Tyler Hamilton

In Narbonne, morgen finishplaats van de twaalfde etappe, staat in 2003 Tyler Hamilton met een van pijn verwrongen gezicht bij de start, voor de opvallende camera’s van de makers van een IMAX-film over het lijden van Tourrenners, Brain Power. Is er een beter onderwerp dan een Amerikaanse coureur die met een sleutelbeenbreuk doorfietst en die een paar dagen later ook nog een rit zal winnen?

Hamilton (1 maart 1971, Marblehead, Massachusetts) begint zijn sportcarrière als veelbelovend skiër in Colorado. Door een blessure stapt hij over naar de wielersport. Hij wordt de superknecht van Lance Armstrong en doet het op trainingen in hun woonplaats Gerona steeds vaker beter dan zijn kopman. In 2003 wint hij Luik-Bastenaken-Luik en ritten in alle grote rondes. Met zijn gebroken sleutelbeen wordt hij vierde in de Tour. Een jaar later kopieert hij bij Phonak het concept-Armstrong: alles voor de kopman. „Never been better”, jubelt hij na een tweede plaats in de klimtijdrit op de Ventoux in de Dauphiné. In de Tour valt hij roemloos uit, in Athene wordt hij olympisch kampioen tijdrijden, in de Vuelta valt hij uit.

Op 21 september 2004 wordt Hamilton positief verklaard op het gebruik van een illegale bloedtransfusie. Zijn gouden medaille mag hij door procedurefouten houden. In 2006 onthult de Deense krant Politiken een imposant behandelschema met verboden producten. In 2007 rijdt hij even bij het Russische Tinkoff, tot hij wordt gelinkt aan de Spaanse dopingarts Eufemanio Fuentes. De film Brain Power verschijnt wel, maar zonder de beoogde hoofdrolspeler. Hamilton slijt zijn laatste wielerdagen nu bij een hippe Amerikaanse ploeg, Rock Racing.

Maarten Scholten