De argeloze façade van een schrikbewind

Op Duitse rommelmarkten duiken steeds vaker foto’s uit de Tweede Wereldoorlog op.

Ooggetuigen sterven uit en nabestaanden zeggen: weg met die rotzooi !

De rommelmarkt aan de achterkant van het Berlijnse Ostbahnhof, een verzamelplaats voor zwervers, dronkaards en minderbedeelden, geeft zijn geheimen pas na goed zoeken prijs. Maar dan is het ook raak.

Aan het eind van de markt staat een koopman met memorabilia uit de Tweede Wereldoorlog. De onvermijdelijke Stahlhelm, de oorlogsonderscheiding IJzeren Kruis, ponjaards en uniformstukken. Op een apart tafeltje liggen een oorkonde en een fotoalbum.

Op de originele oorkonde staat: „Im Namen des Führers und des obersten Befehlhabers der Wehrmacht ist dem Obergefreiten Walter Wettig 14. (Pz. Jäg.) Kp. Gren. Rgt. 29 am 12. August 1943 die Medaille Winterschlacht im Osten 1941/1942 (‘Ostmedaille’) verleihen worden”. Klein maar indringend nieuws van het Oostfront. De prijs? 275 Euro.Het fotoalbum is een boekwerk van 30 pagina’s met kiekjes van een Wehrmachtofficier. Het is vrijwel compleet en laat in zwart-witbeelden een ogenschijnlijk vreedzame veldtocht in Polen zien. Niet onderhandelbare prijs: 350 euro.

In september vorig jaar baarde een net ontdekt fotoalbum over kampbewaarders van Auschwitz opzien. Het bleek eigendom te zijn geweest van de SS’er Karl Höcker, en werd door een anonieme schenker opgestuurd naar het Holocaust Memorial Museum in Washington. Dat maakte de vondst wereldkundig. Wat opvalt op die foto’s is de alledaagsheid. „Je zou zeggen: een schoolreisje”, schreef deze krant. De werkelijkheid achter de vakantiekiekjes was verschrikkelijk.

Foto’s van SS’ers en Auschwitz waren op de rommelmarkt achter Ostbahnhof niet zo gauw te vinden – maar de vele kiekjes van Wehrmachtsoldaten vertellen eenzelfde verhaal als het Höckner-album.

Historisch onderzoek heeft aangetoond dat niet alleen de SS, maar ook Duitse Wehrmachtsoldaten betrokken waren bij nazi-oorlogsmisdaden, met name aan het Oostfront. Maar wie de foto’s bekijkt van de Wehrmachtsoldaten, wordt getuige van dezelfde alledaagsheid die zo treffend is in het album van de SS’er Höckner.

Militairen blikken argeloos, meestal een beetje vrolijk en soms zelfs trots in de camera. Wehrmachtsoldaten lopen door een compleet verwoeste omgeving alsof het heel gewoon is. Bij een kamp wordt in de sneeuw de wacht overgedragen. Niets bijzonders, en toch huivert de toeschouwer.

De meeste foto’s hebben aan de achterkant een met vulpen of potlood geschreven toelichting. Wat staat er zoal achterop de kiekjes?

Bij een groep van ruim twintig soldaten: ‘Ter herinnering aan de mooie tijd in Karjanskaja (Kaukasus). Staf voltallig’.

Bij een portret van een soldaat: ‘Ter herinnering aan mijn lieve Franz. Münster, augustus 1944’.

Bij een genoeglijk tafereel van acht militairen aan tafel, met één vrouw in hun midden: ‘Zondagskoffie in de kantine’.

De koopman vertelt dat het aanbod van fotoalbums uit de Tweede Wereldoorlog tegenwoordig groter is dan vroeger. „De generatie soldaten die het allemaal heeft meegemaakt, sterft uit. De familie zit met die albums en denkt: wat moeten we met die rotzooi van opa? Ze willen meestal niets meer met het verleden te maken hebben. Bij ontruimingen kijk ik altijd het eerste naar de albums. Je kunt er goed geld mee verdienen.”

De vondst van een nieuw Höcker-album is slechts een kwestie van tijd.