Overheid wil meer tijd voor antwoord

Het kabinet geeft zichzelf meer speelruimte bij de toepassing van twee wetten die burgers de mogelijkheid geven om verhaal te halen bij de overheid. Dit blijkt uit een wetsvoorstel dat de ministers Ter Horst (Binnenlandse Zaken, PvdA) en Hirsch Balling (Justitie, CDA) voor een beoordeling naar de Raad van State hebben gestuurd.

De ministers willen de termijnen in de Algemene wet bestuursrecht (AWB) en de Wet openbaarheid van bestuur (WOB) waarbinnen de overheid moet antwoorden, flink oprekken. Dat gebeurt, zo blijkt uit een toelichting van Binnenlandse Zaken, omdat begin volgend jaar de Wet dwangsom en beroep bij niet tijdig beslissen in werking kan treden. Die wet verplicht overheidsorganen tot het betalen van dwangsommen wanneer wettelijke termijnen worden overschreden. Deze maatregel is het gevolg van een initiatief van de voormalige Tweede Kamerleden Wolfsen (PvdA) en Luchtenveld (VVD). De boetes kunnen oplopen tot maximaal 1.260 euro per keer.

De twee wettelijke regelingen waarvan de termijnen nu worden verruimd, geven de burger de mogelijkheid om bezwaar aan te tekenen tegen beslissingen van overheidsorganen op diverse terreinen (AWB) of maken het – ook voor niet direct belanghebbenden – mogelijk om kennis te nemen van officiële stukken die ten grondslag liggen aan besluiten (WOB).

Het kabinet vindt dat de wet bestuursrecht op drie punten moet worden verruimd. Om te beginnen gaat de termijn waarbinnen moet worden beslist pas in nadat de bezwaartermijn (zes weken) is verstreken. Het eerste uitstel wordt opgerekt van vier naar zes weken. De termijnen in de WOB waarbinnen moet worden gereageerd, gaan van twee naar vier weken en opschorting van het besluit wordt mogelijk als belanghebbenden moeten worden gehoord.

Volgens bestuurder Bianca Rootsaert van journalistenvakbond NVJ is dit „niet in het belang van de journalistiek”. Ze wijst er op dat de WOB voor journalisten al een moeizame kwestie is: „Nu al houden organen zich nauwelijks aan de termijnen of negeren een verzoek gewoon. Dat is heel vervelend omdat voor journalisten een vlotte afhandeling nodig is.”