Artsen zonder Grenzen moet losgeld teruggeven

Artsen zonder Grenzen (AzG) moet de Nederlandse regering 270.000 euro terugbetalen. Dat heeft het Zwitserse federale hof gisterochtend bepaald. De zaak draaide om de 1 miljoen euro losgeld die in 2004 werd betaald om Arjan Erkel, destijds AzG-medewerker, vrij te krijgen nadat hij werd ontvoerd in de Russische republiek Dagestan.

Het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken betaalde daarvan 770.000 euro en AzG 230.000 euro. Beide partijen eisten het geld later van elkaar terug. Het gaat Buitenlandse Zaken om een principiële kwestie, omdat de schijn wordt gewekt dat Nederland losgeld betaalt voor ontvoerde Nederlanders. De Nederlandse regering heeft steeds volgehouden dat het om een voorschot ging en dat was gehandeld op verzoek van AzG.

De Nederlandse staat verloor de zaak tot twee keer toe, maar is nu door de hoogste rechtelijke instantie van Zwitserland toch nog in het gelijk gesteld. Het hof in Lausanne heeft besloten dat beide partijen allebei de helft van het losgeld van 1 miljoen moeten betalen. Omdat AzG al 230.000 had betaald, komt er nog 270.00 bij. Het hof heeft de argumentatie voor zijn besluit nog niet bekendgemaakt.

Artsen zonder Grenzen heeft „met ontsteltenis kennis genomen” van het oordeel. Volgens de hulporganisatie heeft de uitspraak grote gevolgen voor onafhankelijke humanitaire hulpverlening in conflictgebieden.

Hoewel AzG de motivatie van het hof nog niet kent, spreekt het van een „salomonsoordeel”.

Erkel leidde de Zwitserse AzG-missie toen hij op 12 augustus 2002 werd ontvoerd. Hij kwam op 11 april 2004 vrij na 607 dagen gevangenschap.

Erkel wil niet reageren op het nieuws dat zijn voormalige werkgever een flink bedrag moet terugbetalen aan de Nederlandse regering. „Ik blijf er ver buiten. Het gaat dan wel over mij, maar niet om mij.” Hij zegt het jammer te vinden dat publiekelijk over het losgeld en specifieke bedragen wordt gesproken.