Komt er eindelijk een mall...

Een enorme mall moet Tilburg voorspoed brengen.

Maar de andere vier grote steden in de regio zijn het hier niet mee eens. En nu is er ruzie.

Tja, wat moet Johan Willart er van zeggen.

Hij woont sinds twintig jaar op de IJpelaar Hoeve tegenover een militair terrein dat over enkele jaren moet zijn omgetoverd tot een enorme mall die Tilburg meer economische voorspoed en bekendheid moet geven. Johan Willart: „Ik denk dat wij hier weg zullen moeten. We zijn hier uitgeboerd. Dat is jammer. Dat de gemeente zo’n mall wil binnenhalen, zal economisch wel noodzakelijk zijn. Maar ik weet niet of het een succes wordt. In landen als Canada moet je tweehonderd kilometer rijden voor een winkelcentrum. Daar heeft zoiets zin. Hier is het vermoedelijk toch veelal kijken en niks kopen.”

Burgemeester en wethouders van Tilburg hebben hun zinnen gezet op de komst van een mall aan de noordelijke stadsrand. Niet zomaar een groot winkelcentrum, maar een achttien hectare grote „winkelbeleving”, aldus de brochure. Burgemeester Ruud Vreeman (PvdA): „Ik denk dat het voor consumenten heel erg leuk is. Het wordt een hoogwaardig gebied, weer eens iets anders dan de PC Hooftstraat in Amsterdam die altijd wordt genoemd. Het betekent ook een sociaal-economische impuls voor Brabant als geheel. We hebben het hier over een investering van vierhonderd miljoen euro die twee- à drieduizend banen oplevert.”

Vier omliggende steden hebben bezwaren. Sinds enkele jaren presenteren Breda, Tilburg, Den Bosch, Eindhoven en Helmond zich als Brabantstad. Samenwerken is het parool. Maar over de mall bestaat een grondig verschil van inzicht, om niet te zeggen ruzie. De vier steden weigerden in te gaan op het verzoek van de gemeente Tilburg om zitting te nemen in de begeleidingscommissie voor drie onderzoeken naar allerlei mogelijke effecten. Liever deden de steden zelf onderzoek. Projectleider Hedwig Willems: „We hadden de andere steden gevraagd, omdat we voor dit onderzoek zo transparant mogelijk wilden opereren.” Erg jammer dat de steden niet mee willen doen, vindt burgemeester Vreeman. „In andere steden is jarenlang alles min of meer vanzelf gegaan. Breda en Den Bosch hebben aantrekkelijke historische binnensteden. Eindhoven heeft bedrijven zoals Philips die veel investeringen hebben aangetrokken. Tilburg heeft vanaf de jaren zeventig alles op eigen kracht moeten doen. Als dan nu een projectontwikkelaar bij ons aanklopt, dan moeten die andere steden niet ineens zo’n smalle, defensieve houding aannemen. Laten we blij zijn dat de markt voor Brabant kiest, in plaats van de boel alleen maar te willen vertragen.”

Onlangs verschenen alle rapporten. De onderzoeken in opdracht van Tilburg concluderen dat met name de binnenstad en winkelcentra in de wijken zullen lijden onder een mall, maar dat alleen de grootst mogelijke variant een „duurzame ontwrichting van de regionale detailhandelstructuur” tot gevolg zal hebben. De voordelen van de mall, aldus de onderzoekers, „zullen moeten worden afgewogen tegen de voor- en nadelen van profielverandering en mogelijke inkrimping van bestaande centra”.

Tilburg had graag ook de presentatie van het rapport van de vier andere steden bijgewoond. Dat mocht niet. De aanwezigheid van Tilburgse bestuurders werd „niet wenselijk cq. gewenst” gevonden. Het onderzoek van de vier andere steden is negatiever. Bijna driekwart van de omzet gaat ten koste van de huidige winkels in de omgeving, aldus het rapport, en de mall zal „zeer schadelijk” zijn voor met name de modewinkels in de binnensteden van Breda en Den Bosch. Er zullen enkele duizenden banen verdwijnen. Veel logischer zou zijn, aldus dit onderzoek, om de mall in de noordelijke Randstad te vestigen.

De eerste reacties zijn binnen. De middenstand in Tilburg zelf vreest leegstand in de wijkcentra en de binnenstad. De Bredase wethouder Janus Oomen (CDA) maakte gewag van een „desolate binnenstad” waarvoor hij geen verantwoordelijkheid wil nemen. En de Bossche wethouder Bert Pauli (VVD) spreekt van „een verkeerde mall op de verkeerde plek”.

Projectontwikkelaar OVG wil graag uitleggen waarom de mall voor Tilburg en omgeving „kansen” biedt. De mall is niet bedoeld om binnensteden weg te vagen, vertelt ontwikkelaar André van der Zalm, maar om aan de wens van de detailhandel tegemoet te komen. „Er is een schaalvergroting gaande”, zegt hij. „Bedrijven en merken hebben behoefte aan veel grotere winkels dan ze in de binnensteden kunnen krijgen. Die grote winkels moet je in een historische binnenstad ook niet willen, met al z’n aardige steegjes en hoekjes en gezellige kroegjes.” De projectontwikkelaar mikt op het „hogere segment”. Tilburg ligt gunstig voor kapitaalkrachtige klanten die tot anderhalf uur rijden in auto of trein enkele keren per jaar langskomen, uit Brabant maar ook uit Utrecht en Rotterdam, uit Duitsland en België.

De andere Brabantse steden, aldus de projectontwikkelaar, moeten nu niet ineens doen alsof er iets verschrikkelijks staat te gebeuren. Want bijna twee jaar geleden klopte de projectontwikkelaar met hetzelfde idee aan bij Breda. En wat was toen de reactie? „Het college van B&W wil met een positieve grondhouding de mogelijkheid van een megamall in Breda nader onderzoeken”, staat er in een vertrouwelijke brief uit 2006.

De projectontwikkelaar verbrak de samenwerking met Breda. „Het duurde bestuurlijk en ambtelijk erg lang.”