De Chinees is wat hij kijkt op tv

Via de Chinese tv hoopt Pieter Fleury een kleurrijk beeld te vangen van het land.

In de vijfdelige serie TV China laat hij televisiescènes becommentariëren.

Het studiopubliek joelt, terwijl televisiegenieke mannen acrobatische stunts opvoeren uit kungfufilms. Hun bewegingen zijn gevangen in een strakke choreografie, hun haar en vechttenues zien er kitscherig gestyled uit.

„Prachtig, toch?”, glundert Pieter Fleury, eindredacteur en regisseur van de vijfdelige VPRO-serie TV China. „Deze zoektocht naar de opvolger van actieheld Jackie Chan is te vergelijken met Idols. Zulke grote shows zijn erg populair in China”, zegt hij. Entertainment is een belangrijke pijler van de Chinese tv-industrie.

Fleury toont het fragment op een computerscherm in zijn tuin in Monnickendam. Hij staat op het punt om te vertrekken naar China voor opnamen van de serie die de VPRO volgende maand op tv brengt. ‘Laat mij uw televisie zien, dan weet ik wie u bent.’ Dat is het eenvoudige concept waarmee Fleury, die naam maakte als documentairemaker, aan de slag is gegaan. De uitwerking kostte meer werk dan hij had ingeschat: China telt driehonderd tv-stations met zo’n drieduizend kanalen. Hij liet fragmenten opvragen bij elf stations op verschillende plekken: van de hoofdstad tot diep in de provincie.

De duizenden programma’s worden stuk voor stuk ‘gekeurd’ door een staatsmedewerker van het ministerie van Propaganda en de commerciële directeur van een tv-station. „Enerzijds wordt er commercieel beslist, anderzijds ideologisch”, zegt Fleury. „Natuurlijk doen Chinezen aan zelfcensuur: ze weten wat kan en niet kan. Maar er worden ook grenzen verkend en opgerekt. Het is niet de rigide censuur die wij westerlingen verwachten. Het gebeurt weleens dat een programma wordt onderbroken omdat men te ver is gegaan. Het is minder gedicteerd dan wij denken.”

Toch zijn er veel taboes op de Chinese tv. „Religie, kritiek op de politiek, zwaar geweld en seks”, somt Fleury op. Hij diept uit zijn pc scènes op uit een documentaire waarin twintig stelletjes worden geportretteerd. In het laatste shot zoenen ze een voor een: het zijn voorzichtige uitingen van genegenheid, slechts een enkeling geeft zich over aan een hartstochtelijke tongzoen. „Dit is grensverleggend”, zegt Fleury. Een blote borst? „Nee, die zie je niet.”

De toon waarop in de journaals over de Communistische Partij wordt gepraat is volgen Fleury altijd positief en aardig. Kritiek op corruptie is toegestaan. „Maar dan past die kritische toon in de propaganda van de partij, een corrupte partijfunctionaris wordt publiekelijk aan de schandaalpaal genageld.”

Na de zware aardbeving, afgelopen mei, kregen de Chinese media even meer vrijheid, zo is hem opgevallen. „Dat was een kentering”, zegt Fleury, „want tv-stations konden items uitzenden over bijvoorbeeld de slecht gebouwde scholen. De openheid had mede tot gevolg dat de Chinese bevolking zich betrokken voelde bij de ramp. Er was een ongekende saamhorigheid. Na een week werd het mediaregime overigens veel strenger.”

Hij wil met zijn serie ontrafelen hoe de mechanismen in China werken zonder een oordeel te vellen. „Tv is een propagandistisch middel in China. Wij zien de media als instrument om een pluriformiteit aan meningen te verspreiden die de democratie overeind moeten houden. In China wil de staat de bevolking opvoeden.” Die boodschappen van de overheid zijn soms subtiel, maar liggen er ook vaak dik op, zegt Fleury.

Hij noemt een voorbeeld van een programma waarin dat duidelijk te zien is. „Traffic light is een dagelijks educatief programma over de files in Peking. Het wordt samengesteld met beelden van verkeerscamera’s”, vertelt Fleury. Mag je bijvoorbeeld de goederen meenemen die van een verongelukte vrachtwagen zijn gevallen? Een stilstaand beeld toont een Chinees met een kool onder zijn arm. De man wordt omcirkeld en op het scherm verschijnt de tekst: ‘Wat vindt u hiervan?’ Fleury: „Chinezen kunnen via sms hun mening geven. Eindeloze discussies volgen.”

Met het tonen van fragmenten uit Chinese soaps, documentaires en shows en commentaar daarop van Chinese gasten of Nederlandse Chinakenners (zie inzet) hoopt Fleury „een genuanceerder beeld te geven dan in het Westen bestaat van het land waar de Olympische Spelen in augustus plaatsvinden”. Hij wil graag kritisch naar China kijken, maar niet negatief. „Het is niet a priori: wat een raar land, daar moet iets veranderen. De blik is nieuwsgierig: wat is het idee erachter?”

China TV, dagelijks, 11-15 aug., rond 22.40 uur, Nederland 2