Rechters wijzen reorganisatie rechtbank af

De ingrijpende reorganisatie van de rechtbanken, zoal minister Hirsch Ballin (Justitie, CDA) die voorstelt, bedreigt mogelijk de onafhankelijke positie van de rechter. Dat staat in een ongebruikelijk scherp advies van de NVvR, de belangenvereniging voor rechters en officieren van justitie aan de minister. Het advies van de NVvR is nog niet openbaar gemaakt.

De minister wil onder meer dat rechtbanken meer samenwerken bij complexe of weinig voorkomende zaken, zoals financiële misdrijven. Als een rechtbank capaciteitsproblemen heeft, kunnen zaken of rechters naar een andere rechtbank in dezelfde regio worden overgedragen. Doel is om de „efficiency te vergroten”.

Volgens de NVvR is het voorstel van Hirsch Ballin niet meer dan „symptoombestrijding” met „lapmiddelen”.

De minister had het wetsvoorstel voor „modernisering van de rechterlijke organisatie” naar verschillende instanties gestuurd voor advies.

De mogelijkheid die de Raad voor de Rechtspraak en rechtbankbesturen krijgen om met rechters te schuiven, is volgens de vereniging „riskant” voor de onafhankelijkheid van de rechter. De NVvR noemt het voorstel daarom „onaanvaardbaar”.

Volgens de vereniging moet eerst nagedacht worden over de vraag hoe de „gerechtelijke kaart” van Nederland moet worden ingericht. De NVvR wil dat locaties van rechtbanken meer samenvallen met regionale ontwikkelingen. Sommige opkomende stedelijke gebieden hebben geen eigen rechtbank. Ook zou de wetgever moeten nadenken over de vraag waar specialistische kennis geconcentreerd moet worden, in plaats van problemen op te vangen met samenwerkingsverbanden en het verplaatsen van rechters.

In 2002 vond de laatste grote reorganisatie van de rechterlijke macht plaats, toen de financiering en leiding van de gerechten werden gewijzigd. In 2005 werd prestatiefinanciering ingevoerd: rechtbanken worden nu betaald per afgehandelde zaak.

Een woordvoerder van de minister zegt dat het departement bezig is adviezen over het voorstel te verwerken en wil daar niet op vooruitlopen.

Interview: pagina 3