‘Kaas’ van Dick Matena tegen Vlaamse muur

De gevel van een biblio-theek in Antwerpen werd opgesierd met de in reuzen-

formaat nageschilderde cover van de beeldroman Kaas van Dick Matena.

Een honderdtal mensen staat in de Sint-Pieter en Paulusstraat, op een steenworp van de Onze-Lieve-Vrouwenkathedraal. Waarom al die mensen hier staan, is eigenlijk niet duidelijk. Totdat je de blik omhoog wendt, naar de gevel van de Hendrik Conscience-bibliotheek. Dan zie je ineens een striptekening van vijftig vierkante meter, getekend door Dick Matena, Nederlands striptekenaar. „Ik liep er net, op weg hier naartoe, zó langs”, vertelt een bezoeker.

Die subtiele integratie in het Antwerpse stadsbeeld is precies de bedoeling, vertelt Johan Bijttebier, een van de initiatiefnemers van de stripmuur, „Antwerpen is een stad met prachtige gebouwen en evenzoveel onooglijke muurtjes. Die willen we mooier maken.”

‘We’ dat is ‘Muurvast’, de club die ervoor zorgde dat gistermiddag de zesde Antwerpse stripmuur kon worden ingewijd. De afbeelding is het omslagbeeld van de beeldroman Kaas. Tekenaar Matena verwerkte in die strip de integrale tekst van de novelle van de Antwerpse schrijver Willem Elsschot. We zien hoofdpersoon Frans Laarmans met een flinke tas kazen door Antwerpen lopen. Maar eigenlijk is het Elsschot zelf, want bij het verbeelden van Laarmans baseerde Matena zich op portretten van de schrijver.

Het was aan de muurschilders David Vandegeerde en Georges Oreopoulos van het bedrijfje Art Mural om, in samenspraak met Matena, de vertaalslag te maken van het omslag naar een muurschildering. „Dat was niet eenvoudig”, vertelt Vandegeerde. „De omslagtekening is laag en breed, de muur van de bibliotheek hoog en smal.” De schilders pasten de compositie zo aan dat de hoogte van de muur vol werd benut. Vandegeerde: „Gelukkig wilde Matena nog wat meeuwen tekenen, zodat de lucht niet saai werd.”

Toen de afbeelding de juiste verhouding had, kwam de computer eraan te pas. „Vroeger projecteerden we een dia op de muur, maar tegenwoordig maken we een print op ware grootte”, aldus Vandegeerde. Nadat de print, waar alleen de lijnen op te zien zijn, op de muur is geplakt, wordt de lijntekening overgebracht op de muur. Dat gebeurt door langs alle lijnen gaatjes te prikken en in de gaatjes wat verf te tamponneren. Vandegeerde: „Als we het papier dan verwijderen, staat de lijntekening heel lichtjes op de muur.”

Het moeilijkste deel van het project was om de techniek van Matena, aquarel, zo goed mogelijk na te bootsen. „En dat is ze wonderwel gelukt”, zegt Matena in zijn dankwoord. „Toen ik de schildering voor het eerst zag, sloeg ik bijna achterover van verbazing.”

De stripmuur lijkt de laatste jaren aan een opmars bezig te zijn. Het fenomeen ontstond enkele decennia terug in Lyon, met muren van de Nederlandse tekenaars Joost Swarte en Ever Meulen. De Franse stad Angoulème, waar jaarlijks de grootste stripbeurs ter wereld wordt gehouden, volgde. Daarna kwam Brussel, van oudsher een centrum van beeldcultuur, waar nu al tientallen muren zijn beschilderd. Antwerpen heeft nu zes stripmuren, onder meer van Suske & Wiske-tekenaar Willy Vandersteen en van Cordelia-tekenaar Ilah, in het centrum. „De komende jaren zullen er meer volgen, voor een deel in de buitenwijken”, vertelt Lin Torfs van ‘Muurvast’.

Is het inmiddels geen tijd voor een stripmuur in Nederland? Dick Matena: „Er wordt onderzocht of er in Amsterdam een stripmuur aan Kees de jongen kan worden gewijd. Dat zou geweldig zijn.”