‘Muziek die recht uit je ziel komt, is van alle tijden’

Vanavond treedt William Bell met zijn Stax Soul Revue op in Den Haag. Eerbewijs aan een legendarisch label voor soulplaten dat na zware jaren helemaal terug is.

Vorig jaar vierde het befaamde soullabel Stax zijn vijftigste verjaardag. Bij de jubileumshow in Memphis schitterden alle nog levende sterren van de platenmaatschappij. Isaac Hayes en Mavis Staples brachten hun onsterfelijke succesnummers, Angie Stone en de jonge zangeres N’Dambi vertegenwoordigden de nieuwe generatie Stax-artiesten, en William Bell en zangtrio The Soul Children lieten het oude soulvuur hoog oplaaien.

Die laatste twee staan centraal bij de Stax Soul Revue die vanavond in Den Haag optreedt, met een tienkoppig orkest van authentieke Memphis-muzikanten.

Op 69-jarige leeftijd is de onverminderd energieke William Bell een van de laatste overlevenden van het gouden tijdperk van de soul. In 1961 debuteerde hij met You Don’t Miss Your Water, een van de eerste grote hits op Stax. Later boekte hij successen met I Forgot To Be Your Lover en Private Number, zijn duet met Judy Clay. Bell geldt als een van de grondleggers van de Stax-soul, niet in het minst door de hits die hij voor anderen schreef, vaak samen met Booker T. Jones. Born Under A Bad Sign, de herkenningstune van Albert King was er één van.

Vanuit zijn kantoor in Atlanta, Georgia legt Bell geduldig uit over welke bouwstenen hij als architect van de Stax-sound kon beschikken: „Gospel was de fundering. De gospelachtergrond van veel Stax-artiesten gaf ons de basis om te zingen vanuit het hart. Geografisch lag Memphis op de ideale plek om uit alle windrichtingen de klanken van gospel, jazz, blues en country & western op te vangen. Al die dingen bij elkaar boetseerden we tot de Stax-sound. Het unieke van Stax was dat blanke en zwarte muzikanten hun passie voor al die muzieksoorten deelden. In de Stax-studio aan McLemore Avenue heerste een ongekende creativiteit.”

William Bell zong al professioneel sinds zijn veertiende en had het eigenlijk te druk met optreden om zich aan het Stax-label te verbinden. „Ik had lucratieve klussen in New York en er was heel wat overredingskracht van producer Chips Moman voor nodig om me terug naar Memphis te halen. Daar trof ik een bijenkorf van muzikale activiteit. In elke kamer bij Stax werd gezongen of gemusiceerd, zelfs in de platenwinkel aan de straatkant, waar kinderen zich na schooltijd verzamelden om de nieuwste plaatjes te horen. You Don’t Miss Your Water had ik al geschreven, maar de meeste van mijn andere succesnummers zijn daar ontstaan. Soms moest ik Booker T. Jones uit zijn bed bellen als ik een organist of muzikale inspiratie nodig had.”

Otis Redding, die zich in eerste instantie als chauffeur van Johnny Jenkins and the Pinetoppers bij Stax vervoegde, werd een drijvende kracht achter het label. Redding met Steve Cropper, Bell met Booker T. en Isaac Hayes met David Porter ontwikkelden zich tot de componistenduo’s van de hits. „Directeur Jim Stewart stimuleerde ons om in teams te werken; een tekstschrijver en een muzikant die elkaar tot grote hoogte stuwden. Als Otis aan het werk was, ging er altijd een zindering door het pand. Maar in de lunchpauze was hij de eerste om flauwe grappen te maken. Indertijd wisten we niet dat we muziekgeschiedenis aan het schrijven waren.”

Als zanger van smekende soulballads ontwikkelde Bell zijn eigen stijl, altijd wat berustender dan de hyperactieve Otis. Wanneer hij voor anderen schreef, verplaatste hij zich in hun belevingswereld. „Albert King kon niet lezen en schrijven. Dus dat liet ik hem zingen: ‘Can’t read/ Don’t know how to write’ om de tragiek van het nummer nog wat aan te dikken. Uiteindelijk heeft hij het zinnetje voor zinnetje uit zijn hoofd moeten leren. Maar de briljante gitaarpartijen die hij tussen de regels door speelde, rolden eruit alsof het hem geen enkele moeite kostte.”

Bell herinnert zich nog precies waar hij was, toen hij op 10 december 1967 hoorde dat Otis Redding was gestorven bij een vliegtuigongeluk. „Op vrijdag had ik nog met hem in de studio gezeten, toen hij (Sittin’ On) The Dock Of The Bay opnam. Die zondag zat ik thuis. Mijn optreden in Chicago was afgelast omdat alle wegen waren dichtgesneeuwd. Eigenlijk had ik met Otis in het vliegtuig moeten zitten, maar het lot bepaalde dat ik thuis bleef. Een bevriende radiopresentator uit Milwaukee belde me om te zeggen dat Otis was verongelukt. Bij Stax ging letterlijk en figuurlijk het licht uit. Dat was het einde van een tijdperk.”

William Bell zou nog grote successen boeken, eerst op Stax en later Mercury, nadat Stax in een uitbarsting van megalomane expansiedrang naar Los Angeles was verhuisd en uiteindelijk failliet ging. Bell is blij dat Stax terug is in Memphis, en belooft dat hij het klassieke soulgevoel op het podium levend zal houden. „Ik ben blij dat jonge artiesten als N’Dambi dat gevoel ook weer oppakken. De muziekwereld is veranderd sinds de sixties, met alle hiphop- en r&b-artiesten die erbij zijn gekomen. Maar muziek die echt uit je ziel komt, is van alle tijden.”

Stax Soul Revue met William Bell, The Soul Children en N’Dambi: 17 juli, Paard van Troje, Den Haag. Info www.paard.nl

Meer over het label Stax via nrc.nl/kunst