Ten Dam is Rocky onder Raborenners

Raborenner Laurens ten Dam valt in zijn eerste Tour de France op in de Pyreneeën. „Hij doet me denken aan Johan van der Velde. Echt een koersbeest.”

In 1989, als jochie van negen, zag Laurens ten Dam thuis in Zuidwolde hoe Gert-Jan Theunisse zijn heroïsche solo door de bergen afsloot met ritwinst op Alpe d’Huez. Inmiddels is de videoband grijs gedraaid. Net als de dvd van de legendarische overwinning van Michael Boogerd op La Plagne in 2002. Als beginnende twintiger trok hij er als amateurwielrenner op uit om naar de bergetappes in de Tour de France te gaan kijken.

Gisteren, in de eerste Pyreneeënetappe over de Peyresourde en de Aspin, reed de 27-jarige debutant van de Raboploeg zelf voorop in de groep met favorieten die jacht maakte op de latere ritwinnaar Riccardo Ricco. „Ja, hier heb je het allemaal voor gedaan”, zeiTen Dam aan de finish in Bagnères-de-Bigorre. „Dat je hier nu zelf rijdt, tussen al dat publiek.”

Ten Dam vervulde gisteren een cruciale rol in de Raboploeg. „Het belangrijkste is dat we na de Aspin nog iemand bij Mentsjov in de buurt hebben”, zei ploegleider Erik Breukink vooraf. Hoewel ook Pieter Weening nooit ver weg was, viel vooral het sterke rijden van Ten Dam op. In de verte had hij wel iets weg van zijn ploeggenoot en vriend Thomas Dekker.

Zelf bleef Rocky, zoals zijn bijnaam in de ploeg luidt, er nuchter onder. „Er kwam een groep van 30 tot 40 man de Aspin over. Daar hoor ik gewoon bij te zitten.” En dat hij in de beklimmingen en de afdaling naar de finish brutaal de kop had genomen in de groep met favorieten? „Ricco is gevaarlijk voor het klassement, die mocht niet te veel ruimte krijgen.”

In zijn eerste Tour cijfert Ten Dam – vanmiddag bij de start van de etappe naar Hautacam 28ste in het klassement – zich volledig weg voor kopman Mentsjov. „Het is in de bergen de bedoeling dat ik zo lang mogelijk bij hem blijf.”

Bij afwezigheid van Thomas Dekker, met wie hij in mei in Toscane nog een trainingskamp belegde, stijgt Ten Dam snel in de hiërarchie van de ploeg. Nadat hij in de Ronde van Luxemburg door ploegleider Erik Dekker nog klein werd gehouden omdat Joost Posthuma moest winnen, vervult hij in de Tour steeds meer een leidersrol. Nadat Mentsjov in de derde etappe de slag miste, nam hij het intern als eerste voor zijn kopman op.

De afgestudeerd econoom (aan de Johan Cruyff University) is als renner een laatbloeier. Nadat hij als jochie voetbalde en tenniste, begon hij in een oude joggingbroek te fietsen. Als tweedejaars junior werd hij in de Heuvelland Tour door Piet Hoekstra gescout als klimmer. Via Batavus kwam hij bij de opleidingsploeg van Rabobank. „Sterke vent”, oordeelde toenmalig directeur Theo de Rooij vorig jaar. „Hij doet me denken aan Johan van der Velde. Hij kan goed uit de voeten in de Vlaamse klassiekers, maar ook in het hooggebergte. Echt een koersbeest.”

Vorig seizoen brak Ten Dam, ook bekend om zijn voorliefde voor lange trainingen in slecht weer, door bij de profs van Unibet.com. In de Ronde van Duitsland schitterde hij op de Rettenbachferner en werd hij achtste in het klassement. Omdat zijn ProTourploeg werd geweigerd voor de Ronde van Frankrijk, stond hij open voor een aanbieding om terug te keren bij Rabo.

Of hij gisteren een beetje had genoten tijdens de etappe? „Je hebt onderweg geen tijd om te denken. Je bent met je taak bezig. Eten, drinken, welke versnelling moet ik steken. Op dat moment is het meer pijn lijden dan genieten. Het genieten komt pas na de Tour.”