Sarkozy zet door met nieuw verbond

Het moet het eerste grote succes worden van Sarkozy op het wereldtoneel. Maar al voor zijn Mediterrane Unie bestaat, heeft de Franse president al veel water bij de wijn gedaan.

Dit is het script van Sarkozy voor aanstaande zondag. Om kwart voor zeven komt een zwerm regeringsleiders en staatshoofden tevoorschijn uit het Grand Palais, de kunsttempel bij de Champs Elysées die de Franse regering heeft gereserveerd voor de eerste grote top van zijn voorzitterschap van de Europese Unie.

Ze lachen. Niet alleen de Europese zijn erbij, maar ook Arabische en andere mediterrane leiders (zie hiernaast). Een niet alledaags gezelschap dat laat zien dat Sarkozy iets bijzonders heeft gemaakt van zijn eerste zelf georganiseerde Europese top.

President Sarkozy en zijn Egyptische ambtsgenoot Mubarak geven samen een persconferentie. Zij zijn de co-presidenten van de nieuwe Unie voor het Middellandse Zeegebied. Eén uit het noorden en één uit het zuiden. Evenwichtig. Samen gaan ze de samenwerking rond de ‘navel van de wereld’ nieuw leven in blazen.

De Union pour la Méditerranée moet gelden het eerste succes van Sarkozy als internationaal leider. Niet dat de complexe conflicten en gevoeligheden (rond Israël, in Libanon, tussen Marokko en Algerije) opeens uit de wereld zijn. Maar het is een begin, een signaal, zal Sarkozy onderstrepen. Politieke wil, daar gaat het om, daar moet Europa het van hebben.

Voorzitter Barroso van de Europese Commissie staat naast hen. De nieuwe Unie is de doorstart van het dertien jaar oude Europese samenwerkingsverband met de buurlanden aan de Middellandse Zee, het zogeheten Barcelona-proces. Maar die term – toch al vooral bekend bij insiders – zal vanaf nu in vergetelheid raken. In 2005 waren de meeste leiders uit Noord-Afrika en het Midden-Oosten weggebleven bij de laatste ‘Barcelona-top’, zozeer was het proces gestremd geraakt. De conflicten in het Midden-Oosten, de gebrekkige modernisering en democratisering in de Noord-Afrikaanse landen haalden de vaart eruit.

Maar vanaf nu zullen de leiders van beide kanten elke twee jaar samenkomen. Concrete projecten bespreken. Economische samenwerking opzetten. Waterleidingen bouwen, energiecontracten uitwisselen waardoor Europa minder afhankelijk wordt van Rusland.

Dit scenario lígt klaar in Parijs. De bouwstenen zijn aangeleverd. Over de oprichting van de Unie voor het Middellandse Zeegebied, of, eenvoudig, Mediterrane Unie, zijn de Europese regeringsleiders het in maart al eens geworden. Dat co-presidentschap en die tweejaarlijkse toppen kómen er – zij zijn de belangrijkste vernieuwingen van het Barcelona-proces.

Maar het achterliggende verhaal is minder glorieus. De Mediterrane Unie, zoals zij dit weekeinde gestalte krijgt, kan ook worden gezien als Sarkozy’s eerste grote mislukking op het internationale toneel.

Hij kondigde het project vorig jaar al aan tijdens zijn verkiezingscampagne. In sterk nationaal getoonzette redevoeringen in de Zuid-Franse steden Toulon en Montpellier – geïnspireerd door zijn weinig Europagezinde adviseur Henri Guaino – dook de Mediterrane samenwerking op als historische opdracht voor de oude koloniale macht Frankrijk. Direct na zijn verkiezing in mei 2007 schetste Sarkozy het vergezicht van een Middellandse Zee-Unie naar voorbeeld – en dus ook als mogelijke concurrent – van de Europese Unie

In politieke en diplomatieke kringen was het visionaire vernislaagje er snel afgekrabt. Men begreep dat de Mediterrane Unie bedoeld was om Turkije een alternatief te bieden voor het lidmaatschap van de Europese Unie. Kansloos dus, want dat zou Turkije nooit accepteren.

Enkele maanden later bleek dat het Sarkozy ernst was met zijn project. Vanuit het Marokkaanse Tanger lanceerde hij een oproep aan alle betrokken leiders om „hun krachten te verenigen” voor een Mediterrane Unie. Rond de Middellandse Zee, zei hij, wordt beslist „of de beschavingen elkaar de verschrikkelijkste oorlogen verklaren of niet”.

Vanaf toen ging alles mis. Europa voelde zich gepasseerd – en was ook gepasseerd. Parijs werkte op eigen houtje aan een top in juni in Marseille. De Duitse bondskanselier Merkel, grootbetaler van het Barcelona-proces, wond zich het meest op over de Franse Alleingang in het zuiden. Ze vreesde dat Sarkozy bezig was een centrifuge te bouwen die het hart van Europa uit elkaar zou rijten: Duitsland naar het oosten, Frankrijk naar het zuiden.

Parijs volharde. In februari trok inspirator Guaino naar Berlijn om zijn zaak te bepleiten. Vruchteloos. Topambtenaren in Parijs legden zonder omwegen uit dat Parijs inderdaad het Barcelona-proces opzij wilde schuiven. Europa lette te veel op zaken als democratie en transparant bestuur, daarom was het proces vastgelopen. Natuurlijk mochten alle Europese landen meedoen, „als ze werkelijke belangstelling” hadden voor de Middellandse Zee.

In maart volgde de koude douche. Na waarschuwingen van de Franse diplomaten in Brussel dat Sarkozy op een fiasco afstevende, sloot hij in het begin van de maand een compromis met Merkel, dat een week later door de andere lidstaten werd overgenomen.

De Middellandse Zee-Unie zou niet langer in de plaats komen voor het Europese Barcelona-proces, maar er het vervolg van zijn. Met minimale aanpassingen, en in een nadrukkelijk Europese context. Echec voor Sarkozy. Of tenminste, zoals Le Monde schreef, de les voor de Franse president dat hij zonder Berlijn in Europa geen zaken kan doen.

Maar sommigen menen dat Sarkozy wel degelijk iets heeft bereikt. Volgens Fréderic Allemand, een onderzoeker van de conservatieve denktank Fondation pour l’Innovation Politique, is de Middellandse Zee-Unie voor Sarkozy een proefterrein voor wat hij met Europa wil: nieuwe dynamiek oproepen door te politiseren. In mei zei hij in Polen dat Europa „niet tot leven komt door onbegrijpelijke richtlijnen, maar door politieke ambitie en politieke moed”. Precies in die termen vierde hij in maart in Brussel de Europese overeenstemming over de Middellandse Zee-Unie „Er is een nieuwe politiek wil, een gedeelde analyse.”

De improvisatiegraad is hoog, net als de prijs die Sarkozy ervoor betaalt. Hij heeft geen moeite gespaard om zijn beoogde gasten over te halen mee te werken. De Algerijnse president Bouteflika kreeg vorige maand premier Fillon op bezoek met een pak extra contracten. Het ongemak is groot, ook in eigen land.

Dat de Syrische president Assad en andere weinig democratische leiders op 14 juli, de Franse nationale feestdag, eer wordt bewezen, heeft een eind gemaakt aan de geloofwaardigheid van Sarkozy’s andere belofte: dat hij mensenrechten in het hart van zijn buitenlandse politiek zou plaatsen. Sarkozy’s eigen minister van Buitenlandse Zaken, Bernard Kouchner, bekent in de maag te zitten met de komst van de Syrische president.

En reeks prominenten, onder wie oud-premier Juppé, de ex-premiers Hamrouche (Algerije) en Prodi (Italië), riepen Sarkozy en zijn gasten op om zondag niet alleen bijeen te komen, maar ook de wezenlijke problemen te bespreken: immigratie, economische samenwerking, de conflicten in het Midden-Oosten. En The Economist vraagt zich af of Sarkozy de ‘Club Med’ meer wil laten zijn dat een demonstratie van Franse glorie.