Een zakje wiet mag niet mee naar binnen

Bij Extrema Outdoor mochten zaterdag helemaal geen drugs mee naar binnen, ook niet voor eigen gebruik.

Het is de vraag of het helpt.

Bas (36) kijkt met een stomverbaasde blik naar de beveiliger die hem net heeft gefouilleerd bij de ingang van dance-evenement Extrema, Outdoor afgelopen zaterdag in het Brabantse Best. „Mag dat niet mee naar binnen?”, vraagt hij, terwijl de beveiliger een zakje wiet vasthoudt.

Een agent komt aanlopen. „We voeren hier een zerotolerancebeleid, meneer. Wilt u met me meelopen?” In een tent naast de ingang mag Bas kiezen. Of hij ondertekent een formulier dat hij afstand doet van de drugs, of hij weigert, en dan wordt hij van het terrein verwijderd. Bas wil niet naar huis, dus hij tekent.

„Ik neem altijd voor zeven euro wiet mee en ik laat altijd zien wat ik bij me heb”, zegt Bas, die niet met zijn achternaam in de krant wil. „Al die jaren mocht het gewoon mee naar binnen, nu ineens niet meer. Belachelijk. Dat xtc-pillen niet mee naar binnen mogen, snap ik nog wel. Maar wiet? We hebben toch een gedoogbeleid?” Bas is niet de enige die verbaasd is over het beleid van de politie deze dag. Veel mensen kijken vreemd op als hun jointje wordt afgepakt. Uiteindelijk verricht de politie zestien arrestaties, waarvan zeven wegens bezit van harddrugs. Hoeveel drugs in totaal in beslag is genomen is niet bekend. Extrema Outdoor is verder gemoedelijk verlopen.

De politie Brabant Zuidoost had het zerotolerancebeleid, dat wordt gevoerd bij alle dance-evenementen die in het strandpark Aquabest in Best worden gehouden, in juni aangekondigd. Dat beleid betekent: helemaal geen drugs meer mee naar binnen, ook geen softdrugs.

Echt nieuw is dat beleid niet. De officiële richtlijn van het landelijke Openbaar Ministerie was tot 2008 weliswaar dat gebruikershoeveelheden drugs – 1 à 2 xtc-pillen, tot een halve gram speed of cocaïne en tot 5 gram softdrugs – in het uitgaansleven en op dance-evenementen werden gedoogd. Maar in de praktijk voert de politie al twee jaar een stringent drugsbeleid op dancefeesten, vooral in de Randstad. Mensen die een gebruikershoeveelheid drugs bij zich hebben, kunnen er afstand van doen en mogen dan alsnog naar binnen. Bij grotere hoeveelheden krijgen ze een bekeuring of worden ze aangehouden.

Eind 2006 hield de politie een strenge controle op drugs bij het tweedaagse technofeest Awakenings in Amsterdam en verrichtte daar 131 arrestaties. Bezoekers voelden zich geïntimideerd. Het politieoptreden leidde zelfs tot vragen in de gemeenteraad en in de Tweede Kamer. Toch is dit beleid in andere regio’s in Nederland overgenomen. De politie controleert daarbij vaak met honden bij de ingang en er lopen undercoveragenten tussen de bezoekers rond.

Bij de ingang van Extrema heeft de politie geen drugshonden ingezet, maar tassen moeten open, petjes moeten af, alles moet uit de zakken en er wordt grondig gefouilleerd. „Er mogen absoluut geen drugs mee het terrein op”, zegt Rick Ebli, woordvoerder van de politie Brabant Zuidoost. „Dat betekent een omslag voor veel jongeren. Maar we worden vaak geconfronteerd met overmatig drugsgebruik op dit soort evenementen. Dat kan leiden tot levensbedreigende situaties. Mensen raken bewusteloos of in een delirium. Met het zerotolerancebeleid willen we het feest ook echt een feest houden.”

De organisatoren van dance-evenementen klagen dat de dancewereld weer in het verdomhoekje wordt geschopt, net als in de jaren negentig. Toen werd dance vooral met drugs geassocieerd en bleven grote sponsoren weg.

De organisaties deden de voorbije jaren hun best om het probleem zo professioneel mogelijk aan te pakken. En met succes; op Extrema zijn nu ook sponsoren als Douwe Egberts en Coca-Cola aanwezig. De organisaties benadrukken dat drugs een maatschappelijk probleem zijn, dat overal in het uitgaansleven speelt.

„Overal worden drugs gebruikt, niet alleen op dancefeesten”, zegt Marcel Mingers, organisator van Extrema. „Drugs zijn veel toegankelijker dan zeventien jaar geleden toen ik voor het eerst iemand een xtc-pil zag nemen op Ibiza. Ik was verbijsterd. Nu kijkt niemand ervan op. Het zerotolerancebeleid is zinloos. Je kunt met strengere controles niet voorkomen dat mensen drugs meenemen.”

Dat drugs niet kunnen worden uitgebannen, was het uitgangspunt van het beleid onder voormalig minister van Justitie Korthals (VVD), zegt Charles Dorpmans van Unity, een vrijwilligersproject voor de dancescene van verschillende verslavingszorginstellingen, dat op alle grote evenementen aanwezig is, ook op Extrema. „Wij moesten innovatieve dingen verzinnen om het gebruik in goede banen te leiden, zoals de drugstest. Bezoekers konden op het feest hun drugs laten testen op de werkzame stof. Er waren toen weinig gezondheidsproblemen op dit soort evenementen.”

Het is de vraag of het zerotolerancebeleid het gewenste effect heeft, zegt Dorpmans. „De politie zegt dit beleid te voeren vanwege de gezondheid van jongeren. Maar dat is onzin. Het aantal gezondheidsproblemen op dancefeesten is erg klein. Alcohol is een groter probleem dan drugs. Het gevolg van het zerotolerancebeleid is dat mensen van tevoren alles innemen. Als het effect afneemt, stappen ze over op de alcohol. Of ze kopen op het feest zelf de drugs, die vaak van slechtere kwaliteit zijn. Aan het eind van het seizoen moeten we kijken of de gezondheidsproblemen zijn toegenomen.”

Dat er ook geen softdrugs meer naar binnen mogen, is volgens Dorpmans een aanwijzing dat het einde van het gedoogbeleid nadert. „De overheid geeft daarmee aan waar ze heen wil. Oud-minister Hoogervorst voorspelde twee jaar geleden op een internationale conferentie over drugsverslaving in Mexico dat de huidige trend naar een restrictiever drugsbeleid in Nederland zich zal voortzetten. Hij vermoedde dat over een jaar of tien het Nederlandse drugsbeleid niet wezenlijk meer zal afwijken van dat in de rest van Europa. Het ziet er niet rooskleurig uit.”

Ondanks het strenge beleid zijn de 40.000 bezoekers van Extrema zorgeloos aan het feesten. Het heeft iets onwerkelijks, je vrijheid vieren op een evenement dat is omringd door hekken en waar politieagenten in burger op de loer liggen.

Maar niemand lijkt zich daar wat van aan te trekken. Een meisje met een knalroze topje zit in het gras een joint te draaien en een jongen haalt onder de beschutting van een volle dansvloer zijn pakketje cocaïne tevoorschijn om nog een snuif te nemen. „Je moet een beetje uitkijken, maar hier in de drukte kan het wel”, is zijn commentaar.