De linkerhand van Nicolas Sarkozy

De uitvoering van de even ambitieuze als eigenzinnige Europapolitiek van de Franse president Sarkozy ligt in handen van zijn even gematigde als solide staats-secretaris Jouyet.

De linkerhand van president Sarkozy, is hij wel genoemd. Misschien wat al te intiem, maar de sociaal-democraat Jean-Pierre Jouyet speelt als staatssecretaris van Europese Zaken wel een voorname rol tijdens het Franse voorzitterschap van de Europese Unie.

Grotendeels op de achtergrond. Jouyet (54) is het Europese oliemannetje van Sarkozy. Waar de president met zijn ambitie en eigenzinnigheid wantrouwen en wrevel wekt, komt Jouyet masseren en matigen. En dat is regelmatig nodig, want Sarkozy wil altijd wel iets wat bij de Europese Commissie of bij andere lidstaten verzet oproept.

Als Jean-Pierre Jouyet de vraag krijgt of het niet lastig is om voor een ‘hyperdynamisch’ staatshoofd te werken, antwoordt hij dat het „Europese algemeen belang” natuurlijk altijd voorop staat, maar dat „echt debat” Europa geen kwaad zal doen.

Dat is Jouyet: hij verdedigt Sarkozy, maar niet zonder ook een beetje afstand te nemen. Altijd eerst even zeggen dat Sarkozy net als hij een „overtuigd Europeaan” is. Maar meestal volgt dan de toevoeging dat Jouyet zelf sociaal-democraat is – net als enkele Europese regeringsleiders, maar anders dan Sarkozy en de meeste van zijn collega’s in de Franse regering.

In feite is Jouyet in ruim een jaar uitgegroeid tot een van de meest markante van Sarkozy’s zeven linkse bewindslieden, aangetrokken in naam van de ouverture, de doorbraak op zijn Frans.

Anders dan bijvoorbeeld de minister op Buitenlandse Zaken onder wie hij valt, Bernard Kouchner, was Jouyet tot zijn benoeming geen uitgesproken PS-man. Wel werkte hij voor linkse politici. Zo was hij vier jaar kabinetschef van voorzitter Jacques Delors van de Europese Commissie en was hij staflid van de socialistische premier Jospin.

Tot 2007 was Jouyet de huisvriend van de socialistische aanvoerders François Hollande en Ségolène Royal, toen die nog een paar vormden. Met hen behoorde hij tot de promotie ‘Voltaire’ van de topambtenarenschool ENA.

Jouyet gold vooral als technocraat – zo was zijn carrière. Toen links in 2002 in Frankrijk de verkiezingen verloor, bleef Jouyet gewoon aan als topambtenaar. Op het ministerie van Financiën, waar hij in 2004 een zekere Nicolas Sarkozy diende.

Bij zijn aanstelling als staatssecretaris van Europese Zaken in mei vorig jaar maakte Jouyet duidelijk dat hij die had aanvaard met een duidelijk doel: werken aan de herstart van de Europese eenwording en zorgen voor een succesvol Frans voorzitterschap.

Ruim een jaar later behoort Jean-Pierre Jouyet tot de bewindslieden met het meest uitgesproken politieke profiel. Een gematigde sociaal-democraat, van het soort dat in Frankrijk zo zeldzaam is. Hij draagt zijn ideeën bovendien met zekere gretigheid uit. Ook op gebieden die niet tot zijn competentie horen. Zo was hij de eerste uit de regering die zich openlijk verzette tegen Sarkozy’s plannen om de publieke tv te hervormen, onder meer door zelf voortaan de directeur ervan te benoemen.

Jouyet nam ook afstand van het strengere immigratiebeleid. Zijn politieke invloed lijkt er niet onder te hebben geleden. Hij krijgt zelfs lof dat hij meer invloed heeft gekregen op Sarkozy’s Europese strategie dan diens speciale adviseur Henri Guaino, een ‘soevereinist’ die in 1992 de campagne tegen het Verdrag van Maastricht opzette en Europa ondergeschikt maakte aan Franse belangen.

Voor Jouyet vallen de Franse en Europese belangen uiteindelijk samen. Als hij moet kiezen tussen het Europese ideaal en Sarkozy, lijkt de keuze voor hem niet moeilijk. In Le Monde opperde hij onlangs dat het na het Europese voorzitterschap tijd is wat anders te gaan doen. De ambtenarij, het bedrijfsleven (zijn echtgenote, telg uit de champagnefamilie Taittinger, leidt een eigen bedrijf), maar ook Brussel behoren volgens hem tot de mogelijkheden.