Bush wil snel olie boren voor kust

De Amerikaanse president Bush heeft gisteren het moratorium op olieboringen voor de kust van de Verenigde Staten opgeheven. De opheffing van het presidentiële verbod – dat in 1990 werd ingesteld door Bush sr. en verlengd door diens opvolger Clinton – is vooralsnog puur symbolisch: ook 27 jaar oude federale wetgeving verbiedt boringen.

Milieuorganisaties zeiden echter te vrezen dat het Congres in dit verkiezingsjaar – waarin de maatschappelijke onvrede over de sterk gestegen benzineprijzen snel is gegroeid – uit electorale overwegingen aan de milieuwetgeving zal gaan morrelen. Volgens Bush en andere voorstanders van de boringen zal de vondst van (mogelijke) olie in de Atlantische en Stille Oceaan en in de Amerikaanse Golf, de VS minder afhankelijk maken van dure olie uit het buitenland.

Bush kondigde de afschaffing in juni al aan, maar gaf het Congres toen nog een maand om het wettelijke verbod op te heffen. Pogingen van de Republikeinen dit voor elkaar te krijgen, strandden er echter op weerstand van de Democratische meerderheid. Gisteren zei Bush: „Het enige dat nu nog tussen deze grote oliereserves en het Amerikaanse volk in staat, is actie door het Congres.”

De Democratische voorzitter van het Huis van Afgevaardigden, Nancy Pelosi, noemde Bush’ initiatief een opzetje „dat de benzineprijzen noch de energieafhankelijkheid zal verlagen”. Haar partijgenoot senator Barabara Boxer uit California toonde zich bezorgd: „Het publiek staat achter het moratorium, maar als de president van de Verenigde Staten doet voorkomen alsof dit het probleem van de benzineprijzen oplost, moet je je zorgen gaan maken.”

De prijs van een gallon (circa 3,7 liter) benzine is ten opzichte van vorig jaar met een dollar gestegen tot ruim 4 dollar, omgerekend ruim 1 euro per liter. Uit een enquête van Pew Research bleek deze maand dat 47 procent van de ondervraagden voor de boringen is, tegen 35 procent enkele maanden terug. Het aantal mensen dat energiebesparing belangrijker vond dan voor de kust boren of nieuwe elektriciteitcentrales bouwen, daalde van 55 naar 45 procent.

De Republikeinse presidentskandidaat McCain was ook tegen, maar wijzigde dat standpunt vorige maand. Zijn Democratische rivaal Obama is nog wel tegen. (AP)