Misvattingen over de Bekendmakingswet

De Bekendmakingswet regelt dat de elektronische publicatie van wetten de rechtsgeldige publicatie is, daar waar vroeger de papieren variant afgedrukt in de Staatscourant en het Staatsblad dat was. Frank Kuitenbrouwer stelt dat deze wet ondeugdelijk is, omdat deze de nevenschikking van elektronische en conventionele middelen opzij zou schuiven (Opiniepagina, 8 juli).

Het is echter de argumentatie van Kuitenbrouwer die ondeugdelijk is. Zo geldt verplichte digitale belastingaangifte alleen voor bedrijven en niet voor particulieren. In zijn andere voorbeelden gaat het om dienstverleningsarrangementen van de overheid waarbij burgers omwille van het gelijkheidsbeginsel een keuzevrijheid in contactkanaal moet worden geboden.

De wetgever heeft niet voor ogen gehad het aantal contactkanalen te verminderen, maar geeft met de Bekendmakingswet het elektronische kanaal formele status. Het elektronisch publiceren van regelgeving heeft dan ook een aantal evidente voordelen. Daarbij gaat het niet alleen om het besparen van kosten voor de overheid zoals Kuitenbrouwer suggereert. Het leidt ook tot kostenbesparing voor de burger en, belangrijker, de controleerbaarheid door de volksvertegenwoordigers en de wetgever alsmede de tijdigheid van beschikbaarstelling kunnen met elektronische bekendmaking worden verbeterd.

Digitale publicatie als primaire authentieke bron heeft verder als voordeel dat de ondersteuning voor alle bij de totstandkoming van regelgeving betrokkenen personen kan worden verbeterd en dat grote kwaliteitswinst kan worden bereikt. Ook kunnen servicepartijen en uitgevers digitale adviesproducten maken die burgers en bedrijven helpen ingewikkelde juridische vragen te beantwoorden. Op verschillende terreinen zijn al voorbeelden van dergelijke toepassingen te vinden.

Het verder ontwikkelen van deze juridische kennistoepassingen draagt meer bij aan de toegankelijkheid van regelgeving voor burgers dan het vasthouden aan de traditie van bekendmaking via een papieren medium.