Het kwam uit een jongen met een hemelsblauwe pet

„Góeiemiddag mevrouw als ik een klein momentje van uw tijd zou mogen stelen dán zou dat fantastisch zijn mevrouw dank u wel!”

Verrast hield ik halt. Dit was misschien niet het origineelste, maar wel het snelste straatpraatje dat ik ooit had gehoord. Het kwam uit een jongen met hemelsblauwe ogen en een hemelsblauwe pet. Een tiener. Een dotje. Ik had opeens tijd. „Wat wil je me verkopen?” vroeg ik behulpzaam. Als hij ‘hoofdluis’ of ‘belastingaanslagen’ gezegd had, was ik nog steeds blijven staan.

„Ú komt meteen ter zake mevrouw dat is heel mooi u weet er zijn veel arme landen in de wereld honger sterfte droogte dáár kan het Westen natuurlijk wel een zak met geld heensturen klaar is kees máár dat doen wij niet wij helpen mensen aan banen wegen scholen…”

O jee. Zo’n club steunde ik al. Ander logo, zelfde boodschap: help de mensen het zelf te doen. Hun jaarlijkse kerstkaart was voor mij elke keer een lichtpuntje in het leed dat feestdagen heet. Volgetekend door de kinderen die ík help om verder te leren, ondertekend door nonnen die de talenten in hun schooltje elke dag verder zien opbloeien. Allemaal zijn de kinderen op weg naar een great future. Niets dan goed nieuws komt er uit mijn dorp. Ook het clubkrantje over de andere dorpen spelde ik. Ik had zelfs een keer naar het Amsterdamse hoofdkantoor gebeld om te vragen via welke route ik mijn dorp het beste kon bereiken, maar toen hoorde ik dat ik daar helemaal niet welkom was. Dat zou emotionele betrokkenheid geven.

De jongen was al veel verder. „... Én als u denkt nee deze maand kan er bij mij níet die tien of acht of zes euro af u denkt ik wil toch shoppen vóór die nieuwe jas of vóór die nieuwe oorbellen…” Nou zeg. Zo kon hij wel weer.

„Geef maar hier hoor, dat formulier”, zei ik. „Heel fijn mevrouw”, zei de jongen. Hij werd al wat rustiger, als een sprinter die na de finish nog even uitholt. „U bent pas mijn tweede vandaag”, zei hij terwijl ik mijn adresgegevens invulde. „Maar mijn teammates hebben nog niemand. Die zijn tot laat uit geweest gisteravond, en die staan hier nu brak. Dan gaat het niet. Je moet de mensen wel een beetje enthousiasmeren.”

Aaf heeft tot 11 augustus vakantie.

Lees de columns van Sandra op nrcnext.nl/sandra