Kroniekje van een paar christelijke kabinetten

Wat hebben de christenen die over ons gesteld zijn te vrezen van klokkenluider Fred Spijkers die al sinds 1984 op een fatsoenlijk gebaar van de overheid wacht?

Toen in 1984 een militair was verongelukt bij de ontmanteling van een ondeugdelijke landmijn, kreeg Spijkers namens de over hem gestelde christen-minister van Defensie (die Job de Ruiter heette) opdracht om tegen de weduwe te liegen dat het eigen schuld was geweest. Dat scheelde weer een schadevergoeding. Spijkers weigerde, bracht de zwendel aan het licht, en ontdekte ook nog dat Defensie allang wist dat ze ondeugdelijke mijnen in huis had.

De christenen die vierentwintig jaar geleden over ons gesteld waren hadden wel andere namen, maar als het om hun normen en waarden ging. waren ze van alle tijden.

Zodra Fred Spijkers zijn bevindingen openbaar had gemaakt, gelastte het toenmalige christelijke departement van Defensie een onderzoek naar zijn verstandelijke vermogens, en werd al snel de conclusie gepubliceerd dat hij inderdaad een paranoïde, schizofrene en politieke crimineel was. Hij werd ontslagen, kreeg geen wachtgeld, en het hele kabinet haalde opgelucht adem.

Pas toen de bedriegers (bewindspersonen plus ambtelijke collaborateurs) zich door de publiciteit in het nauw gebracht voelden, werd Spijkers in 2002 zogenaamd ‘gerehabiliteerd’. Weer bedrog. De politieke crimineel kreeg een lintje, en op grond van een vaststellingsovereenkomst zelfs een onbelaste schadeloosstelling van 1,6 miljoen euro. Maar hij had het geld nog niet op z’n giro, of de fiscus stuurde een aanslag van 9 ton. Niks eerherstel dus.

Staatssecretaris Van der Knaap, die elke dag de schoenen van premier Balkenende poetste nadat hij eerst uitvoerig diens hielen had gelikt, en die als beloning ergens burgemeester mocht worden, ontzegde Spijkers het recht om in zijn eigen dossiers te kijken, en verzekerde later de Tweede Kamer dat alle stukken over de zaak zeventig jaar in het Nationaal Archief opgeborgen zouden blijven. De volgende christelijke schoenpoetser heeft tot dusver nog niet beloofd er zestig jaar van te maken.

‘Maar het ligt toch niet alleen aan de christenen?’, hoor ik een mevrouw op de achterste rij interrumperen.

Natuurlijk niet, mevrouw. Bij de VVD, om iets onchristelijks te noemen, hebben ze er ook altijd mee terecht gekund. De vrijdenkersruimte van Mark Rutte zou uit haar voegen barsten als je daar alles in zou willen onderbrengen wat de liberalen de afgelopen jaren stiekem in de doofpot hebben helpen stoppen. Maar het is nou eenmaal zo, mevrouw, dat Onze-Lieve-Heer het octrooi op Nederlandse zeden en gewoonten voor de eeuwigheid exclusief aan het CDA heeft gegund.

Het zijn daarom ook de christendemocraten in het kabinet die er op toezagen dat de voorzitter van de Onderzoeksraad voor Veiligheid geen kans kreeg om in de affaire-Spijkers te bemiddelen. Ze hadden er niet aan moeten denken! Pieter van Vollenhoven zou krachtens z’n functie alle archieven mogen openen die de burgemeester van Ede net met duizend sloten had beveiligd. Dan nog liever Agnes Jongerius die op het punt van geheime dossiers tenminste geen enkele bevoegdheid bezat.

De huidige christen van Defensie wist nog iets beters. ‘De kwestie’, zei Eimert Middelkoop, ‘is geregeld toen in 2002 een overeenkomst met Fred Spijkers is gesloten. Mocht hij problemen ondervinden bij de uitvoering, dan kan hij bij Defensie aankloppen. Maar een tussenpersoon is niet nodig.’

Vierentwintig jaar geleden is een ambtenaar namens zijn christelijke minister dus op stap gestuurd om een weduwe te bezwendelen, en acht kabinetten later zegt de zoveelste Job de Ruiter met een uitgestreken gezicht: ‘Problemen bij de uitvoering van uw vaststellingsovereenkomst? Klop aan!’

En nóg toont de over ons gestelde christelijke minister-president zich beledigd als de Nationale Ombudsman vaststelt dat hij de burger horkerig behandelt.

Jan Blokker