Na Abitur naar Holland

Het aantal Duitsers dat in Nederland studeert neemt elk jaar toe. Aan de Radboud Universiteit volgen ze een verplichte taalcursus. „Alles is hier beter georganiseerd.”

Jan-Philip van Acker uit Oberhausen stampt in hoog tempo Nederlandse woordjes. Vier weken heeft hij om de taal van zijn westerburen zo goed onder de knie te krijgen dat hij in september kan beginnen met zijn studie kunstmatige intelligentie aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. Makkelijk vindt Jan-Philip het niet, maar na acht dagen spreekt hij vlot Nederlands. „Ik heb al 1.500 woordjes uit mijn hoofd geleerd.”

Net als twaalf andere leerlingen uit zijn klas koos Jan-Philip na zijn Abitur, het Duitse eindexamen, voor een Nederlandse universiteit. Speciaal voor aankomende Duitse studenten organiseert de Radboud Universiteit een taalcursus. In groepjes van twintig krijgen ze les. Vanaf dag één is de voertaal Nederlands.

Ze hebben de intensieve cursus en het verplichte examen graag over voor een plek in Nijmegen. Velen kunnen in Duitsland niet terecht voor hun gewenste studie. „In Duitsland is de toelating tot goede universiteiten heel zwaar”, zegt Rasmus Bruckner. Hij wil psychologie studeren, maar is in eigen land op een wachtlijst gestuit. Hij moet in Duitsland nog jaren wachten.

De Duitsers zijn vol lof over de Nederlandse universiteit. „Ik kom hier, omdat de kwaliteit in Nijmegen groter is dan aan de Duitse universiteiten. Alles is hier beter georganiseerd en je bent veel sneller klaar met je studie”, zegt Katja Becker, die biologie gaat studeren. Alex Alechin, die meeloot voor een Nederlandse studie geneeskunde, valt voor de informele sfeer. „Je kunt de professoren hier gewoon met ‘je’ aanspreken, ze zijn ook veel toegankelijker, dat maakt het studeren een stuk fijner. En de campus is mooi, de gebouwen zijn moderner en schoner dan in Duitsland.” Katrinn Edelmann vindt het niet erg dat ze in Nederland minder vakantie zal hebben dan in Duitsland. „Voor psychologie is Nijmegen de beste universiteit.” Ooit was ze een paar maanden au pair in Enschede. Ze besloot in Nederland te blijven. „Ik vind het zo leuk hier.”

De Duitse studentenpopulatie op de Radboudcampus groeit ieder jaar. Studeerden er in 2003 nog 270 Duitsers aan de Nijmeegse universiteit, in het afgelopen studiejaar stonden er ruim 700 ingeschreven. Dit jaar beginnen naar schatting 320 Duitsers in Nijmegen. „De Duitsers komen!” is de titel van het julinummer van universiteitsmagazine Vox.

Vervolg Studenten: pagina 3

‘Überstudenten’ scoren hoger

De Duitse studenten, vaak afkomstig uit het aangrenzende Bondsland Noordrijn-Westfalen, hebben een goede reputatie. Ze leren de taal snel, maken Nederlandse vrienden en zijn serieuze studenten. „Überstudenten”, noemt Vox ze. De Duitser is „ambitieus. Gedreven. Maakt stipt opdrachten, leest alle papers en mist geen enkel college.”

Duitse studenten in Nederland zijn geen nieuw fenomeen, zeker niet vlakbij de grens, zoals in Groningen, Maastricht, Enschede en Nijmegen. Psychologie, waarop in Duitsland een strenge numerus fixus staat, trekt al jaren oosterburen. De vier universiteiten zagen het aantal Duitse inschrijvingen de afgelopen jaren verveelvoudigen. Maastricht loopt voorop. In 2003 studeerden er nog 1.085 Duitse studenten, in 2007 waren het er 3.175. Inmiddels is meer dan een kwart van alle studenten in Maastricht Duits.

Volgens recente cijfers van het Nuffic, de organisatie voor internationale samenwerking in het hoger onderwijs, geldt de aantrekkingskracht van Nederland voor het hele hoger onderwijs. Het afgelopen studiejaar stonden er 15.956 Duitsers ingeschreven aan Nederlandse universiteiten en hogescholen, tegen 6.574 vijf jaar eerder.

Dat is ook in Duitsland niet onopgemerkt gebleven. Volgens Die Zeit is Nederland inmiddels de eerste buitenlandse bestemming voor Duitsers, nog vóór de VS, Frankrijk en Groot-Brittannië. „Denn das Gute liegt so nah”, schreef het weekblad in februari. „Duitse studenten vinden studeren in Nederland aantrekkelijk. Daar vinden ze wat ze in Duitsland missen.”

Duitse universiteiten zijn overvol en kennen strenge toelatingseisen. Friso Wielenga, directeur van het Zentrum für Niederlande-Studien in Münster: „De Duitsers zijn traag met het invoeren van het bachelor/master-systeem, er is geen overzicht meer. Daarnaast bestaat er een slechte student-staf ratio. Een massa-universiteit met 40.000 studenten is er geen uitzondering. Studenten krijgen daardoor nauwelijks begeleiding.” Ter vergelijking: de grootste Nederlandse universiteit, die van Utrecht, telt 29.000 studenten.

Maar het niveau is niet slecht, zegt Wielenga. „In Duitsland, waar studies langer duren en de studenten later beginnen, ligt het niveau juist hoger. Je ziet ook een verschil in academische houding van studenten. De Duitse studenten hebben meer algemene kennis, ze drukken zich beter uit en zijn over het algemeen zelfstandiger.”

De Duitsers worden geroemd om hun goede prestaties. In Nijmegen scoren eerstejaars gemiddeld een studiepunt hoger dan Nederlanders. „Dat is knap als je bedenkt dat ze het jaar beginnen met een taalachterstand”, zegt Judith Arns, die voor de Radboud Universiteit Duitsers werft. Volgens haar en ook Jo Ritzen, bestuursvoorzitter van de Universiteit Maastricht, komt dit omdat alleen de meest gemotiveerde studenten zich inschrijven. Ritzen: „Het zijn de studenten die al een extra stap hebben gezet door naar het buitenland te gaan.”