Het zijn niet allemaal doeken in Amsterdam

In de bespreking van de presentatie van het boek De Oude Meesters van de stad Amsterdam. Schilderijen tot 1800 en de lancering van de gelijknamige weblink in het Amsterdams Historisch Museum (AHM) (NRC Handelsblad, 8 juli) staan enkele onjuistheden, die verkeerde verwachtingen kunnen wekken bij de (digitale) museumbezoeker. De kop `Amsterdam in duizend doeken` wekt de indruk dat de stedelijke schilderijencollectie voor 1800 uit louter doeken bestaat; een groot percentage heeft echter een houten paneel als drager en daarnaast zijn er werken op koper. Ook gaat het op die schilderijen niet alleen om aan Amsterdam gerelateerde onderwerpen. De suggestie dat het AHM een website heeft gelanceerd met schilderijen over Amsterdam, inclusief wetenschappelijke artikelen is niet juist. Wel is op onze website sinds vorige week een link te vinden naar de complete verzameling schilderijen van de stad Amsterdam tot 1800. Op de site (www.ahm.nl/ schilderijen) zijn de afbeeldingen gratis te downloaden. De auteur gaat ervan uit dat het stadsbestuur in de 17e eeuw voor de belétage van het stadhuis op de Dam actief `grote meesters` verwierf, hoewel het hier gaat om een ambitieus decoratieprogramma waartoe aan belangrijke schilders opdrachten werden verstrekt. Dat is iets anders dan kant-en-klare aankopen uit de handel of het atelier. Ook is het Rijksmuseum niet in 1885 opgericht. In dat jaar verhuisde het naar de nieuwbouw van Cuypers aan de Stadhouderskade - het museum zelf bestaat sinds 1817.

Dat de collectie Dreesmann, ten slotte, in 1960 niet voor Amsterdam werd verworven, was niet het gevolg van een te hoge vraagprijs door de erven - die was eigenlijk best redelijk - maar van het ontbreken van draagvlak bij de gemeenteraad.