Waarom het zo lang duurde voor hij gepakt werd

Saddam Hussein werd na luttele maanden gepakt.

Karadzic bleef meer dan tien jaar op vrije voeten. Waarom heeft het zo lang geduurd?

Radovan Karadzic, de architect van de etnische zuivering in Bosnië begin jaren negentig en sindsdien een van de meest gezochte mannen ter wereld, is gepakt.

Gisteravond laat, ruim dertien jaar nadat hij door het Joegoslaviëtribunaal werd aangeklaagd voor etnische zuiveringen die hebben plaatsgevonden tijdens het uiteenvallen van Joegoslavië begin jaren negentig, kwam het bericht dat het nu dan toch zo ver was. Dat is nog niet hetzelfde dat hij ook aan het tribunaal in Den Haag wordt uitgeleverd, maar wereldnieuws is het niettemin. Nadere bijzonderheden waren nog niet bekend toen deze krant naar de drukker moest.

Radovan Karadzic, president van de Servische republiek in Bosnië wordt door het Joegoslavië-tribunaal met name verantwoordelijk gehouden voor:

Het autoriseren van de beschietingen van de stad Sarajevo tijdens een beleg dat 43 maanden duurde.

Het uitdenken van- en opdracht geven tot het vermoorden van 8.000 mannen en jongens na de val van de moslimenclave Srebrenica.

Het gevangennemen, mishandelen, verkrachten en vermoorden van vrouwen en meisjes tijdens de Bosnië-oorlog.

Al tijdens de oorlog in Bosnië heeft een legermacht van duizenden soldaten naar Radovan Karadzic gezocht. Met moderne opsporingsinstrumenten. Met een losgeld van vijf miljoen dollar op Karadzic’ hoofd. In een klein land, want het gebied waar de voormalige leider van de Bosnische Serviërs zich kon verbergen is ontoegankelijk en onherbergzaam, maar groot is het niet.

Er is vaak gemeld dat zijn arrestatie ophanden was. Eén keer zou die al een feit zijn: toen meldde het Russische persbureau Itar-Tass dat Karadzic en zijn vroegere legerleider Ratko Mladic, de twee meestgezochte oorlogsmisdadigers van de Balkan, onderweg waren naar het Joegoslavië-tribunaal Den Haag. Het bleek een canard, maar het tweetal beheerste wel gedurende enkele uren alle kanalen op de Servische televisie. Zaterdag 12 juni 2005 wist Carla Del Ponte, hoofdaanklager van het Joegoslavië-tribunaal, het zeker. „We hebben goede redenen aan te nemen dat Karadzic op 29 juni wordt uitgeleverd”, zei ze in Genève. Op 30 juni – de dag waarop Bosnië lid had kunnen worden van Partnership for Peace, het voorportaal van de NAVO, als het Karadzic zou hebben uitgeleverd – zei ze er nog steeds zeker van te zijn dat Karadzic diezelfde dag nog in de cel zou belanden. „Vraag me niet waarom. Ik kan dat nu nog niet zeggen.” Een dag later meldde de commandant van de vredesmacht SFOR dat Karadzic nog die week zou worden gepakt – „We kunnen zijn adem voelen.” Maar de arrestatie bleef uit.

Het Joegoslaviëtribunaal heeft „met enige regelmaat” gesproken met vertrouwelingen van Karadzic over vrijwillige overgave, maar de partijen konden het niet eens worden over de voorwaarden, zo zei de Australiër Graham Blewitt, plaatsvervangend hoofdaanklager, destijds in een interview met NRC Handelsblad. Blewitt noemde de uitspraken van Del Ponte over de aanstaande arrestatie „niet geloofwaardig”. Volgens Blewitt, die nu weg is bij het tribunaal, was er in het Westen geen „politieke wil” om Karadzic te arresteren. Blewitt had er geen vertrouwen meer in dat het nog zou gebeuren.

Waarom duurde het zo lang voor de vroegere president van de Servische Republiek in Bosnië werd gearresteerd?

Karadzic – psychiater (specialisme: paranoia), dichter en gokker - werd in 1995 door het Joegoslavië-tribunaal in Den Haag aangeklaagd voor oorlogsmisdaden, misdaden tegen de menselijkheid en genocide. Jarenlang hield hij zich schuil in het zuidoosten van Bosnië dat toen onder het Franse commando van de vredesmacht SFOR viel. Del Ponte’s voorganger Louise Arbour typeerde de Franse sector eens als ‘een vrijhaven voor oorlogsmisdadigers’. Lang circuleerden geruchten over een geheim akkoord tussen de Fransen en Karadzic, geruchten die gevoed werden door de traditioneel goede betrekkingen tussen Frankrijk en Servië. Maar toen Franse SFOR-soldaten andere oorlogmisdadigers oppakten en de Fransen de sector overdroegen aan de Duitsers, bleef van dit argument weinig over.

Daarna werd Slobodan Milosevic aangewezen als schuldige. De president van Joegoslavië zou handlangers in Karadzic’ gevolg hebben. Bij een dreigende arrestatie moesten ze ‘hem een kogel door het hoofd jagen’, zo wist de toenmalige speciale afgezant van de Verenigde Naties in Bosnië, Jacques Klein. Dan zou Milosevic het Westen kunnen beschuldigen van moord, een argument dat altijd goed is voor binnenlandse propaganda. Ook Karadzic’ zelf geloofde niet dat Milosevic zou toestaan dat hij levend in Den Haag aankwam. Dat blijkt uit een vertrouwelijk document van de vroegere president van het Joegoslaviëtribunaal, Antonio Cassese. In 1996 sprak Cassese met vertrouwelingen van Karadzic’ over vrijwillige overgave, maar het kwam er niet van. Karadzic’ dacht dat hij dan door zijn eigen lijfwachten zou worden gedood, in opdracht van de Joegoslavische president. Maar Milosevic werd in 2001 uitgeleverd aan het VN-hof en de arrestatie van Karadzic bleef almaar uit.

Vervolgens wezen buitenlandse diplomaten en waarnemers op de onduidelijkheid. Want wie moest Karadzic arresteren? De Bosnisch-Servische politie is loyaal aan de ‘Vader des Vaderlands’ van hun entiteit in Bosnië. De internationale VN-politie is niet eens gewapend. En de soldaten van SFOR hoeven, zo leggen ze hun instructies uit, hem alleen op te pakken als ze over hem struikelen.

Zijn arrestatie zou dus aankomen op speciale commandotroepen, met name Amerikaanse en Britse. En daar ligt – hoogstwaarschijnlijk – de belangrijkste reden voor het uitblijven van bijna negen jaar van zijn arrestatie. Karadzic had zich omringd met een zwaarbewapend privélegertje. Regelmatig liet hij weten zich niet zonder slag of stoot over te geven. De arrestatie van Karadzic kon dus leiden tot doden onder de buitenlandse commando’s. En in bodybags hadden de Amerikanen weinig trek. Men zocht dus wel naar Radovan Karadzic, maar men zocht niet altijd heel intensief. Daar kwam bij dat Karadzic zich kennelijk met veel gemak heen en weer bewoog over de grens tussen Bosnië en Montenegro – waar hij is geboren. Werd de grond hem in Bosnië te heet onder de voeten, dan verdween hij naar Montenegro, waar de vredesmacht niet kan komen en waar Karadzic veel volgelingen heeft. „Karadzic wordt beschermd door de Servische Democratische Partij [die hij heeft opgericht, red.] en de Servische orthodoxe kerk”, zei in juli 2005 Richard Holbrooke, architect van het Dayton-akkoord. „Ik neem aan dat hij in een klooster zit, zijn haar heeft afgeschoten en zijn baard heeft laten staan.”

Onder druk van de Europese Unie veranderde het politiek klimaat in Bosnië. Een van de voorwaarden die de Unie stelt voor elke toenadering van elk Balkanland tot de EU is een coöperatieve houding met het Joegoslavië-tribunaal. Het heeft jaren geduurd voordat de Servische Republiek in Bosnië zo ver was, maar inmiddels is van samenwerking met het VN-hof sprake.

Sinds begin deze maand heeft Servië zelf een pro-Europese regering, die bestaat uit het pro-Europese blok, onder aanvoering van de Democratische Partij (DS) van president Boris Tadic, en de Socialistische Partij Servië (SPS). Het is een onwaarschijnlijk combinatie: de SPS is de partij van wijlen Slobodan Milosevic, de dictator waartegen Tadic en zijn democraten in de jaren negentig vochten. In oktober 2000, toen de regering-Milosevic bij een volksopstand ten val werd gebracht, stonden de democraten en socialisten op de barricaden tegenover elkaar. Maar ze hebben u wel eending gemeen: aansluiting bij de EU is regeringsbeleid.

Hoe hebben deze twee oude vijanden een regering kunnen vormen? Bij de verkiezingen in mei stemden de meeste Serviërs, gefrustreerd door hun jarenlange isolement, voor het pro-Europese blok. Dat kwam echter zetels tekort om zelf een regering te kunnen vormen. De SPS maakte een belangrijke politieke ommezwaai die een pro-Europese regering mogelijk maakte.

De Europese Unie bood perspectief: Servië’s integratie in Europa en een einde aan het isolement. Als voorwaarde om verder te onderhandelen over Servië’s toetreding eisen de meeste EU-lidstaten uitlevering van de oorlogsmisdadigers Mladic en Karadzic aan het Joegoslavië-tribunaal. „Het verbeteren van de relaties met de EU heeft de hoogste prioriteit”, zei de nieuwe, partijloze premier van Servië, Mirko Cvetkovic.

Met Karadzic in de Scheveningse gevangenis (en Milosevic gearresteerd en inmiddels overleden) heeft het Joegoslavië-tribunaal twee van de drie ‘grootste vissen’ te pakken. Nu Ratko Mladic nog, de vroegere legerleider van de Bosnische Serviërs van wie de regering in Belgrado almaar beweert dat hij niet in Servië is en van wie het Joegoslavië-tribunaal almaar volhoudt dat hij daar wel is.