Dansen en gymnastiek doe je in het park

Dertig jaar geleden, toen ik voor de eerste maal naar China reisde, was ik voor veel Chinezen de eerste buitenlander die ze ooit in hun leven hadden ontmoet. Het was daarom heel bijzonder dat ik thuis bij de de familie van mijn coach Liu werd uitgenodigd voor een diner.

Als tegenwicht voor hun sobere behuizing, hadden Liu en haar man, die basketbalcoach was, dagen lang in de keuken gestaan om een copieuze maaltijd te bereiden.

Het was bizar om de hele avond samen te zitten en nauwelijks te kunnen communiceren.

Toen we ‘uitgepraat’ waren, haalde Liu een oude grammofoon tevoorschijn en vroeg of ik wilde dansen.

Bang als ze waren om af te gaan, moest er nog heel wat schroom overwonnen worden,maar toen ze zag dat ik mij nergens voor schaamde,durfden ze toch mee te doen.

Aan het eind van de avond stonden we te discodansen in de kamer. Het was geen wonder dat mijn vrienden schroom moesten overwinnen, want dansen was in de ogen van Chinezen nog een verderfelijk westers fenomeen.

Pas in 1985 zou discodansen als massasport zijn intrede doen in China. Aanvankelijk was het een mix van jazzballet en aerobics; na de hervormingen van Deng Xiaoping verving het de ochtendgymnastiek die massaal via de radio werd gevolgd. Chinezen beschouwden discodansen als een nieuwe vorm van vrijetijdsbesteding waarbij zij ook nog eens aan hun dagelijkse lichaamsbeweging toekomen.

Nu is dansen een populair en geaccepteerd tijdverdrijf. Ouderen nemen eten en drinken mee en organiseren hun eigen dansgroepjes. Ze zetten cassetterecorders op de grond, hangen luidsprekers in de bomen en tonen geen gene.

Het Ritanpark en het Tiantanpark in het westen van Peking zijn populaire ontmoetingsplaatsen. In alle vroegte komen daar duizenden bejaarden, niet alleen om te discodansen maar ook om te gymnastieken, badmintonnen, pingpongen, muziek te maken, te kaarten, diabolo te spelen of taichi te oefenen. De parken zijn een soort speeltuin voor ouderen.

Over hun vale geïmproviseerde sporttenues dragen de pensionados nonchalant een colbert en in hun versleten katoenen tasjes slepen ze een transistorradiootje en allerlei gezellige etenswaar mee.

Mevrouw Ying komt samen met haar echtgenoot elke dag naar het Tiantanpark om te dansen. „In mijn jeugd was dansen verboden. Misschien geniet ik er daarom extra van. Het doet geen pijn en de tijd vliegt.”

Ying’s echtgenoot is het met haar eens. „Discodansen zorgt ervoor dat het kinderlijke hart van ons ouderen blijft kloppen.”

Deze en komende week elke dag een foto over sport in China met een verhaal van een correspondent die eerder als tafeltennisser veel in China is geweest. Bettine Vriesekoop werd tussen 1977 en 2002 twee keer Europees kampioen en veertien keer Nederlands kampioen tafeltennis.