong komt een aantal dagen eerder uit het ei dan de andere kuikens en wipt meteen de overige eieren uit het nest. Dat is voordelig voor het koekoeksjong: het kan niet gemakkelijk ontmaskerd worden omdat zijn gastheer geen vergelijk meer heeft.

Het nadeel is dat het koekoeksjong dan ook geen rolmodellen meer heeft: hij kan de roep van de andere kuikens niet afluisteren en nabootsen. Nu blijkt dus dat het ouderpaar het koekoeksjong als het ware opvoedt om de juiste roep te laten horen.