Ouderen uit Diepensee hebben nog heimwee

Nu is het een wijk van Königs Wusterhausen. Elders afgebroken, hier weer opgebouwd. Geofferd aan de vooruitgang, zoals dat heet. Die van de luchtvaart. Maar wel weer met een eigen dorpshuis.

‘Goedemiddag. Is dit het dorp Diepensee?” De man die het vuil naar de container brengt, kijkt verbaasd op.

„Diepensee? Hoe komt u daar nu bij? Daar zijn we al een paar jaar geleden uit weggetrokken. Diepensee is verleden tijd. We horen nu bij Königs Wusterhausen. Je zou kunnen zeggen: dit is het nieuwe Diepensee. We zijn van een dorp een wijk geworden. Maar ik woon hier fijn, hoor.”

Hij heeft het vuil in de container gegooid. We blijven nog even praten. Bewoner Helmut is huisman. Zijn vrouw werkt op het vliegveld – „ja, waar anders?” Hij doet de kinderen, de boodschappen en de was. En is betrekkelijk gelukkig. Een nieuw huis, een nieuwe omgeving en nieuwe perspectieven.

Dit is het verhaal van een verdwenen dorp. Of eigenlijk moet je zeggen: van een dorp dat moest verhuizen. Dat afgebroken is en later in een andere vorm en op een andere plaats – maar voor en door dezelfde mensen – weer is opgebouwd.

Het is het verhaal van een dorpsbestaan en een dorpseconomie getekend door een verleden van feodalisme, oorlog en systeemverandering. Waar rigoureus een streep onder werd gezet met de Umsiedlung, het overbrengen van de bevolking naar elders. Kortom, het verhaal van een Duitse gemeenschap die door de geschiedenis letterlijk op de schop is genomen en de 21ste eeuw in is geparachuteerd.

Diepensee heeft eeuwenlang ten zuidoosten van Berlijn gelegen, nabij Schönefeld in de mark Brandenburg. Het is genoemd naar de man die vermoedelijk de heer en eerste eigenaar van de nederzetting was: Jacob Dypense (rond 1350). In stokoude documenten wordt het Tifense of ook wel Dypensey genoemd.

De geschiedenis van Diepensee staat in grote lijn model voor de geschiedenis van de mark Brandenburg, een in vroeger tijd woest en leeg land dat afwisselend zompig of zanderig was en met veel pijn en moeite moest worden ontgonnen. De keurvorsten en latere koningen van Pruisen hebben daarin een essentiële rol gespeeld.

In de achttiende eeuw, die bepalend is geweest voor de groei en bloei van de Pruisische staat, krijgt Diepensee eindelijk een beetje eigen gezicht. Het boerendorp is eigendom van de adellijke familie Von Schlabrendorf. Diepensee wordt in ambtelijke stukken een ‘riddergoed’ genoemd. Het wordt feodaal bestuurd en moet kennelijk nog weinig hebben van de Pruisische hervormingen die op het gebied van de landbouw in de lucht hangen.

Nadat Diepensee lang eigendom is geweest van diverse Pruisische landjonkers, wordt het eind negentiende eeuw gekocht door de laatste echte grootgrondbezitter: de rijke Karl Wrede, ritmeester buiten dienst, die ook al eigenaar is van het nabijgelegen Schönefeld. En daarmee begint, zij het vertraagd, voor het nog steeds uitsluitend van de landbouw levende dorp „de moeilijke weg naar de moderne tijd”, zoals Wolfgang Rose schrijft, co-auteur van de bundel Diepensee. Ein Dorf siedelt um.

Een kort intermezzo. De huidige wijk Diepensee. Nieuwe huizen, nieuwe straten met namen als Hauptstrasse, An der Koppel en Rottberger Strasse. Het oogt nog een beetje steriel, maar net zoals in het oude dorp beschikt men hier over een eigen dorpshuis, een brandweergarage, een kinderopvang en over het nodige groen voor recreatie. 335 dorpsbewoners en negen bedrijven zijn in 2004 verkast. Heimwee? Een oudere bewoonster zegt stoer: „Natuurlijk. Maar we moeten vooruitkijken.”

Waarom moest Diepensee weg?

Voor de boerenbevolking van het dorp duurt de negentiende eeuw in feite tot 1934. Pas vanaf dat jaar wordt alles anders. De inmiddels bejaarde eigenaar Karl Wrede verkoopt het in 1883 aangeschafte Diepensee samen met Schönefeld voor 2,3 miljoen rijksmark aan de vliegtuigfabrieken Henschel & Sohn AG uit Kassel. In één klap doet de industrialisatie intrede in deze vanouds agrarische gemeenschap.

Adolf Hitler is net aan de macht, en de vraag naar oorlogstuig begint op gang te komen. Henschel heeft ruimte nodig voor zijn grote vliegtuighallen. Die ruimte vindt men hier, in de lege mark Brandenburg. De hoofdstad van het Derde Rijk, Berlijn, is nabij. Diepensee en Schönefeld zijn de ideale locaties voor vliegtuigfabricage en testvluchten.

Het opmerkelijkste is, schrijft Wolfgang Rose in zijn bijdrage aan de bundel over Diepensee, dat Henschel de bestaande feodale verhoudingen intact laat en de boeren in het dorp hun landbouwproducten laat leveren alsof er niets is veranderd. Slecht een enkele dorpsbewoner komt op de loonlijst van Henschel te staan.

In de oorlogsjaren beleeft Diepensee een ware invasie van arbeidskrachten. Tot voorjaar 1945 produceert Henschel in het dorp circa 14.000 vliegtuigen. „Voornamelijk bommenwerpers”, aldus Rose. De arbeiders zijn krijgsgevangenen en mannen die geronseld zijn in de bezette gebieden (Arbeitseinsatz). Zelfs vrouwen afkomstig uit het concentratiekamp Ravensbrück worden bij Henschel gedwongen tewerkgesteld.

Diepensee en de Henschel-fabrieken worden in ’44 en ’45 door de geallieerden gebombardeerd. Maar de schade valt mee. Veel ingrijpender voor het dorp is de stroom Duitse vluchtelingen uit Silezië en Oost-Pruisen vanaf april 1945. De bevolking verdubbelt in omvang. Een aantal trekt verder naar het westen; enkelen blijven, onder wie de Oost-Pruisische Wanda Pahl, die als 13-jarige oorlogsvluchteling in Diepensee belandt en er niet meer weg is gegaan.

Haar aangrijpende levensverhaal vertelde ze aan de journalist Alexander Remler. Hij tekende uit haar mond op dat zij en haar familie bij de boeren in Diepensee moesten bedelen om aan eten te komen. Ze huisden in dezelfde barakken als de dwangarbeiders van Henschel in de oorlog. Pas in 1948 konden ze een eigen huis bouwen.

En dan? Dan komt het communisme. De DDR-tijd begint. De grond komt in handen van de staat. De boeren produceren voor de LPG, de Landwirtschaftliche Produktionsgenossenschaft. Maar één ding is gebleven en wordt zelfs uitgebreid: het vliegveld van Henschel. En daarmee veranderen voorgoed de lotsbestemmingen van Diepensee en nabijgelegen dorpen als Schönefeld en Selchow.

Want het vliegveld wordt allesoverheersend. Ook de arbeiders- en boerenstaat blijkt de potentie van het vliegverkeer te onderkennen. Flughafen Schönefeld, zoals het voormalige start- en landingsbaantje van Henschel nu heet, is een prestigeobject van de socialistische autoriteiten. Hier houdt de staatsluchtvaartmaatschappij Interflug kantoor, hier stijgen Toepolevs, Antonovs en andere toestellen van Sovjetmakelij op, met bestemmingen Moskou, Oost-Europa, Cuba, Volksrepubliek China.

De economie van de regio, eeuwenlang op de landbouw georiënteerd, verandert ingrijpend. Het is de luchthaven die de dienst begint uit te maken – en dat zal nog lang zo blijven.

De rest van het verhaal is snel verteld. Het IJzeren Gordijn houdt op te bestaan. Diepensee belandt begin jaren ’90 korte tijd in een zwart gat als de staat is weggevallen en de vrijemarkteconomie het dorp nog geen nieuwe impuls heeft gegeven. Maar dat duurt niet lang. In de tweede helft van de jaren negentig ontvouwen Berlijn en de deelstaat Brandenburg grootse ambities. Vliegveld Schönefeld moet dé luchthaven van de regio worden. Werknaam: Berlin Brandenburg International. Werkgebied: Berlijn, Noordoost-Duitsland, Oost-Europa en verder. Voor dit deel van Oost-Duitsland is de 21ste eeuw begonnen.

Grote en ingrijpende terreinuitbreidingen zijn voorzien, voor terminals, bedrijven en parkeerplaatsen. Een paar jaar later wordt er al gebouwd – en blijkt Diepensee in de weg te liggen.

Het dorp moet van de kaart. Niemand vindt het leuk, maar uiteindelijk komen de bulldozers. De dorpsbewoners hebben dan al een nieuwe plek voor hun dorp gevonden: iets ten noorden van Deutsch Wusterhausen, dat bij het stadje Königs Wusterhausen hoort. In 2004 is de dorpsverhuizing, een van de grootste ooit in Duitsland. In totaal is er 75 miljoen euro voor uitgetrokken.

Diepensee als dorp bestaat niet meer. De herinnering begint bij de jongere bewoners al te vervagen. Ze zijn blij met hun nieuwe woning, maar ze zijn vooral blij met het werk en de kansen die de luchthaven-in-wording hun biedt. Vandaag is de bouw van een nieuwe passagiersterminal officieel begonnen.

Berlin Brandenburg International moet een bron van werkgelegenheid worden. De streek leeft dadelijk niet meer van het land, maar van de lucht.

Bronnen: Historisches Ortslexikon für Brandenburg, door Lieselott Enders en Margot Beck; Die Territorien der Mark Brandenburg: Geschichte des Kreises Teltow, door Ernst Fidicin; Diepensee. Ein Dorf siedelt um, onder redactie van Udo Haase en Michael Pilz; Wanderungen durch die Mark Brandenburg, door Theodor Fontane.

Zie voor vorige afleveringen van de zomerserie over de economie van het dorp: nrc.nl/economie