Het geestelijk tankstation is niet meer bemand

Hij wilde een leider zijn van een „warme kerk” waarin de liefde centraal staat. Jeroen Greveling van de Oud-Episcopaal Katholieke Kerk overleed maandag.

Zijn officiële voornaam was Hieronymus, maar hij liet zich liever Jeroen noemen. „Zeg maar Jeroen”, zei hij zeven jaar geleden tijdens een bezoek aan zijn huis in Breda. Bisschop Greveling, sinds 1988 leider van de Oud-Episcopaal Katholieke Kerk in Nederland, lag op bed in zijn slaapkamer, te midden van beelden, boeken en brandende kaarsen. Vanaf 1985, toen hij werd getroffen door een aantal neurologische aandoeningen, moest hij steeds meer rust nemen en was hij uiteindelijk gebonden aan een rolstoel. Afgelopen maandag overleed hij, vijftig jaar oud.

De Oud-Episcopaal Katholieke Kerk in Nederland is voortgekomen uit groeperingen die zich van Rome afscheidden uit protest tegen de afkondiging van de onfeilbaarheid van de paus, in 1870. Zij zochten contact met de zogenoemde oudkatholieken, die zich bijna anderhalve eeuw eerder afscheidden. Ook in Engeland ontstond, in het begin van de twintigste eeuw, zo’n oudkatholieke kerk. Die ging haar eigen weg, en vond ook in Nederland aanhangers: zij vormen de (autonome) Oud-Episcopaal Katholieke Kerk.

Het was bisschop Greveling niet bekend hoeveel gelovigen zijn kerk precies telde – het aantal wordt geschat op ruim driehonderd. Hij vertelde dat zijn kerk liturgische bezoekers had, en dat er ook mensen waren die eenmalig een beroep op de kerk deden. Hij ontving naar zijn zeggen zo’n honderd e-mails per dag, waarvan de helft over levensvragen als scheiding, verlies en ziekte gingen. Hij beantwoordde ze allemaal, „binnen 72 uur”.

De bisschop wilde een leider zijn van een „warme kerk” waarin de liefde centraal staat. Hij noemde zich graag „een pompbediende van een geestelijk tankstation”. We hebben 24-uursservice, iedereen kan komen tanken, legde hij uit. „Mercedes of Eend, dat maakt niet uit. Mijn taak is te zorgen dat alle brandstof van goede kwaliteit is.”

De oud-verpleegkundige Greveling, die in 1980 aan een studie theologie begon maar die niet voltooide, legde zijn ideeën vast in twee boeken: Sacramenten (1999) en Woorden die wegen wijzen (2000).

Greveling ‘ontdekte’ zijn kerk toen hij, als jonge organist in een roomse kerk in Den Bosch, na een mis een priester van de Oud-Episcopaal Katholieke Kerk tegenkwam. Die man vertelde hem dat hij een vrouw en kinderen had. „Dat mócht in die kerk en het sprak mij zeer aan. Ik wilde graag priester worden, maar ik had bezwaren tegen het celibaat”, aldus Greveling in 2001.

Zijn kerk staat ook vrouwen toe als priester. Maar nu Greveling is overleden, heeft zijn geloofsgemeenschap in Nederland geen herders meer. Sinds de dood van enkele andere priesters in de jaren tachtig was hij de enig overgebleven geestelijke. Alle diensten werden gehouden in de Emmauskapel, naast de woning van de bisschop. Zijn uitvaartplechtigheid wordt zaterdag gehouden in Breda, in de rooms-katholieke Bethlehemkerk.