De wederopstanding van Floyd Landis

Morgen is het twee jaar geleden dat Floyd Landis de Tour op een onvergetelijke manier op z’n kop zette. Dit jaar is de laatste rit in de Alpen, van Bourg-d’Oisans naar Saint-Etienne, een flauw aftreksel van een bergetappe. In 2006 reden de renners op de laatste donderdag over de Saises, Aravis, Colombière, Châtillon en Joux-Plane. Bijna vijftig kilometer, in de bloedhitte bovendien.

De avond ervoor had Landis (14 oktober 1975) maar een biertje gedronken in het eettentje onder het hotel waar ook Raborenner Pieter Weening zat met zijn broers. De Amerikaan leek die dag de Tour te hebben verloren, na een dramatische inzinking op de slotklim. Zijn droom aan diggelen?

Opgegroeid in de streng gelovige mennonietengemeenschap rond zijn geboorteplaats Farmersville, trainde hij ’s nachts stiekem op de mountainbike omdat zijn vader er niets van moest hebben. Profrenner in de ploeg van Lance Armstrong, klein gehouden door zijn kopman. Op eigen benen bij Phonak, na een negende plaats in de Tour van 2005 een jaar later favoriet. Geel gepakt in de Pyreneeën, vrijwillig afgestaan in een tussenrit, teruggepakt op Alpe d’Huez. En dan 8 minuten verliezen op La Toussuire.

De volgende dag valt Landis vanuit het vertrek aan. Na een monsterontsnapping komt hij met meer dan vijf minuten over de streep in Morzine. ‘Merckxiaans’, jubelen veel volgers. In de slottijdrit wint hij alsnog de Tour.

Een paar dagen later maakt zijn ploeg Phonak bekend dat Landis op de dag van zijn wederopstanding positief is bevonden op testosteron. Na een lang juridisch gevecht wordt hij in september 2007 door het Amerikaanse antidopingagentschap veroordeeld tot een schorsing van twee jaar. Jury-uitslag: 2 voor, 1 tegen.

Pas op 30 januari 2009 mag Landis weer fietsen.

Maarten Scholten