Julidans neemt verfrissend veel risico’s

DansJulidans met Nanine Linning. T.R.A.S.H./Kristel van Issum, Hiroaki Umeda. Gezien 7-10/7 Amsterdam. Inl: julidans.nl.

Hoe lang blijf je ‘veelbelovend’? Nanine Linning, ex-huischoreografe van het Scapino Ballet, geldt al meer dan tien jaar als een belofte, maar de inlossing wordt door haar telkens uitgesteld. Het gebeurde maar niet, die doorbraak naar een artistiek interessante visie. Haar nieuwste voorstelling, Dolby, laat zelfs het tegenovergestelde zien: Linning blijkt niets te melden te hebben.

Veel is zwak aan Dolby , te zien op het festival Julidans, dat vanavond afsluit. De choreografie op hardrockgejengel is schools en voorspelbaar verspringend. En de jonge dansers, studenten nog, blijken nog lang niet in staat om de voorstelling te dragen. Als een danseres naakt uit een berenpak kruipt, zie je dat ze er liever niet zo zou staan. Net als het duo Guy & Roni laat Linning haar dansers hard vallen en rollen, maar het ziet er braaf en onwennig uit. Linning is te zeer op de buitenkant gericht om aards, risicovol en rauw te zijn.

Alles wat ze elders ooit zag, heeft Linning in een grabbelton gegooid en aan elkaar gesmeed. Maar er wordt niets nieuws toegevoegd aan de eerder geziene slingerende lampen, op de muur lopende dansers, een flard interview uit een radio („Amerika is een derdewereldland”) of het berenpak. De folder meldt dat het gaat over de onderdrukking van de ruis in ons hoofd; het gebrek aan concentratie. De dansers staan inderdaad regelmatig stil na een hoop choreografische drukte. Maar de dramaturgische noodzaak, de spanningsopbouw, de betekenis en de inhoud – die ontbreken.

Het Tilburgse gezelschap T.R.A.S.H. van Kristel van Issum heeft haar belofte sneller ingelost. In 2005 kwam de eerste voorstelling Pork-in-Loop uit en sindsdien stromen de zalen langzaam vol. Hun nieuwste productie íSa is zelfs een internationale co-productie. In tegenstelling tot Linning heeft het vele vallen en neerstorten van de dansers bij Van Issum wél noodzaak. De dansers maken spastische bewegingen en slaan dierlijke kreten. Het zalvende, modern-klassieke strijkje met hemelse zang van Harm Huson zorgt voor het contrast. Soms zijn al die krioelende mafkezen lachwekkend, maar hun ernstige zoektocht ontroert. íSa gaat echt ergens over. Door de herhalingen is het niet altijd even sterk, maar wel onderzoekend en compromisloos. Danseres Tegest Pecht Guido had genomineerd moeten worden voor de Zwaan-dansprijs; wat een kracht en persoonlijkheid heeft deze Ethiopisch-Duitse petite.

Dit was geen enerverend jaar voor Julidans, maar het festival nam wel fris veel risico: op Akram Khan na ontbraken de grote namen. In plaats daarvan boekte het festival veel kleinere onbekende voorstellingen. Sommige daarvan, als die van de Chinese groep Zuhe Niao, waren een aangename verrassing. Ann Van den Broek sloeg met Co(te)lette, dat ze vorig jaar maakte, wederom bij menigeen in als een bom. De Japanner Hiroaki Umeda (vorig jaar al op Noorderzon) toonde zijn virtuoze lichaamsbeheersing. In twee solo’s vol elektronische storingsgeluiden en lichteffecten gaf hij een nieuwe draai aan de electric boogaloo; de schokkerige hiphopdans. Volgend jaar krijgt Julidans veel meer subsidie. Om hopelijk nog meer te verrassen als de eigenzinnige onder de dansfestivals.