Mikpunt Finanzplatz Schweiz

UBS, de Zwitserse bank die door de kredietcrisis zwaar is aangeslagen, wacht een tweede noodlot. Door de VS beschuldigd worden van medeplichtigheid aan fraude. Of is het powerplay en gaat het om iets anders?

‘Mijn naam is Bradley Charles Birkenfeld. Ik ben 43 jaar. Alleenstaand, nooit getrouwd. Ik was bankier.” Zo begint een voormalige vermogensbeheerder van de Zwitserse bank UBS, een grote man in krijtstreeppak, op 19 juni in de Fort Lauderdale Federal Courthouse in de Amerikaanse staat Florida zijn bekentenis. Birkenfeld staat voorovergebogen, want de microfoon is te laag afgesteld. Maar iedereen kan uitstekend horen dat deze man, die weken eerder bij zijn arrestatie nog had ontkend dat hij Amerikaanse klanten van UBS had geholpen met belastingontduiking en belastingfraude, nu exact het omgekeerde zegt.

Birkenfeld maakt niet alleen een draai van 180 graden die menigeen in Zwitserland – en niet alleen op het UBS-hoofdkwartier in Zürich – hoofdpijn bezorgt. Hij belooft ook dat hij de Amerikaanse fiscus namen zal geven van Amerikaanse rekeninghouders die zich in de jaren dat hij voor UBS werkte (2001 tot 2006), verscholen achter het Zwitserse bankgeheim. Verder zou hij met bewijs komen dat de UBS-top wist wat er gebeurde: dat vermogensbeheerders als hij, Birkenfeld, Amerikanen hielpen om geld waarover zij belasting hadden moeten betalen, uit het zicht van de Internal Revenue Service (IRS, de Amerikaanse belastingdienst) te parkeren.

„U wist dat dit illegaal was, en toch ging u ermee door?” vraagt de rechter, een man met een basstem waarmee boeven in tv-series worden toegesproken.

„Ja,” antwoordt Birkenfeld, die de Amerikaanse nationaliteit heeft. „Ik kreeg goede financiële stimulansen om dat te doen. Later ging ik twijfelen en ben ik opgestapt.”

Behalve een schuldbekentenis van zeven pagina’s weten maar weinig mensen wat voor informatie hij de Amerikanen concreet gegeven heeft. Maar juist afgelopen woensdag onthulde een subcommissie van de Amerikaanse Senaat, dat UBS rijke Amerikanen hielp om 19.000 rekeningen met in totaal zo’n 18 miljard dollar voor de IRS verborgen te houden.

Met Birkenfeld staat heel het Zwitserse bankwezen in de beklaagdenbank. Dit is voor Zwitserland een zaak van groot politíék gewicht.

UBS is de grootste vermogensbeheerder ter wereld. Volgens Scorpio Partnership beheerde de bank in 2007 1.896 miljard dollar. Daarna volgden Citigroup, Merrill Lynch, Credit Suisse en JPMorgan. Dit rijtje illustreert waarom Birkenfelds arrestatie zo ingrijpend is. Birkenfeld kan de VS aan achterstallige belastingcenten helpen. Én hij kan de VS helpen om een zware concurrent van het Amerikaanse bankwezen een kopje kleiner te maken.

Op zo’n kans azen de VS al lang. Het Zwitserse bankgeheim, dat de belangrijkste verklaring is voor de macht van Zwitserse banken, is ze een doorn in het oog. „Nu zien ze een deur open staan”, zegt een financieel expert in Genève, „en ze trappen hem keihard in. Dit verhaal gaat verder dan belastingontduiking of fraude. Het is powerplay. Niet UBS is het mikpunt van de Amerikanen. Het mikpunt is Finanzplatz Schweiz.”

Kortgeleden vuurden de VS een John Doe summons op UBS af – een oekaze om ‘namen en rugnummers’ van Amerikaanse klanten vrij te geven. Daarbij is de SEC, de Securities and Exchange Commission, een procedure begonnen om te bepalen of UBS zich niet als broker-dealer of investment adviser had moeten registreren. Nog een teken dat de boot aan is: de Amerikaanse financiële toezichthouder bemoeit zich nooit met belastingontduiking.

Een van Birkenfelds klanten, de Californische vastgoedmiljardair Igor Olenicoff, is door de IRS in de kraag gevat. Hij bekende dat hij 200 miljoen dollar bij UBS in Zwitserland had staan waar geen belasting over was betaald. Sinds 2001 moeten Zwitserse banken namen en inkomsten uit Amerikaanse waardepapieren van Amerikaanse belastingplichtigen aan de IRS doorgeven – in 2001 sloten de VS en de Zwitserse banken hier, na lang onderhandelen, een deal over. De bankdirecteur is persoonlijk verantwoordelijk; de controle wordt jaarlijks gedaan door een externe accountant. Er was maar één manier waarop Olenicoff zijn geld in Zwitserland buiten bereik van de IRS kon houden: door net te doen of het zijn geld niet was. Birkenfeld, vertelde Olenicoff, zette samen met een Liechtensteinse bankier vennootschappen voor hem op, die hij boven Olenicoffs UBS-rekeningen ‘hing’. Olenicoff was alleen nog ‘begunstigde’ van deze structuur.

Afgelopen donderdag verscheen in Washington Mark Branson, de financiële topman van het wereldwijde vermogensbeheer van UBS, voor de subcommissie van de Amerikaanse Senaat. Net toen de senatoren vechtlustig spraken van „een muur van geheimzinnigheid” waarachter UBS opereerde die moest worden neergehaald, legde hij tot hun verrassing uit dat UBS met de gewraakte praktijk was gestopt. Hij bood zijn verontschuldigingen aan en zegde toe de autoriteiten te helpen bij de opsporing van Amerikanen die met offshoreconstructies hun fiscus oplichten.

Maar tot zover zijn deze constructies volgens de Zwitserse wet een geval van belastingontduiking. Op dat gebied is het Zwitserse bankgeheim totaal. Inkomsten niet opgeven is in Zwitserland, anders dan in veel andere landen, niet strafbaar – niet voor Zwitsers en niet voor buitenlanders met (zwart) geld op Zwitserse banken. Als buitenlandse belastingdiensten op jacht zijn naar een belastingontduiker in Zwitserland, en de Zwitserse justitie vragen om diens bankgeheim op te heffen, luidt het antwoord tot hun groeiende frustratie altijd nee. Dit is waarom een Franse minister de Zwitsers „Alpine belastingdieven” noemt. En waarom een voormalig Duitse minister van Financiën heeft gezegd: „Wie gestolen goed aanneemt, is niets beter dan een dief.”

Belastingfraude, de fiscus actief misleiden, is wel strafbaar in Zwitserland. Witwassen ook, sinds 1990. Om internationaal geen paria te worden – zeker nu fraudebestrijding sinds de aanslagen in de VS van 11 september 2001 deel van de westerse terreurbestrijding is – is Zwitserland op dit vlak buitengewoon coöperatief. En kennelijk heeft Bradley Birkenfeld zijn Amerikaanse klant Olenicoff in 2002 ook geholpen om een valse aangifte voor de IRS in te vullen. Birkenfeld zou Olenicoff hebben verteld papieren te vernietigen, alleen Zwitserse creditcards te gebruiken, en juwelen en kunstwerken van zijn zwarte geld te kopen. De affaire-Birkenfeld lijkt dus óók om fraude te draaien. Birkenfeld beweert dat hij zelfs diamanten in tandpastatubes naar Amerika smokkelde. Olenicoff betaalt intussen ruim 50 miljoen dollar achterstallige belasting aan de IRS, plus rente en boetes. „Voor mensen met verborgen buitenlandse rekeningen is het voortaan oppassen geblazen”, waarschuwde IRS-baas Douglas Shulman laatst in de Financial Times.

Birkenfeld is de eerste medewerker van een Zwitserse bank tegen wie de Amerikaanse justitie een concrete zaak weet op te bouwen. Zodra hij met Olenicoffs bekentenissen werd geconfronteerd, wist hij dat zijn proces een hoge symboolwaarde kreeg – met bijbehorende maximumstraf. Het enige wat hij kan doen om de schade te beperken, is zoveel mogelijk informatie aan de Amerikaanse autoriteiten geven en hopen op strafvermindering. Hij schermt met de namen van 20.000 Amerikaanse rekeninghouders bij UBS. Maar in het Zwitserse bankwereldje gelooft niemand dat hij zoveel namen heeft. Een UBS-medewerker zegt: „Birkenfeld deed rijke klanten. Grote klanten. Meer dan vijftig kan één man er niet managen. 20.000 is bluf.” Toch kwam afgelopen woensdag de Amerikaanse Senaatscommissie met het getal van 19.000 naar buiten.

Op het hoofdkantoor in Zürich is men niet scheutig met informatie over de affaire. De bank wil enkel onthullen dat zij „volledig samenwerkt met de Amerikaanse autoriteiten”. Het is volgens ingewijden „ondenkbaar” dat Birkenfeld schriftelijk bewijs heeft dat zijn superieuren bij UBS erbij betrokken waren. Maar de zaak komt op een beroerd moment. Eerst verloor de bank 38 miljard dollar in de Amerikaanse subprimes, door onverantwoorde risico’s te nemen – verliezen die begin dit jaar werden aangekondigd en wellicht nog niet ten einde zijn. Topman Marcel Ospel moest aftreden. Eentiende van het personeel vloeit af; een deel is uit zichzelf naar de concurrentie vertrokken. De afdeling investment banking werd gesnoeid en onder zware interne curatele geplaatst. Begin juli vlogen vier commissarissen de laan uit. Alle zeilen worden, kortom, bijgezet om schoon schip te maken en het vertrouwen van de klanten te herstellen. In het eerste kwartaal van 2008 haalden zij 12 miljard dollar bij UBS weg. Dat staat nu bij andere banken.

De Zwitserse bankombudsman, Hanspeter Haeni, snibde: „Het goede imago dat Zwitserse banken wereldwijd hadden, is duidelijk beschadigd.” Zo’n opmerking komt in Zwitserland hard aan. Vermogensbeheer, dat goed is voor 15 procent van het bbp, is in Zwitserland ongeveer heilig.

Toch had UBS zelfs middenin de subprime-misère een duidelijk verhaal: ‘De rotte appels zitten bij onze Amerikaanse zakenbank. Onze core business, vermogensbeheer, is onaangetast.’ Birkenfeld slaat de bank met één klap dit argument uit handen. Hij bewijst dat er ook bij vermogensbeheer dingen zijn gebeurd die niet door de beugel kunnen. Het enige wat de UBS kan doen, is ervoor zorgen dat de omvang van dít schandaal beperkt blijft. Volgens Robert Henin, die vroeger bij de SEC werkte, zit UBS in een lastig parket. Aan de ene kant moeten ze laten zien dat ze goed meewerken met het onderzoek. Aan de andere kant proberen ze volgens hem het bankgeheim van hun klanten te beschermen.

„Wij zitten op het puntje van onze stoel”, zegt een vermogensbeheerder bij een kleinere bank, die evenals andere bronnen voor dit artikel anoniem wil blijven. „Als dit escaleert, lopen wij ook schade op.”

Veel Zwitserse banken willen sinds 2001 geen Amerikaanse klanten meer. Veel te riskant. Als er een Amerikaan met een paar ton aankomt, en hij zegt dat het niet zwart is – hoe weet je dan dat hij de waarheid spreekt? Als zo iemand netjes belasting heeft betaald, was hij waarschijnlijk in eigen land gebleven. „Als zogeheten qualified intermediary, tussenpersoon tussen Amerikaanse klanten en de Amerikaanse markt, ben jij verantwoordelijk als er wat fout gaat”, legt een voormalig bankier uit. „Ik heb die deal met de Amerikanen daarom destijds met trillende vingers getekend.”

Maar hij moest wel. Anders dan Europese landen, die al jaren vergeefs proberen Zwitserland te bewegen om op te houden belastingontduikers onderdak te bieden, hebben de VS een stok achter de deur: alle internationale banken hebben dollarrekeningen in Amerika. Daar kan de IRS zo beslag op leggen. Als dat gebeurt, kan de bank geen financiële transacties meer doen: een bank die euro’s in yens wil wisselen, heeft daar dollars voor nodig. Zo’n beslag legt de hele bank stil. Dat houdt de bank maar enkele dagen vol. UBS beheert in de VS bovendien 710 miljard dollar, vooral van Amerikaanse klanten. Ook daar kan de IRS beslag op leggen.

Zwitserse banken hebben dus reden om voorzichtiger te zijn dan ooit met Amerikaanse klanten. Maar wat doe je als bankier als een Amerikaan geen tonnen meeneemt, maar miljoenen, zoals Olenicoff? Vermogensbeheer is gigantisch lucratief – en het aantal miljonairs en miljardairs stijgt. Daarom gaan veel banken nog wel met superrijke Amerikanen in zee, in de hoop dat niet iedereen uitwijkt naar opkomende financiële centra waar veel meer mag, of naar echte belastingparadijzen als de Bahama’s. Bij UBS, waar vermogensbeheer zelfs vorig jaar nog 8 procent groeide (voorheen 20 procent), hebben ze de Amerikaanse clientèle in een aparte ‘unit’ ondergebracht, waar extra strenge regels gelden. Konden bankiers vroeger nog geld, sieraden en andere goodies naar hun klanten brengen – James Bond-achtige escapades, altijd in vrijetijdskleding – dat is nu absoluut verboden. De bank lijkt te hebben beseft dat de bijl eens zou vallen.

UBS, daar twijfelt niemand aan, zal vechten voor het bankgeheim. Het bankgeheim is haar raison d’être. Maar de Amerikanen zullen daar een heel hoge prijs voor vragen. In de oorlog die bankieren soms is, kwam Bradley Charles Birkenfeld voor de Amerikanen als geroepen.