Strafzaak makkelijker heropend

Wie vindt dat hij ten onrechte is veroordeeld, krijgt meer kans op een nieuwe behandeling van zijn strafzaak. Nieuw bewijsmateriaal, maar ook inzichten van deskundigen kunnen reden zijn om een zaak opnieuw voor de rechter te brengen.

Minister Hirsch Ballin (Justitie, CDA) maakte deze uitbreiding van de zogenoemde herzieningsregeling gisteren bekend. Onterecht gebleken veroordelingen zoals in de Schiedamse parkmoord (2000) en de Puttense moordzaak (1994) hebben het rechtssysteem volgens de minister „geschokt”. Dat maakt de wijziging nodig.

Volgens de huidige regeling moet iemand die is veroordeeld zelf nieuw bewijs aandragen als hij een nieuwe rechtszaak wil. In de praktijk blijkt dat nauwelijks mogelijk. Om dat makkelijker te maken krijgt de procureur-generaal bij de Hoge Raad de bevoegdheid na een verzoek van de veroordeelde nieuw onderzoek te laten uitvoeren. Bij een opgelegde gevangenisstraf van twaalf jaar of meer moet zo’n verzoek, als het voldoende gemotiveerd is, worden toegewezen.

Het Openbaar Ministerie krijgt de mogelijkheid vrijgesproken verdachten van misdaden waarop levenslang staat, opnieuw te vervolgen bij nieuw „zeer belastend bewijs” of bij een „ernstige procedurele onregelmatigheid” zoals meineed of een omgekochte rechter. Daarmee wordt het principe verlaten dat iemand maar één keer voor dezelfde zaak kan worden berecht. Volgens de minister is de huidige voorziening „verouderd”. „Het is niet in strijd met de uitleg die het Europees Hof voor de Rechten van de Mens aan dit principe geeft”, zegt de minister. „Je zou op een probleem stuiten als je elke vrijspraak kon laten volgen door een herkansing voor het OM. Maar dat is duidelijk niet aan de orde.”

De nieuwe herzieningsregeling maakt onderdeel uit van maatregelen om opsporing en vervolging te verbeteren. Zo moeten politie en justitie medewerkers aanstellen om intern kritiek te leveren op de opsporing.

Lees een interview met Hirsch Ballin via nrcnext.nl/links