Een hardere klap had ook gekund

Wie staat er voor de rechter en waarom? In Amsterdam-Noord werd een man getergd door een hangjongere. Maar wie slaat, wordt aangeklaagd.

In het Verdomhoekje in Utrecht woont Wesley. Een jonge jongen die, met z’n makkers, de buurt terroriseert. Van de rechter mocht hij de wijk al niet meer in. De kortgedingrechter deed er deze week nog een schepje bovenop. Als Wesley het straat- en contactverbod overtreedt, mag de politie hem drie dagen gijzelen. In de cel stoppen. Die uitspraak zou wel eens gevolgen kunnen hebben voor andere hangjongeren, denken juristen.

Amsterdam-Noord heeft ook een Wesley. Deze Wesley moest al eerder voor de rechter komen, nog vóór de uitspraak van de Utrechtse rechter. Hij zit, met zijn voltallige familie, op de publieke tribune in de rechtzaal in Amsterdam. Wesley is hier namelijk als slachtoffer. Slachtoffer van het geweld van meneer P., bewoner van de Vogelbuurt in Noord. Meneer P. is zelf niet aanwezig, hij is met vakantie. Zijn advocaat is er wel. Die vertelt over de spanningen in de wijk tussen de jongens en de bewoners. Spanningen die al jaren steeds hoger oplopen en die in november 2006 tot een ontlading kwamen. Althans, bij meneer P.

De moeder van meneer P. woont aan een pleintje, toevallig net een pleintje waar Wesley graag met zijn vrienden ‘hangt’. Plotsklaps klonk daar, op klaarlichte dag, een knal. Een bom? Vuurwerk? Een vuurwerkbom? Meneer P., die dag bij zijn moeder op bezoek, kon het weinig schelen wat de knal veroorzaakte. Hij zag Wesley met zijn maten, en dat was voor hem genoeg. Hij ging, zoals zijn advocaat zegt, door het lint, rende naar buiten en tuigde Wesley af.

Zoals de advocaat het vertelt, lijkt het vooral bijzonder dat meneer P., of welke buurtbewoner dan ook, niet veel eerder klappen uitdeelde. Of hardere klappen. Meneer P., zegt de advocaat, is een vredelievende man. Tien jaar werkte hij op de ambulance. Hij is dus wel gewend aan agressie en intimidatie. En hij is zelf ook jong geweest. Maar de spanningen in de buurt werden hem te veel. Meneer P., zegt de advocaat, weet dat het fout was wat hij deed. Hij heeft aangeboden alle schade te vergoeden en hij heeft Wesley een excuusbrief gestuurd. Wesley heeft daar niet op gereageerd. Zijn vader wel, die is nog eens langsgegaan bij de echtgenote van meneer P. Om haar te bedreigen.

Waar meneer P. een beetje mee zit, is dat hij daags na het incident met Wesley, vroeg in de ochtend, door een arrestatieteam van vijf man uit zijn bed werd gebeld en vervolgens een nacht in de cel moest doorbrengen. Hij noemt dat de omgekeerde wereld. „Ineens ben je de dader.”

Wesley krijgt het woord. Hij is er, bijna twee jaar na de mishandeling, nog altijd stuk van. In een plastic tas zit de kleding die beschadigd raakte na de worsteling met meneer P. Of de rechter het wil zien. Dat wil de rechter niet. De rechter vraagt wel waarom Wesley niet is ingegaan op het aanbod van de wijkagent om te bemiddelen. Daar was hij nog niet aan toe, zegt Wesley. „Ik wou die man niet meer zien. Als ik hem tegenkom, draai ik mijn hoofd om.” Jammer, zegt de rechter. Bemiddeling zou nuttig kunnen zijn.

Voor de officier van justitie is het duidelijk. Meneer P. is te ver gegaan. Hij eist een boete van 330 euro. De rechter is er nog niet uit. Wij doen hier aan strafrecht, zegt hij tegen Wesley en zijn ouders. Hij ziet ook wel, zegt hij, dat er spanningen in de wijk zijn. Maar het is niet aan hem zich daarin te verdiepen, laat staan de problemen op te lossen. „Dat klinkt laf. Maar zo is nou eenmaal het systeem.” Hij is al verder gegaan dan zijn rol hem toestaat door bemiddeling voor te stellen, vindt de rechter. Zijn taak is straffen. Maar wie en hoe? Hij denkt hardop. Wat wil hij met straf bereiken? Wat kan hij doen aan het sociale probleem dat daar in Noord al zo lang speelt? Kan hij een straf bedenken die dat probleem in elk geval niet groter maakt? Zal hij meneer P. een „corrigerende tik” geven? Nee, dat heeft geen zin meer, vindt hij. Daarvoor is de mishandeling te lang geleden en heeft meneer P. te veel spijt. Dan maar een waarschuwing. Want, vindt de rechter, die moet er wel komen. Meneer P. krijgt 30 uur voorwaardelijke werkstraf.