Acht jongeren in Mexico gedood

Onbekende schutters hebben gisterochtend vroeg in een drukke straat in de Mexicaanse stad Guamúchil vier auto’s met kogels doorzeefd, waarbij de inzittenden, acht jongeren, om het leven kwamen. Het jongste slachtoffer was een meisje van twaalf jaar.

In de toeristische havenstad Mazatlán, in dezelfde door geweld geteisterde staat Sinaloa, hadden zaterdag zes andere gewapende mannen, verkleed als politieagenten, urenlang tientallen bezoekers van een restaurant in een winkelcentrum gegijzeld. De mannen hadden zich daar verschanst nadat ze de plaatselijke politiecommissaris hadden doodgeschoten, omdat hij verzet bood toen ze hem probeerden te ontvoeren.

Na onderhandelingen met de politie kregen de gijzelnemers een vluchtauto en konden ze met enkele gijzelaars vertrekken uit het door leger en politie omsingelde winkelcentrum. De laatste gijzelaars lieten ze even later vrij, waarna de misdadigers wisten te ontkomen.

Sinds de Mexicaanse regering eind 2006 een offensief ontketende tegen drugshandelaren, zijn zo’n 500 politiemensen om het leven gekomen. Sinds begin dit jaar zijn bij drugsgeweld in totaal zo’n 1.700 mensen omgekomen, vaak slachtoffers van de onderlinge strijd tussen drugsbendes. Regelmatig worden op straat lijken gevonden met sporen van ernstige mishandeling, soms ook losse hoofden.

In de noordwestelijke staat Sinaloa, waar een machtig drugskartel zetelt, komt meer geweld voor dan in de meeste andere Mexicaanse staten. Het is de thuisbasis van de meest gezochte drugshandelaar, Joaquín Guzmán, bijgenaamd ‘el Chapo’ (kleintje). Hij zou in een bittere strijd verwikkeld zijn met zijn rivaal Beltrán Leyva. Huurmoordenaars van deze Beltrán zouden in mei een van de kinderen van Guzmán vermoord hebben. (AP, AFP)